EBN

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
EBN B.V.
Eigenaar Staat der Nederlanden
Sleutelfiguren J.W. van Hoogstraten (directievoorzitter)
Hoofdkantoor Utrecht
Werknemers Circa 104 (2018)
Producten Aardgas, aardolie en duurzame energie
Sector Energie
Omzet € 2,7 miljard (2018)[1]
Winst € 0,8 miljard (2018)[1]
Website www.ebn.nl
Portaal  Portaalicoon   Economie

EBN B.V., Energie Beheer Nederland, is een zelfstandige onderneming met de Nederlandse Staat (vertegenwoordigd door het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat) als enige aandeelhouder. Dit betekent dat EBN mede het energiebeleid van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat uitvoert. EBN creëert economische en maatschappelijke waarde uit de Nederlandse ondergrond.

In opdracht van de Nederlandse Staat investeert EBN van oudsher in het opsporen, winnen en opslaan van aardgas en aardolie. Met olie- en gasmaatschappijen werkt EBN samen in non-operated ventures (NOV’s). Dit zijn samenwerkingsverbanden waarin de olie- en gasmaatschappijen verantwoordelijk zijn voor de dagelijkse werkzaamheden en EBN investeert, beheert en kennis deelt en levert. In de visie van EBN kan aardgas een belangrijke rol spelen tijdens de energietransitie, maar alleen daar waar het gebruik van aardgas niet door andere en schonere energiebronnen kan worden vervangen. Het uitgangspunt van EBN is: 'Gas op Maat'. Sinds 2016 houdt EBN zich in toenemende mate bezig met duurzame energiebronnen uit de ondergrond, zoals aardwarmte (ook wel geothermie genoemd). Ook houdt het zich bezig met projecten op het gebied van CO2-opslag.[2]

Geschiedenis[bewerken]

De vondst van het Groningen gasveld begin jaren zestig leidde tot een belangrijke rol voor de Nederlandse overheid. Betrokkenheid van de Staat bij de winning en verkoop van het aardgas werd noodzakelijk geacht. De staat ging ervoor zorgen dat:

  • Het gas op een economische en commerciële wijze kon worden gewonnen;
  • De Nederlandse samenleving er optimaal van kon profiteren.

De Staat heeft De Staatsmijnen (later DSM) aangewezen om de participatie in de praktijk uit te voeren. De Maatschap Groningen werd opgericht om de productie van het Groningse aardgas te beheren. In deze maatschap heeft de Nederlandse Aardolie Maatschappij (NAM, een joint venture van Shell en ExxonMobil) een belang van 60% en De Staatsmijnen heeft de resterende aandelen. De NAM neemt de feitelijke winning van het gas voor haar rekening. Voor de verkoop van het gas werd de N.V. Nederlandse Gasunie opgericht. De Staatsmijnen participeerde daarin voor 40%, naast Shell en Exxonmobil (beiden met een belang van 25%). De Staat participeerde rechtstreeks voor 10%.

In 1963 werd de Overeenkomst van Samenwerking (OvS) tussen NAM, Shell, ExxonMobil en EBN.

Om meer duidelijkheid te krijgen in de gasbelangen zijn in 1973 alle staatsbelangen in het Nederlandse aardgas ondergebracht in een aparte juridische eenheid DSM Aardgas B.V., alle aandelen werden nog wel gehouden door DSM. Bij de beursintroductie van DSM in 1989 nam de Staat alle aandelen van DSM Aardgas B.V. over. Tegelijkertijd werd de naam van DSM Aardgas gewijzigd in Energie Beheer Nederland B.V. (EBN). Het takenpakket en de werkrelatie met DSM bleven verder ongewijzigd.

Per 1 januari 2006 kwam ook een einde aan de bestuurlijke verantwoordelijkheid van DSM voor EBN. Sindsdien is EBN een zelfstandige onderneming waarbij de directie rapporteert aan een onafhankelijke raad van commissarissen. Halverwege 2006 opende EBN een kantoor in Utrecht. Op 1 januari 2008 werd het kantoor in Utrecht de hoofdvestiging en sloot het kantoor in Heerlen.

