Dirk van Are

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Dirk van Are (gestorven in Deventer, 5 december 1212) was proost van het kapittel van Sint-Servaas in Maastricht van ca. 1190 tot 1198 en bisschop van Utrecht van 1197 tot 1212.

Dirk van Are stamde uit de Duitse adellijke familie Van Are Hochstaden. Hij was een neef van Lotharius van Hochstaden, die vóór hem onder andere proost in Maastricht en Deventer geweest was.

Vanaf ca. 1190 was hij proost van het Sint-Servaaskapittel in Maastricht en enkele jaren later werd hij aartsdiaken van het bisdom Luik. Ten tijde van zijn benoeming tot bisschop van Utrecht in 1197, verbleef hij aan het hof van keizer Hendrik VI in Palermo. Omdat het bisdom Utrecht grote schulden had bij Romeinse bankiers, werd hij in 1204 door paus Innocentius III aangespoord deel te nemen aan de Loonse opvolgingsstrijd aan de zijde van Lodewijk II van Loon tegen Willem I van Holland, in de hoop dat dit geldelijke middelen zou opleveren. Dirk sloot een ruilovereenkomst met het graafschap Holland, waardoor al zijn ministerialen en serven die op Hollands grondgebied woonden aan Holland werden geschonken en alle ministerialen en serven van de graaf van Holland die op Stichts grondgebied woonden aan de bisschop kwamen. Ridders waren van de overeenkomst uitgesloten en bleven verbonden aan hun oorspronkelijke dienstheer. In de opvolgingsstrijd in Duitsland werd hij door de paus gedwongen tot steun aan Otto IV.

Dirk van Are was een man van grote voorzichtigheid en genoot de gunst en vriendschap van keizer Hendrik VI en diens broer Filips van Zwaben. Als geestelijk leider maakte hij zich verdienstelijk door het stichten van nieuwe parochies en het begunstigen van kloosters. In 1209 kondigde hij synodale statuten af.

Voorganger:
Lotharius van Hochstaden
Proost van het Sint-Servaaskapittel te Maastricht
Ca. 1190 - 1198
Opvolger:
Hendrik van Leuven
Voorganger:
Dirk I (van Holland)
Utrecht-bisdom.PNG Bisschop van Utrecht
1197-1212
Opvolger:
Otto I (van Gelre)