Der Räuber Hotzenplotz (1974)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Der Räuber Hotzenplotz
Regie Gustav Ehmck
Productie-
maatschappij
Ehmck-Film GmbH (Gustav Ehmck),
ZDF
Hoofdrollen Gert Fröbe, Lina Carstens, Rainer Basedow, David Friedmann, Gerhard Acktun, Josef Meinrad, Nina Ehmck, Wally Demianiak
Muziek Peer Raben, Eugen Thomass
Montage Wolfgang Schacht
Cinematografie Hubertus Hagen
Distributie Gustav Ehmck
Première 8 maart 1974
Genre jeugdfilm, komedie, fantasy
Speelduur 114 min.
Taal Duits
Land Bondsrepubliek Duitsland
Vervolg Neues vom Räuber Hotzenplotz
Remake Der Räuber Hotzenplotz (2006)
(en) IMDb-profiel
MovieMeter-profiel
Portaal  Portaalicoon   Film

Der Räuber Hotzenplotz is een Duitse komische kinderfilm uit 1974, gebaseerd op het gelijknamige boek van Otfried Preußler dat twaalf jaar eerder was verschenen. Het verhaal draait om een slimme rover genaamd Hotzenplotz, die het plaatsje Eschenbach terroriseert. Hotzenplotz weet steeds uit handen van de politie te blijven, tot hij uiteindelijk op een andere, bizarre manier toch wordt gepakt.

Verhaal[bewerken]

Leeswaarschuwing: Onderstaande tekst bevat details over de inhoud en/of de afloop van het verhaal.

Agent Dimpfelmoser roept voortdurend dat hij Hotzenplotz nu snel te pakken zal krijgen, terwijl de rover er in de tussentijd in slaagt om nota bene waar de agent bij is een maaltijd te stelen. Op een dag berooft Hotzenplotz Kasperls grootmoeder van haar geliefde handkoffiemolen, die dankzij een uitvinding van Kasperls vriend Seppel Alles neu macht der Mai kan spelen. De twee vrienden besluiten nu de schuilplaats van de rover zelf op te sporen en verzinnen een list: ze vullen een houten kist met wit zand en schrijven op de kist dat er goud in zit, waarna ze met de kist het bos in gaan. Ze boren een gat in de kist zodat het lekkende zand een spoor achterlaat. Al spoedig verschijnt Hotzenplotz en hij neemt de kist mee, waarna Kasperl en Seppel hem volgen. Doordat de twee vrienden erg stuntelig te werk gaan slaagt de rover erin hen te vangen. De twee hebben intussen hun hoofddeksels verruild, zodat Hotzenplotz Kasperl voor Seppel aanziet en andersom. Hotzenplotz verbrandt de puntmuts van Kasperl. Hij besluit Seppel (die hij dus voor Kasperl houdt) zelf te houden als gevangene, en Kasperl (van wie hij dus denkt dat het Seppel is) als slaaf te verkopen aan de kwaadaardige tovenaar Petrosilius Zwackelmann, die met zijn tovermacht het bos en de omgeving beheerst. Tegen de tovenaar zegt Hotzenplotz dat het knechtje dat hij bij zich heeft Seppel heet. Hotzenplotz krijgt in ruil voor het knechtje een zak snuiftabak van de tovenaar. Hij gaat het dorp weer in om verder te roven.

Het enige wat Zwackelmann ondanks zijn toverkracht niet kan is zelf aardappels schillen; daarom moet Kasperl dit nu doen. 's Nacht probeert Kasperl uit het kasteel te vluchten, maar hij wordt door een magisch hek tegengehouden. De volgende dag gaat de tovenaar naar een verjaardagsfeest, waarna Kasperl die nu alleen in het kasteel is alles gaat verkennen. Hij komt in een ondergrondse ruimte met een poel. Hierin zit een sprekende pad die in werkelijkheid de fee Amyrillis is, zij is zeven jaar eerder door Zwackelmann betoverd. Als Kasperl erin slaagt om een toverkruid dat ergens op de heide groeit te vinden, kan hij de betovering verbreken. Hiervoor moet hij de hoed die hij op heeft (in werkelijkheid dus die van Seppel) in het kasteel achterlaten. Als Zwackelmann thuiskomt probeert hij met behulp van de hoed Kasperl terug te toveren in het kasteel, maar dan verschijnt Seppel die immers de werkelijke eigenaar van de hoed is. Kasperl kan niet worden teruggetoverd aangezien Hotzenplotz de muts van Kasperl heeft verbrand. Als de tovenaar begrijpt hoe alles in elkaar zit, is hij woedend. Hij tovert ook Hotzenplotz in zijn kasteel en verandert hem voor straf in een goudvink, waarna hij hem opsluit in een vogelkooi. Hij zet Seppel aan het aardappels schillen en besluit zelf Kasperl terug te vinden. Kasperl heeft het kruid intussen gevonden. Als Kasperl even later weer bij de poel is, is ook de tovenaar ineens ter plekke. Net op tijd raakt Kasperl met het kruid de pad aan, die daardoor weer in de fee Amaryllis verandert. De macht van de tovenaar is nu ten einde, hij valt zelf in de poel en sterft.

Uit dankbaarheid vervult Amaryllis drie wensen van Kasperl en Seppel. Ze wensen de koffiemolen die zich nog in Hotzenplotz' schuilplaats bevindt terug. Voor Kasperl wensen ze een nieuwe muts. Ten slotte toveren ze als ze op het politiebureau zijn Hotzenplotz weer terug in een gewoon mens, zodat de rover nu ter plekke kan worden gearresteerd.

Cast[bewerken]

Productie[bewerken]

De film werd deels opgenomen in Wolframs-Eschenbach (in de film zelf wordt gesproken van Eschenbach) en deels in Merkendorf. Enkele bewoners van deze plaatsen kregen een bijrol in de film. Voor de scènes bij het tovenaarskasteel werd Schloss Altenmuhr (in Muhr am See) gebruikt.

Verschillende scènes worden muzikaal begeleid door de Münchner Songgruppe, die tevens de verhaallijnen van commentaar voorzien. Hierdoor heeft de film ook enigszins het karakter van een musical.

Ontvangst[bewerken]

De reacties op de film waren gemengd. De ruimschoots aanwezige humor en charme evenals het acteerwerk van met name Fröbe, Carstens en Meinrad werden over het algemeen erg positief gewaardeerd, maar de enscenering werd veelal fantasieloos en oninspirerend gevonden.

Varia[bewerken]

Kasper(l) en Sepp(e)l zijn twee klassieke figuren uit het Duitse poppentheater. De figuur van Kasperl komt min of meer overeen met Jan Klaassen.

Externe links[bewerken]