El (god)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
(Doorverwezen vanaf Elohim)
Ga naar: navigatie, zoeken
De naam El in het oud-Hebreeuws, van rechts naar links te lezen

El ('God') was oorspronkelijk gebruikt voor de Schepper-God en later voor een Fenicische Hemelstiergod en de naam van de hoofdgod in het Kanaänitische pantheon dat bestond uit godentriaden. Zijn functie in de latere betekenis van het woord was die van oudere vader van de godenfamilie, voorzitter van de goddelijke vergadering en scheppergod. Als zijn partner gold Ashera. Als epitheton had El de Barmhartige, de Vriendelijke.

Mythologisch is El onder de naam 'Ilu' vooral bekend uit het tekstmateriaal van de kleitabletten uit de Kanaänitische stad Ugarit en uit Ebla.

Waar het woord el oorspronkelijk een heel specifieke god binnen een polytheïstisch systeem aanduidde, werd het later ook gebruikt in algemenere zin voor een willekeurige godheid, maar oorspronkelijk en later gedocumenteerd voor de ene God uit het monotheïsme: 'De Godheid', God in de macht en de onmiskenbaarheid van zijn goddelijke natuur. Hebreeuwse woorden als El, Eloah en Elohim en het Arabische Al Illah waar Allah van afstamt, zijn alle aan dit woord gerelateerd en betekenen allemaal God volgens de monotheïsten, al heeft de Arabische versie een andere oorsprong terug te voeren op de betekenis ' angst'. Daarbij moet worden opgemerkt dat de huidige monotheïstische interpretatie van het woord "God" door de eeuwen heen is ontstaan. De oorspronkelijke betekenis is in de Bijbel nog terug te herkennen in tegenstelling tot de latere polytheïstische betekenis. Ook ketterse gnostische en mystieke opvattingen kan men in het latere gebruik van El herkennen. In de Bijbel wordt in het boek Genesis Elohim gebruikt voor God (mogelijke heenwijzing naar de persoonlijkheden die samen de Ene God vormen (te denken valt volgens het Christendom en Messiaans Jodendom aan Jezus/Yeshua die Gods Woord of Wijsheid wordt genoemd), maar ook om andere goden aan te duiden en menselijke rechters.

Direct of indirect komt het woord el of een afleiding hiervan in vele eigennamen voor zoals Israël, Daniël, Gabriël, Ezechiël, Samuël en Ismaël (Isjmaïl).

De teksten verwijzen naar de 'El' van Ugarit steeds als Toru-El. Het eerste lid is hier het woord stier.

De juiste uitspraak kan beter worden weergegeven als Eil, niet 'El' met een korte 'e'. Joden spreken de naam daarnaast uit als Keil wanneer deze niet binnen een strikt religieuze context (zoals in gebed of zegeningen) gebruikt wordt.


Externe link[bewerken]