Eli Iserbyt
Eli Iserbyt
| ||||
Iserbyt tijdens de Jingle Cross in 2019
| ||||
| Persoonlijke informatie | ||||
| Geboortedatum | 22 oktober 1997 | |||
| Geboorteplaats | Bavikhove, België | |||
| Nationaliteit | ||||
| Lengte | 165 cm | |||
| Gewicht | 56 kg | |||
| Sportieve informatie | ||||
| Huidige ploeg | Pauwels Sauzen-Bingoal | |||
| Ploegen | ||||
| 2013-2016 2016-2017 2018-2019 2019- |
Telenet-Fidea Marlux-Napoleon Games Marlux-Bingoal Pauwels Sauzen-Bingoal | |||
| ||||
Eli Iserbyt (Bavikhove, 22 oktober 1997) is een Belgisch veldrijder. In deze discipline won hij vijf Belgische titels in de jeugdcategorieën. Ook won hij bij de aspiranten één Belgische titel in het mountainbiken. Iserbyt werd daarnaast tweemaal Europees kampioen veldrijden bij de jeugd en behaalde zowel in 2016 als in 2018 de wereldtitel in het veldrijden bij de beloften. In 2020 werd hij Europees Kampioen Veldrijden bij de elite.
Biografie[bewerken | brontekst bewerken]
Iserbyt begon met veldrijden op 11-jarige leeftijd. Als niet-aangeslotene won hij één wedstrijd en in zijn eerste jaar bij de aspiranten won hij er twee. Het daaropvolgende jaar won Iserbyt zo goed als al zijn wedstrijden en werd hij Belgisch kampioen veldrijden bij de aspiranten. Hij werd daarnaast ook Belgisch kampioen mountainbiken.
Bij de nieuwelingen en junioren werd Iserbyt vier jaar na elkaar kampioen van België. In zijn tweede jaar bij de junioren werd hij op het wereldkampioenschap in Tábor verrassend verslagen door de Deen Simon Andreassen, nadat hij eerder dat seizoen Europees kampioen was geworden en het eindklassement van de Wereldbeker en de Superprestige op zijn naam had geschreven.
Vanaf het seizoen 2015-2016 kwam Iserbyt uit in de beloftecategorie. In de Cyclocross Leuven, begin 2016, werd hij vijfde in de wedstrijd voor profs. Een week later kreeg hij de kans om voor de zesde opeenvolgende keer Belgisch kampioen te worden in Lille, maar door een zware valpartij bij de start moest hij noodgedwongen opgeven. Op 31 januari 2016 won Iserbyt het WK in Zolder als eerstejaarsbelofte. Hij werd daarmee de jongste wereldkampioen ooit bij de beloften. Hij was in de sprint sneller dan de Tsjech Adam Ťoupalík, die zijn handen een ronde te vroeg in de lucht had gestoken. Quinten Hermans was de tweede landgenoot op het podium met een bronzen medaille. Iserbyt werd dat jaar opnieuw eindwinnaar in de Wereldbeker en de Superprestige. Hij behaalde ook brons op het Europees kampioenschap in Huijbergen. In juni 2016 werd hij belofte met profcontract bij Marlux-Napoleon Games.[1]
Zijn tweede jaar bij de beloften verliep minder vlot. Hij eindigde op het EK als 10e en op het WK als 17e. Iserbyt werd wel eindwinnaar in de DVV Trofee.
Als derdejaarsbelofte werd hij op 5 november 2017 Europees kampioen in het Tsjechische Tábor. Hij won in de sprint van Tom Pidcock. In datzelfde seizoen werd hij op 4 februari 2018 voor de tweede keer wereldkampioen bij de beloften in het Nederlandse Valkenburg. Hij won met bijna een halve minuut voorsprong op de uittredende wereldkampioen Joris Nieuwenhuis. Hij werd ook eindwinnaar in de DVV Trofee bij de beloften.
Ook op de weg kan Iserbyt goed uit de voeten, in 2018 wint hij het jongerenklassement van de Boucles de la Mayenne en wordt derde in het algemeen klassement na Mathieu van der Poel en Romain Seigle.
Als laatstejaarsbelofte werd Iserbyt vice-Europees kampioen in Rosmalen en vicewereldkampioen in Bogense na zijn grootste rivaal Tom Pidcock. Daarnaast behaalde hij ook tien top 5-plaatsen bij de elite. Hij werd vierde op het zware Belgisch kampioenschap in Kruibeke na Toon Aerts, Wout van Aert en Michael Vanthourenhout.
