Edict van Milaan

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Het Edict van Milaan[1][2][3] dat in februari 313 werd uitgevaardigd, is een decreet van Licinius en Constantijn de Grote, de twee heersers van het Romeinse Rijk. In dit decreet bezegelden zij hun alliantie en bepaalden dat er in het Romeinse Rijk voortaan vrijheid van godsdienst heerste. Er staat in vermeld dat de Romeinse burgers vrij zijn zelf hun religie te kiezen en te belijden.

Dit bekrachtigde het einde van de christenvervolgingen, die in 305 of 306 in West-Europa waren beëindigd en in 311 in de oostelijke rijkshelft. Het initiatief voor deze bekrachtiging ging uit van Licinius, maar zou later toegeschreven worden aan Constantijn, die als overwinnaar uit hun tweestrijd was gekomen en het edict in 312 had ondertekend uit collegialiteit.

De originele tekst zelf is niet bewaard gebleven, maar Lactantius haalt in zijn boek De mortibus persecutorum (hoofdstuk 38 en 45) grote delen van deze originele tekst aan. Onder meer staat erin dat alle bezittingen, gebouwen en grond die de christelijke gemeenschap ontnomen waren, teruggegeven zullen worden. Verdere inhoud komt deels overeen met Galerius' uit 311 stammende Edict van Nicomedia. Beide edicten stammen uit het pontificaat van paus Miltiades.

Zie ook[bewerken]

Noten[bewerken]

  1. (la) Edictum Mediolanense, zoals in Lactantius, De mortibus persecutorum. Uit 'The Roman Law Library', van de Universiteit van Grenoble.
  2. (nl) Nederlandse vertaling Tolerantie-edict van Galerius (Nicomedia, 30 april 311) & 'Edict van Milaan' (Nicomedia, 13 juni 313), bron Lactantius, De mortibus persecutorum, 34 en 48,2-12; vertaling Vincent Hunink, gepubliceerd in: Hermeneus, 79,2007,111-112 (themanummer Constantijn)
  3. (en) Engelse vertaling Edict van Milaan en Edict van Galerius, beide teksten vertaald aan de Universiteit van Pennsylvania, faculteit van Geschiedenis, circa 1897-1907. Website Fordham University, The Jesuit University of New York.