Duitse militaire begraafplaats in Ysselsteyn

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Duitse militaire begraafplaats in Ysselsteyn
Overzicht van de graven op de Duitse militaire begraafplaats te Ysselsteyn
Overzicht van de graven op de Duitse militaire begraafplaats te Ysselsteyn
Voor voornamelijk Duitsers die zijn omgekomen in de strijd om Nederland
Bouwjaar 1946
Inhuldiging 1946
Locatie Ysselsteyn, Nederland
Totaal aantal slachtoffers 31.598
Ongeïdentificeerde slachtoffers 6.000
Verantwoordelijke Volksbund Deutsche Kriegsgräberfürsorge
Slachtoffers per oorlog
Eerste Wereldoorlog:     85 gesneuvelden
Tweede Wereldoorlog:  31.513 gesneuvelden

De Duitse militaire begraafplaats aan de Timmermannsweg 75 in Ysselsteyn (Limburg) is met 31.598 doden de grootste militaire begraafplaats in Nederland. Het is ook de enige Duitse militaire begraafplaats in Nederland. Er liggen voornamelijk omgekomen Duitse militairen van de Tweede Wereldoorlog begraven. Ook liggen er Nederlanders die in Duitse krijgsdienst (met name de SS) zijn gesneuveld.

De begraafplaats[bewerken]

In totaal liggen er 31.598[1] Duitse soldaten begraven, waarvan de overgrote meerderheid is gesneuveld in de Tweede Wereldoorlog. Er liggen ook 87 soldaten die tijdens de Eerste Wereldoorlog zijn gesneuveld (Duitse gesneuvelden uit de Eerste Wereldoorlog liggen ook nog in Rotterdam (Crooswijk), Weert, IJmuiden en op Schiermonnikoog; tien gesneuvelden uit de Tweede Wereldoorlog liggen in Vorden). Ongeveer 6000 soldaten zijn ongeïdentificeerd.

Naast Duitse soldaten liggen er ook Polen, Nederlanders en Russen begraven die hebben gediend in de Duitse strijdkrachten.

Eveneens zijn hier graven te vinden van overleden mannen, vrouwen en kinderen uit Kamp Vught, het Duitse concentratiekamp nabij 's-Hertogenbosch dat vanaf september 1944 als interneringskamp voor Duitsers, collaborateurs en oorlogsmisdadigers werd gebruikt.

De oudste dode was 80 jaar oud, de jongste één dag.

In het bezoekersgebouw, links van de toegangsweg, liggen namenlijsten ter inzage.

Er vindt jaarlijks een herdenkingsplechtigheid plaats in november, op Volkstrauertag. De begraafplaats trekt jaarlijks rond de 25.000 bezoekers.

Historie[bewerken]

De begraafplaats werd in 1946 aangelegd door de Nederlandse gravendienst, om de Duitse gesneuvelden een mooie, goed onderhouden laatste rustplaats te geven. Graven van Duitse soldaten lagen toen nog door heel Nederland verspreid, van Maastricht tot Ameland. Zo liggen er 1700 gesneuvelden uit het gebied rond Arnhem en zijn er ongeveer 3000 doden overgebracht van de Amerikaanse Begraafplaats Margraten. De herbegravingen begonnen op 15 oktober 1946. De eerste die in Ysselsteyn werd begraven was Unteroffizier Johann Siegel.

De gravendienst heeft vanaf 1950 van 7330 onbekenden de identiteit kunnen vaststellen, in samenwerking met de Volksbund Deutsche Kriegsgräberfürsorge en de Duitse Dienststelle in Berlijn. Dit heeft enkele jaren (ten minste t/m 1968) geduurd.

Kapitein Lodewijk Johannes Timmermans beheerde de begraafplaats van 1948 tot 1976. Hij gold als "vader van soldatenbegraafplaats Ysselsteyn". Na zijn overlijden in 1995 is hij conform zijn laatste wens gecremeerd en zijn as is over de begraafplaats uitgestrooid. Er staat een gedenksteen voor hem nabij het centrale plein.