In het seizoen 2019-2020 rijdt Iserbyt zijn eerste volwaardige programma bij de elite en stoot meteen door naar de top. Hij wint drie wereldbekers op rij, de openingswedstrijden van Iowa en Waterloo, en vervolgens Bern. Alleen enkele groten deden het hem voor. Dat seizoen wint Iserbyt tien wedstrijden, o.a. ook nog de klassiekers Gavere en de Koppenberg, het dubbelweekend in Kruibeke en Gieten, en de spannende wereldbekerwedstrijd in Nommay tegen Toon Aerts. Hij behaalt nog eens tien tweede plaatsen, de meeste na Mathieu van der Poel. Hij schrijft de DVV Trofee op zijn naam en wordt tweede in zowel de Superprestige als de Wereldbeker eindstand. Hij wordt tweede op het EK in Silvelle (IT) op slechts 3" van MVDP en tweede op het BK in Antwerpen na Laurens Sweeck . Op het WK in Dübendorf wordt hij tiende. Op het einde van dat seizoen is Iserbyt opgeklommen naar de derde plaats op de UCI ranking. Iserbyt traint dan nog steeds bij Rudi Van de Sompel, zijn trainer sinds de aspiranten.
Net na het einde van dit seizoen zou de coronapandemie uitbreken. Met veel inspanningen zowel van de organisatoren als van de renners wordt er toch een beperkt veldritseizoen 2020-2021 opgezet grotendeels in België. Publiek is niet toegelaten en de entourage wordt beperkt.
Dat seizoen wint Iserbyt het Europees Kampioenschap voor Michael Vanthourenhout en Lars van der Haar. Hij is daarmee de eerste renner in de geschiedenis die zowel als junior, belofte en elite Europees kampioen wordt. In de wedstrijd in Zolder komt Iserbyt zwaar ten val. Hij scheurt gedeeltelijk zijn gewrichtsband aan de elleboog en loopt kneuzingen op. Hij rijdt het seizoen nog uit, maar moet een operatie ondergaan aan het eind van het seizoen. Iserbyt moet opgeven in het BK in Meulebeke en wordt zevende op het WK in Oostende. Dat seizoen zou hij zeven wedstrijden winnen waaronder opnieuw de Koppenberg. Hij weet ook opnieuw het eindklassement van de X20-Trofee naar zijn hand te zetten. Iserbyt staat op het einde van het seizoen op een tweede plaats op de UCI ranking. Het volgende seizoen verandert het reglement van de UCI ranking.
Palmares[bewerken | brontekst bewerken]
Veldrijden[bewerken | brontekst bewerken]
Overwinningen[bewerken | brontekst bewerken]
| Seizoen | Wereldbeker | Superprestige | Trofee | WK |
EK |
BK |
Overige | Totaal aantal zeges |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 2015-2016 | NVT | NVT | NVT | 0 | ||||
| 2016-2017 | NVT | NVT | 19e | 0 | ||||
| 2017-2018 | NVT | NVT | DNF | 0 | ||||
| 2018-2019 | NVT | NVT | 4e | 0 | ||||
| 2019-2020 | Iowa, Waterloo, Bern, Nommay | Gieten, Asper-Gavere | Oudenaarde, Eindklassement | 10e | Kruibeke, Maldegem, Hulst, Masters Waregem | 11 | ||
| 2020-2021 | Ruddervoorde, Boom | Oudenaarde, Kortrijk, Eindklassement | 7e | DNF | Lokeren, Sint-Niklaas | 7 | ||
| 2021-2022 | Waterloo, Iowa, Overijse, Koksijde, Besançon | Ruddervoorde, Niel, Merksplas | Oudenaarde | 12e | Lokeren, Beringen, Bredene | 12 | ||
| Totaal | 9 | 7 | 4 | 0 | 1 | 0 | 9 | 30 |
Erelijst[bewerken | brontekst bewerken]
