Economie van de Verenigde Staten

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Economie van de Verenigde Staten
Un dollar us.jpg
Munteenheid 1 Dollar ($) = 100 cent (c)
Fiscaal jaar 1 oktober30 september
Handelsorganisaties NAFTA, WTO en OESO
Statistieken
BBP $ 14,62 biljoen (2010 raming)
BBP koopkrachtpariteit (2010) $ 14,72 biljoen
Rang: 2e
Economische groei (BBP) (2010) 2,7%
BBP per hoofd van de bevolking (2010) $ 47.400
BBP per sector (2010) landbouw (1,2%), industrie (22,2%), diensten (76,7%)
inflatiepercentage (2010) 1,4%
Bevolking onder de armoedegrens (2004) 12%
Beroepsbevolking (2010) 154,9 miljoen
Beroepsbevolking per sector (2007) diensten (76,8%), industrie (22,6%), landbouw (0,6%)
werkloosheidspercentage (2007) 4,6%
Belangrijke industrieën aardolie, staal, motorvoertuigen, ruimte- en luchtvaart, telecommunicatie, chemicaliën, elektronica, voedingsmiddelen, consumptiegoederen, hout- en mijnbouw, defensie-industrie
Handelspartners
Export (2010 raming) $ 1,27 biljoen
Belangrijkste partners (2009) Canada 19,4%, Mexico 12,2%, China 6,6%, Japan 4,8%, VK 4,3%, Duitsland 4,1%
Import (2010) $ 1,903 biljoen
Belangrijkste partners (2009) China 19,3%, Canada 14,2%, Mexico 11,1%, Japan 6,1%, Duitsland 4,5%
Openbare financiën
Staatsschuld (2007) $ 10,3 biljoen (2008[1])
Externe schuld (30 juni 2007) $ 12,25 biljoen
Opbrengsten (2007) $ 2,568 biljoen
Uitgaven (2003) $ 2,731 biljoen
Donor van economische hulp (2006) ODA met $ 23,53 miljard
Informatie Alle geldbedragen zijn in Amerikaanse dollars maar in Europese eenheden.
This image compared US states and other countries by GDP approximately in 2012.

De economie van de Verenigde Staten is de grootste nationale economie ter wereld.[bron?] Het bruto nationaal product van de Verenigde Staten in 2015 bedroeg 17.947.000 miljoen Amerikaanse dollars tegen de nummer twee van de wereld (China) 10.982.829 miljoen Amerikaanse dollars. Voor een overzicht van alle landen, zie Lijst van landen naar bnp

Algemeen[bewerken]

De Verenigde Staten zijn rijk aan delfstoffen. De Verenigde Staten bezitten ongeveer 20% van de kolen, 13% van de aardolie, en 24% van de aardgasreserves in de wereld. De olie wordt voornamelijk gewonnen rond en in de Golf van Mexico, en in de staten Alaska en Texas.

Vanwege de grote grondoppervlakte en het gunstige klimaat is landbouw altijd erg belangrijk geweest voor de Verenigde Staten. De Verenigde Staten zijn marktleider in de productie van kaas, graan, sojabonen en tabak. Andere belangrijke landbouwproducten zijn rundvee, varkens, koemelk, boter, katoen, haver, tarwe, gerst en suiker; het is de belangrijkste exporteur ter wereld van tarwe en graan en derde van de wereld in de rijstuitvoer. In 1995 was de visserij van de VS vijfde in de wereld in totale productie. Tegenwoordig werkt nog maar 3% van de beroepsbevolking in de landbouw. Dankzij het vlakke terrein in grote delen van het middenwesten en het hoge technologische ontwikkelingsniveau is de landbouw vèrgaand gemechaniseerd en is de productie nog steeds hoog. Ook door de bosbouw worden veel producten geëxporteerd.

Hoewel het land in het verleden vrijwel zelfvoorzienend was, blijft de stijgende consumptie, vooral van energie, het van bepaalde invoer afhankelijk maken. Het is niettemin de grootste producent van de wereld van zowel elektriciteit als kernenergie. Het leidt alle naties in de productie van vloeibaar aardgas, aluminium, zwavel, fosfaten en zout. Het is ook een belangrijke producent van koper, goud, steenkool, aardolie, stikstof, ijzererts, zilver, uranium, lood, zink, mica, molybdeen en magnesium. Hoewel de productie is gedaald, zijn de Verenigde Staten wereldleider in de productie van ruwijzer en ferrolegeringen, staal, motorvoertuigen en synthetisch rubber.

De belangrijkste exportproducten van de VS zijn motorvoertuigen, vliegtuigen, voedsel, ijzer en staalproducten, elektronische apparatuur, industriële en energieopwekkende machines, chemische producten en consumptiegoederen. Belangrijke invoerproducten zijn onder andere ertsen en metaalschroot, aardolie en aardolieproducten, machines, vervoersapparatuur (vooral auto's) en kantoorproducten. De belangrijkste handelspartners van de VS zijn Canada (de grootste tweezijdige handelsverhouding van de wereld), Mexico, Japan, het Verenigd Koninkrijk, Zuid-Korea en Duitsland. Het volume van de handel is gestaag gestegen. Het bruto binnenlands product is blijven toenemen en vandaag de dag bedraagt het $12 765 miljard dollar (12,76 biljoen), met afstand het grootste van de wereld. De ontwikkeling van de economie is aangespoord door de groei van een complex communicatienetwerk. Dit bestaat niet alleen uit spoorwegen, wegen, binnenwateren en luchtvaart maar ook telefoon, radio, televisie, computer (waaronder internet) en de fax. Deze infrastructuur heeft niet alleen de landbouw bevorderd en productiegroei verhoogd, maar ook bijgedragen aan de toerisme-inkomsten en de verschuiving naar een op diensten gebaseerde economie. In 1996 werkte ongeveer 74% van de Amerikanen in de dienstensector. Onder landen met een ontwikkelde economie is dit bijna het hoogste percentage, slechts Canada heeft procentueel een grotere dienstensector.

