Dwergalk

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Dwergalk
IUCN-status: Niet bedreigd[1] (2012)
Leastauklet6.jpg
Taxonomische indeling
Rijk: Animalia (Dieren)
Stam: Chordata (Chordadieren)
Klasse: Aves (Vogels)
Orde: Charadriiformes (Steltloperachtigen)
Familie: Alcidae (Alken)
Geslacht: Aethia
Soort
Aethia pusilla
(Pallas, 1811)
Afbeeldingen Dwergalk op Wikimedia Commons Wikimedia Commons
Dwergalk op Wikispecies Wikispecies
Portaal  Portaalicoon   Biologie
Vogels

De dwergalk (Aethia pusilla) is een vogel uit de familie van alken (Alcidae).

Kenmerken[bewerken]

Het verenkleed is zwart tot bruin op de rug en een witte, gevlekte of zwarte borst. Variaties in de borstkleur bepalen de status. Ze hebben gele ogen en zwarte zwemvliezen. Mannetjes en vrouwtjes hebben kleurrijke snavels, hoornachtige knobbelachtige versieringen en witte gezichtspluimen in de paartijd. Het verenkleed is bij beide geslachten gelijk. De lichaamslengte bedraagt 15 cm en het gewicht 85 gram.

Leefwijze[bewerken]

Dwergalken zijn planktoneters, met name copepoden, larven van kreeftachtigen en visbroed behoren tot hun dieet.

Verspreiding en leefgebied[bewerken]

Deze soort komt voor in de noordelijke Stille Oceaan. Populaties zijn inheems in de Verenigde Staten, Rusland en Japan. Incidentele zwervers worden gezien in Canada. Hun leefgebied bestaat uit vlak voor de kust liggende, diepe, pelagische wateren met rotskusten, hellingen en kliffen.

Voortplanting[bewerken]

Deze gedeeltelijke trekvogels zijn monogame, in kolonies broedende dieren, die kunnen bestaan uit liefst 100.000 broedparen of meer. Nesten worden gevonden op rotsachtige kusten, eilanden voor de kust, kust puin, en scheuren in kliffen. Nesten worden verborgen onder stenen en worden vaak hergebruikt in de volgende jaren. Dwergalken leggen slechts een ei per keer. Eieren worden gelegd van juni tot augustus en de incubatietijd duurt ongeveer 28 tot 36 dagen. Na ongeveer 26 tot 31 dagen vliegen de jongen uit. Het duurt 3 of meer jaar voordat dwergalken voor de eerste keer broeden. Beide ouders bebroeden om de beurt het ei. Na het uitvliegen, is er verder geen ouderlijke zorg. De gemiddelde levensduur bedraagt ongeveer 4,5 jaar.

Vijanden[bewerken]

Poolvossen (Vulpes lagopus) en Noorse ratten (Rattus norvegicus, een niet-inheemse soort) zijn belangrijke roofdieren voor dwergalken. Ook mensen behoren tot die categorie. Ze bejagen deze vogels voor het vlees en nu en dan worden ze gevangen in visnetten.

Status[bewerken]

Hoewel de populatie afneemt als gevolg van predatie en vervuiling, zoals olievlekken, hebben deze vogels een groot bereik en de omvang van de populatie, zodat hun huidige IUCN staat van instandhouding is Niet Bedreigd. [2]

Externe link[bewerken]