Deze begraafplaats wordt sinds 1 november 1976 door de Volksbund onderhouden. Tussen mei 1977 en oktober 1981 werden nieuwe grafkruisen geplaatst door soldaten van de Bundeswehr. In 1982/1983 werden de centrale gedenkplaats en de kameradengraven vernieuwd.

Algemene opzet[bewerken]

De grootte van de militaire begraafplaats is ongeveer 28 hectare. Het gebied waar de graven liggen bestaat uit 106 blokken met twaalf rijen van telkens 25 graven. Eromheen bevindt zich aan alle zijden een bos. Er loopt een 800 meter lange weg over de begraafplaats.

Het gedenkteken[bewerken]

Het gedenkteken vormt het middelpunt van de begraafplaats. Het is een betonnen kruis met een natuurstenen mantel. Er staan korte grafzuilen van natuursteen omheen. Bij het kruis bevindt zich een steen met de tekst: "Auf diesem Friedhof ruhen 31585 deutsche Soldaten".

Vlak bij de gedenkplaats is een beiaard van 25 klokken, die in vijf staalconstructies hangen. Deze beiaard is 4 meter hoog. Hij is gebouwd op initiatief van familieleden van gevallenen.

De graven[bewerken]

Een graf van een ongeïdentificeerde soldaat.

In totaal liggen stoffelijke resten van 31.585 soldaten begraven, van wie veruit de meeste zijn gesneuveld in de Tweede Wereldoorlog. De grafstenen hebben allemaal de vorm van een Latijns Kruis, ongeacht welk geloof de gesneuvelde aanhing. De grafstenen zijn grijs van kleur en gemaakt van beton.

Op de grafstenen staan de naam, grafligging, geboorte- en sterfdatum en de rang (indien bekend) met witte kleur vermeld. In tegenstelling tot oorlogsgraven van andere nationaliteiten staat er op deze Duitse graven geen regiment of legeronderdeel. Hier is bewust voor gekozen vanwege de negatieve naam die sommige onderdelen van het Duitse leger hebben. Al bij de aanleg wilde men zowel de vernieling als de verheerlijking van sommige graven verhinderen. De grafstenen van ongeïdentificeerde soldaten dragen allemaal dezelfde tekst: "ein deutscher soldat".

Direct bij de ingang van de begraafplaats bevindt zich aan de linkerkant een sarcofaag uit muschelkalk, opgericht in 1937 door de Volksbund als gedenkteken ter nagedachtenis aan de overleden soldaten in de Eerste Wereldoorlog. Onder de sarcofaag liggen dertien soldaten; hun namen staan er op vermeld. Daar omheen liggen 74 graven; allen kwamen om in de strijd in de Eerste Wereldoorlog. Ze zijn onder andere uit Maastricht hiernaartoe overgebracht.

Op een strook links en rechts van de centrale gedenkplaats ligt een aantal gemeenschappelijke graven, de zogenaamde "kameradengraven".

Japanse notenboom[bewerken]

Op 8 mei 1995 werd in de buurt van de ingang van de militaire begraafplaats, naar aanleiding van de herdenking van het eind van de Tweede Wereldoorlog, een Japanse notenboom geplant. Deze boom is een teken van hoop. Deze boomsoort begon namelijk, na de atoombomaanvallen op Hiroshima en Nagasaki in 1945, als eerste weer te bloeien. Na ongeveer een jaar droeg hij weer groene bladeren. Daarom is hij een teken geworden van hoop op vrede in een betere wereld.

Een Japanse notenboom als symbool van hoop.

Zie ook[bewerken]

Literatuur[bewerken]

  • Doeke J. Oostra (2009): Gesneuvelden in Steen - Oorlogsgraven in Nederland en het grensgebied, Leeuwarden, Penn Uitgeverij (hoofdstuk XXVI)

Externe links[bewerken]