In 2008 zijn de publieke taken van EBN vastgelegd in de Mijnbouwwet.[3] Deze taken omvatten, onder andere, het:

  • Deelnemen in opsporing en winning van olie en gas;
  • Deelnemen in aan winning gerelateerde activiteiten waaronder de verkoop, het vervoer en de opslag van aardgas en aardolie;
  • Uitvoeren van taken die te maken hebben met het gasgebouw;
  • Uitvoeren van andere taken in opdracht van en adviseren van de minister van Economische Zaken en Klimaat.

In 2011 is de statutaire naam gewijzigd in EBN B.V..

Sinds 2017 heeft EBN de missie om waarde te realiseren uit geologische energiebronnen op een veilige, duurzame en economisch verantwoorde wijze. EBN geeft hier invulling aan door middel van drie strategische prioriteiten:[4]

  • Our Dutch Gas: het optimaal benutten van Nederlandse energiebronnen;
  • Return to Nature: voortrekkersrol nemen in het ontmantelingsvraagstuk en bijdragen aan de ontwikkeling van CO2-opslag;
  • New Energy: bijdragen aan het versnellen van de ontwikkeling van (ultradiepe) geothermie en energieopslag.

Financiële en operationele resultaten[bewerken]

EBN behaalde in 2018 een omzet van €26783 miljoen en een nettowinst van €764 miljoen. De totale afdracht aan de Nederlandse Staat, dividend, vennootschapsbelasting en heffingen bedroeg € 1,0 miljard in 2018 (2017: € 1,5 miljard).[1] De fluctuaties van de omzet en winst die jaar op jaar optreden zijn vooral het gevolg van veranderingen in de gas- en olieproductie en de prijzen voor deze energiedragers.

EBN participeerde in 2018 in 146 winningdeelnemingen, waarvan 113 offshore. Daarnaast participeerde EBN in 39 opsporingdeelnemingen voor olie en gas. EBN heeft ook belangen in vijf offshore gasverzamelleidingen, waaronder de NOGAT-pijpleiding en drie gasbergingen.[5]

De gasvelden waarin EBN participeert hadden per jaareinde 2017 totale reserves (op 100% veldbasis) van 702 miljard m³ Groningenequivalent. De daling in 2017 ten opzichte van 2016 van 44 miljard m³ was het resultaat van een totale productie van 42 miljard m³, 1 miljard m³ extra productie in 2016 dan voorheen aangenomen en 2 miljard m³ afname in reserves doordat projecten teruggezet zijn naar contigent. EBN’s (in)directe aandeel in de reserves is 283 miljard m³. Iets minder dan 80% van de reserves zijn geconcentreerd in het Groningenveld. In 2017 bedroeg de productie uit velden waarin EBN deelneemt 42 miljard m³ en hiervan was ongeveer 24 miljard m³ afkomstig uit het Groningenveld.[6]

In de figuur hieronder een overzicht van de gegevens van EBN sinds 2005.[7]

Jaar Aantal
Winnings-
vergunningen
Aantal
Opsporings-
vergunningen
Aardgasreserves
(in miljarden m³, 100%)
Aardgasafzet
(in miljarden m³, 100%)
Gemiddelde
opbrengst
(in € cent per m³)
Omzet
(in € miljoen)
Netto resultaat
(in € miljoen)
2005 99 19 n.a. 67 16,46 4883 1673
2006 99 17 n.a. 66 21,52 6264 2378
2007 115 26 n.a. 64 20,67 6090 2367
2008 121 41 1250 73 26,91 8698 3269
2009 125 45 1212 70 20,72 6397 2211
2010 126 48 1139 80 18,58 6486 2076
2011 125 47 1065 72 22,63 7103 2131
2012 128 48 977 73 26,76 8528 2360
2013 135 56 933 79 25,52 8737 2327
2014 138 55 884 66 22,23 6598 1614
2015 142 48 840 51 20,26 4766 450
2016 142 46 746 46 13,68 3064 333
2017 153 44 702 39 15,68 3015 556
2018 156 39 - 33 16,61 2673 764

