Dick Binnendijk

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Dirk Adrianus Michel (Dick) Binnendijk (Leiden, 12 oktober 1902Amsterdam, 1 juni 1984), publicerend als D.A.M. Binnendijk en soms onder het pseudoniem Dirk Nolting, was een Nederlandse leraar, dichter en literair criticus.

Leven en werk[bewerken]

Binnendijk groeide op in Zutphen, waar hij het gymnasium doorliep. Van 1921 tot 1928 studeerde hij geschiedenis en Nederlands aan de Gemeente Universiteit in Amsterdam. Daar raakte hij bevriend met zijn jaargenoot Menno ter Braak en kwam hij in contact met veel jonge schrijvers uit die tijd. Binnendijk was verbonden aan Propria Cures, was mederedacteur van het literair tijdschrift De Vrije Bladen (1926-1931), was kunstredacteur bij De Telegraaf (1927) en schreef voor het blad Rythme (1927-1928).

Hij ging in 1928 als docent Nederlands werken op Het Baarnsch Lyceum en daarna in Amsterdam aan het Vossius Gymnasium (1931-1941) en het Barlaeus Gymnasium (1941-1945). Onder zijn leerlingen op het Vossius waren David Koker, H.A. Gomperts, Hanny Michaelis en de broers Karel en Gerard van het Reve. In die periode publiceerde hij meerdere dichtbundels en schreef hij poëziekritieken in de Nieuwe Rotterdamsche Courant.

D.A.M. Binnendijk speelde met Martinus Nijhoff een belangrijke rol in de 'vorm of vent'-discussies, waarbij hij tegen Ter Braak en E. du Perron de autonome positie verdedigde van het kunstwerk, dat volgens hem losstaat van de persoon van de auteur. Ter Braak viel zijn opvattingen aan in een befaamd geworden artikel "Prisma of dogma", dat een reactie was op de bloemlezing Prisma die Binnendijk in 1930 had samengesteld. Daarin had hij 'vormkracht' gebruikt als selectiecriterium. Ter Braak bracht daartegen in dat er geen onderscheid meer kon zijn tussen eerste- en tweederangs poëzie als vormkracht werd gesteld boven persoonlijkheid en oorspronkelijkheid. Het leidde tot een tijdelijke verwijdering tussen de vrienden Binnendijk en Ter Braak.

Na de Tweede Wereldoorlog werd Binnendijk hoofd van de afdeling kunstzaken van de gemeente Amsterdam. Zijn eigen creatieve werk kwam toen enigszins op het tweede plan. Wel zat hij in de redactie van Kroniek van Kunst en Kultuur (1949-1966).

Binnendijk had vanaf 1924 een langdurige relatie met de schrijfster en critica Emmy van Lokhorst. Hij huwde in 1929 met Magdalena Geertruida "Leny" Paauw (1900-1996), die in hun literaire vriendenkring bekendstond als "Enny", en had een stiefzoon.

Hanny Michaelis, beschrijft uitvoerig en diepgaand haar relatie tot Binnendijk in haar dagboeken, postuum uitgegeven in 2016/2017 als Lenteloos voorjaar (1940-1942) en De wereld waar ik buiten sta (1942-1945).

Bibliografie[bewerken]

  • Het andere land (1930)
  • Prisma. Bloemlezing uit de Nederlandsche poëzie na 1918 (1930)
  • Onvoltooid verleden (1936)
  • Zin en tegenzin (1939)
  • Tekst en uitleg. Deel 1 (1941)
  • Tekst en uitleg. Deel 2 (1942)
  • Een protest tegen den tijd (1945)
  • Oog in oog (1946)
  • Tekst en uitleg. Deel 3 (1946)
  • Forma formans (1947)
  • Randschrift (1951)
  • Menno ter Braak (1961)
  • Ed. Hoornik (1973)

Externe links[bewerken]