| Seizoen | Wereldbeker | Superprestige | Trofee | UCI | WK | EK | BK | Aantal zeges | Aantal podia |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 2015-2016 | NVT | NVT | NVT | 11e | NVT | NVT | NVT | 0 | 0 |
| 2016-2017 | NVT | NVT | NVT | 30e | NVT | NVT | 19e | 0 | 2 |
| 2017-2018 | 46e | 19e | NVT | 14e | NVT | NVT | DNF | 0 | 0 |
| 2018-2019 | 37e | 14e | 10e | 13e | NVT | NVT | 4e | 0 | 1 |
| 2019-2020 | 10e | 11 | 23 | ||||||
| 2020-2021 | 18e | 7e | DNF | 7 | 16 | ||||
| 2021-2022 | 12e | 12 | 17 | ||||||
| Totaal | 0 | 0 | 2 | 0 | 0 | 1 | 0 | 30 | 59 |
Jeugd[bewerken | brontekst bewerken]
| Categorie | Seizoen | Wereldbeker | Superprestige | Trofee | Overige | Totaal aantal zeges | |||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Niet-aangeslotenen | 2008-2009 | Koekelare | 1 | ||||||
| Totaal | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 1 | 1 | |
| Aspiranten | 2009-2010 | 4e | Keiem, Kortrijk | 2 | |||||
| 2010-2011 | Kruiningen, Rucphen, Landskouter, Snaaskerke, Koekelare, Lokeren (PK), Hoboken, Wustwezel, Overijse, Diksmuide, Retie, Kortrijk, Lille | 14 | |||||||
| Totaal | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 1 | 15 | 16 | |
| Nieuwelingen | 2011-2012 | Koekelare (PK) | 2 | ||||||
| 2012-2013 | Ronse, Hasselt | Kessel-Fort, Wiekevorst, Erpe-Mere, Hoboken, Ruddervoorde, Zingem, Koekelare, Dottenijs, Koksijde, Lotenhulle, Antwerpen, Lichtervelde, Beernem (PK), Perwez, Zonnebeke, Anvaing, Assenede, Middelkerke, Eeklo, Lebbeke | 23 | ||||||
| Totaal | 0 | 0 | 2 | 0 | 0 | 2 | 21 | 25 | |
| Junioren | 2013-2014 | 7e | 6e | Moerbeke-Waas, Ronse | 3 | ||||
| 2014-2015 | Valkenburg, Heusden-Zolder, Hoogerheide, Eindklassement | Gieten, Zonhoven, Ruddervoorde, Asper-Gavere, Spa-Francorchamps, Diegem, Hoogstraten, Eindklassement | Erpe-Mere, Neerpelt, Ronse, Meulebeke, Overijse, Varsenare (PK), Leuven, Zonnebeke, Lebbeke, Oostmalle | 22 | |||||
| Totaal | 3 (1x Eindklassement) | 7 (1x Eindklassement) | 0 | 0 | 1 | 2 | 12 | 25 | |
| Beloften | 2015-2016 | Koksijde, Namen, Lignières-en-Berry, Eindklassement | Zonhoven, Ruddervoorde, Asper-Gavere, Hoogstraten, Middelkerke, Eindklassement | Ronse, Hamme | DNF | Overijse | 12 | ||
| 2016-2017 | Fiuggi | Asper-Gavere | Oudenaarde, Essen, Loenhout, Baal, Eindklassement | 17e | 10e | NVT | Overijse, Oostmalle | 8 | |
| 2017-2018 | Zeven, Hoogerheide | Hoogstraten | Ronse, Hamme, Essen, Antwerpen, Loenhout, Baal, Lille, Eindklassement | NVT | 12 | ||||
| 2018-2019 | Bern, Heusden-Zolder, Hoogerheide | NVT | 3 | ||||||
| Totaal | 9 (1x Eindklassement) | 7 (1x Eindklassement) | 13 (2x Eindklassement) | 2 | 1 | 0 | 3 | 35 |
Wegwielrennen[bewerken | brontekst bewerken]
2011 (aspiranten) - 1 zege
- Buggenhout-Opdorp
2015 (junioren) - 3 zeges
- Otegem
- Vurste-Gavere
- Vladslo
2018 - 0 zeges
Jongerenklassement Boucles de la Mayenne
Mountainbiken[bewerken | brontekst bewerken]
2011 (aspiranten) - 1 zege
Privé[bewerken | brontekst bewerken]
Iserbyt had tot 2019 een relatie met Puck Moonen.[2][3]
|
Debeir · Driesen · Iserbyt · Joseph · K. Pauwels · T. Pauwels · Siebens · D. Vanthourenhout · M. Vanthourenhout · Vantornout