EBN publiceert jaarlijks een overzicht van het energieaanbod, omzetting & verlies, het energieverbruik en de uitstoot van broeikasgassen.[8]

Toekomst[bewerken]

Groningenveld[bewerken]

Maandagmiddag 8 januari 2018 om 15.00 uur was er een aardbeving met magnitude 3,4 op de schaal van Richter ten noorden van het plaatsje Zeerijp (gemeente Loppersum) in Groningen, 5 kilometer ten oosten van Huizinge waar op 16 augustus 2012 de zwaarste beving tot nu toe plaatsvond. Op 29 maart kondigde premier Rutte aan dat de gasproductie in Groningen op termijn (2030) naar nul gaat. Onder voorbehoud vindt uiterlijk per oktober 2022 al een daling naar 7,5 miljard m³ plaats.[9]

Kleine velden[bewerken]

Het terugbrengen van de productie van Groningergas zorgt ervoor dat er meer aandacht komt voor de zogeheten ‘kleine gasvelden’. EBN blijft investeren in kleine velden en versnelt de exploratie op de Noordzee waar mogelijk.[10] EBN wil enerzijds efficiënte verbeteringen, zoals het clusteren van operaties, zodat de marges verbeteren en meer projecten een positieve business case hebben. En anderzijds door het voortouw te nemen om de laatste 'witte vlekken' op de Noordzee met 3D seismiek in kaart te brengen om een verhoogde exploratie-activiteit te stimuleren.

Aardwarmte[bewerken]

Naast het investeren in kleine velden wil EBN op een veilige, duurzame en economische verantwoorde wijze bijdragen aan de energietransitie door de ontwikkeling van duurzame energiebronnen uit de ondergrond. Dit wil EBN onder meer realiseren door middel van aardwarmte. EBN ontwikkelt en verbetert bestaande en nieuwe business cases voor de ontwikkeling van aardwarmte in samenwerking met partners, en doet dat vanuit een coördinerende regierol. In potentie kan in de toekomst aardwarmte 35-40% van de warmtevraag in Nederland zal vervullen (in het jaar 2050).[11] EBN B.V. voert in samenwerking met TNO het landelijk onderzoeksprogramma SCAN uit. In dit programma wordt de ondergrond van Nederland in kaart gebracht om de potentie van aardwarmtewinning beter te kunnen inschatten op regionaal niveau. Ook is de Green Deal Ultradiepe Geothermie vanaf juni 2017 in werking. Op zes locaties in Nederland verkennen consortia bestaande uit meerdere bedrijven, EBN TNO, het Ministerie van I&W en EZK op een veilige en verantwoordelijke manier één of meerdere pilotprojecten voor de mogelijk verdere ontwikkeling van aardwarmtewinning vanaf 4000 meter.

CCS[bewerken]

In 2017 heeft EBN op verzoek van het ministerie van Economische zaken en Klimaat samen met Nederlandse Gasunie een inventariserende studie uitgevoerd naar de mogelijkheden en kosten van transport en opslag van CO2 in Nederland. Opslag van CO2 in leeg-geproduceerde offshore gasvelden wordt gezien als een goede mogelijkheid om CO2-emissies terug te dringen.

Sinds 2017 onderzoekt EBN samen met Gasunie en het Havenbedrijf Rotterdam de mogelijkheden om een basisinfrastructuur te realiseren voor het verzamelen en het transporteren van CO2 in het Rotterdamse havengebied, dat vervolgens opgeslagen kan worden in een leeg-geproduceerde offshore gasveld (onder de projectnaam Porthos). Het idee is om een transportleiding en opslaginfrastructuur op te zetten als ‘collectieve voorziening’. Daardoor kunnen verschillende partijen die CO2 afvangen aansluiten op de transportleiding en ontstaan belangrijke kostenvoordelen. Een deel van de CO2 kan worden gebruikt in de nabijgelegen kassen.[12]

Externe link[bewerken]