De Verenigde Staten hebben al met al een werelddominerende economie, en het gemiddeld inkomen per persoon is hoog. Dit betekent niet dat iedereen een hoog inkomen heeft. De rijkdom is namelijk onevenwichtig verdeeld. 1% van de bevolking bezit meer rijkdom dan 90% van de rest van de bevolking bij elkaar [bron?]. En deze kloof lijkt groter te worden: bij de 25% armen daalde het inkomen tussen 1979 en 1995 met 9%, terwijl dat van de rijkste 25% met 26% steeg.

Er is een groot verschil in de economische status van de verschillende bevolkingsgroepen. Blanke en Aziatische gezinnen (exclusief Hispanics) verdienen gemiddeld zo'n anderhalf tot twee keer zo veel als zwarte of Hispanic gezinnen.[2]

Geschiedenis[bewerken]

De economische geschiedenis van de Verenigde Staten begon toen de Europeanen zich in de 16de en 17de eeuw in de VS vestigden. De Amerikaanse kolonies waren in het begin een kleine, onafhankelijke landbouweconomie, in 1776 werden die koloniën de Verenigde Staten van Amerika. Na 230 jaar was de Verenigde Staten uitgegroeid tot een grote, geïndustrialiseerde economie die goed was voor meer dan een kwart van de wereldeconomie. De belangrijkste oorzaken waren een grote eengemaakte markt, een ondersteunend politiek-juridische systeem, uitgestrekte gebieden van zeer productieve landbouwgebieden, enorme natuurlijke rijkdommen (met name hout, kolen en olie), en een ondernemende geest en de betrokkenheid bij het investeren in materieel en menselijk kapitaal.

Na de Grote Depressie[bewerken]

In de tijden na de grote depressie in de jaren dertig van de 20e eeuw werden hoge werkloosheid, recessieperioden en tijden van een zich langzaam herstellende economie gezien als de grootste economische problemen. Maar wanneer problemen het grootst waren probeerde de Amerikaanse overheid de economie te verstevigen door of heel veel geld uit te geven of juist de belastingen heel erg te verlagen, zodat de consumenten meer geld uit gingen geven en door het bevorderen van de snelle groei van de geldhoeveelheid, waardoor zowel consumenten als bedrijven aangemoedigd werden om meer geld uit te geven. In de jaren zeventig stond de Amerikaanse economie zwaar onder druk door de Vietnamoorlog en een hoge inflatie. Het gevolg daarvan was dat de regeringleiders samen hebben besloten tot een betere beheersing van de inflatie, het beperken van de uitgaven, werd de belasting niet verlaagd en werd een maximum op het te creëren bedrag aan geld gesteld.

De dollar[bewerken]

1rightarrow blue.svg Amerikaanse dollar

De (Amerikaanse) dollar is het officiële betaalmiddel in de VS. Tevens is het de meest gebruikte munteenheid in de internationale handel. Bovendien is bijvoorbeeld de olie- en goudprijs in dollars. Vele bedrijven handelen in dollars. Hoewel de dollar de munteenheid van de enige overgebleven supermacht is en dus voor een ontzettend sterke munteenheid gehouden wordt, levert hij de laatste tijd zeer veel in op de Europese euro en Chinese renminbi. Vanwege de lage dollarkoers is exporteren voor bedrijven die in de VS gevestigd zijn of hun hoofdkantoor in de VS hebben en dus in dollars handelen, zeer gunstig. Voor bedrijven die exporteren naar de VS is dit echter ongunstig omdat het voor Amerikaanse bedrijven duur wordt om in te kopen in andere valuta.

De staatsschuld[bewerken]

De Verenigde Staten hebben de grootste absolute staatsschuld ter wereld. Op 2 juni 2011 hadden de Verenigde Staten een staatsschuld van $14.345 miljard[1] (€ 9.809 miljard[3]). De staatsschuld als percentage van het bruto binnenlands product werd in 2007 geschat op 60,8% (positie 27).[4] De staatsschuld is in de periode 2000-2008 sterk verhoogd. Dit komt vooral door het begrotingstekort. In 2008 bijvoorbeeld had de Amerikaanse regering te kampen met een tekort van 277 miljard euro (410 miljard dollar). Dit begrotingstekort komt vooral door de oorlogen in Irak en Afghanistan. De Verenigde Staten vullen het begrotingstekort door de staatsschuld te verhogen, China en andere nieuwe economieën kopen opvallend veel van die staatsobligaties.

Sedert 2016 is de staatsschuld bijna $19.500 miljard.[5] Tijdens de regeerperiode van Barack Obama is de staatsschuld verdubbeld. Hetgeen betekent dat onder zijn leiding meer schuld aan de staatsschuld is toegevoegd dan door alle voorgaande presidenten gezamenlijk.[6]

Negatieve handelsbalans[bewerken]

In de Verenigde Staten wordt al jaren veel meer geïmporteerd dan er geëxporteerd wordt, dit is een stelselmatige verzwakking van de Amerikaanse economie, je zou het kunnen zien als elk jaar je financiële volume van je land meer uit te putten. De negatieve handelsbalans is vooral te wijten aan de import van olie/energie.

Zie ook[bewerken]