Epibreren

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Epibreren is een Nederlands werkwoord dat in 1954 gepubliceerd werd door Simon Carmiggelt. De betekenis is het verrichten van niet nader gespecificeerd werk dat heel voornaam lijkt, maar desondanks helemaal niets voorstelt. Degene die het woord gebruikt zegt bijvoorbeeld op een vergadering dat hij een en ander gaat epibreren en vertrouwt erop dat de overige aanwezigen dat voor zoete koek slikken.[noot 1]

Oorsprong[bewerken]

Carmiggelt zei ooit in een interview dat hij het woord niet zelf verzonnen had, maar het in 1953 had gehoord van een ambtenaar die hem wegzond omdat het stuk waarop Carmiggelt zat te wachten, nog "geëpibreerd" moest worden.[1] In de bewuste Kronkel, gepubliceerd in de bundel Ping pong, schrijft Carmiggelt:[2]

"‘Ik wou eens vragen,’ zei ik moeilijk, ‘u sprak zoëven van epibreren… het zal wel erg dom van me zijn, maar wat is dat eigenlijk?’

Een gemompel van bijval ging door de rijen en ook de ambtenaar keek licht ontroerd, toen hij mijn hand greep en sprak: ‘Dit is werkelijk een heel bijzonder ogenblik, meneer.’
‘Waarom?’ antwoordde ik.
‘Omdat u vraagt wat het betekent,’ zei de man. ‘Het betekent namelijk niets. Het is gewoon maar een woord. Ik heb het zelf verzonnen. Op een dag was er een lastige heer aan het loket, die ons haast wilde laten maken met een kwestie, die zijn tijd moest hebben. Ik zei: ‘Meneer, u hebt groot gelijk, maar geef ons nog een weekje om de zaak te epibreren. Het woord kwam vanzelf uit mijn volheid tevoorschijn. En het werkte uitnemend: de man ging getroost heen.’"

Andere betekenissen[bewerken]

"Epibreren" is tevens de naam van een fictief Waddeneiland, waar De Dichters uit Epibreren hun naam aan ontleend hebben. Zeer waarschijnlijk heeft dit Groningse gezelschap de naam weer van Carmiggelt. Zij verwijzen op de website, die "Het eiland Epibreren" beschrijft, naar een "wild weekend" dat Carmiggelt en Renate Rubinstein daar in 1953 zouden hebben doorgebracht en om dit voor Carmiggelts vrouw te verdoezelen, zou hij het werkwoord epibreren ingevoerd hebben.[3]

In het Duits[bewerken]

In het Duits bestaat het woord 'epibrieren'. De oorsprong hiervan is onduidelijk. Het woord kreeg er landelijke bekendheid toen de oplichter Jürgen Harksen het in 2007 in een interview gebruikte.[4] Het kan echter niet worden uitgesloten dat het ook in Duitsland optredende ensemble De Dichters uit Epibreren het ca. 2000 over de grens heeft geïntroduceerd.[5]

Voorbeelden uit praktijk[bewerken]

Epibreren heeft zich in het huidige onderwijssysteem genesteld. Vooral in het voortgezet onderwijs hebben veel scholieren er onbewust mee te maken. Enkele vormen staan hieronder weergegeven.

  • Docent: 'Je noemt het dus magma als het zich binnen de vulkaan bevindt. [op dat moment steekt een leerling zijn vinger op] Wat is je vraag?' Leerling: 'Oh… laat maar… ik snap het al… ik dacht even… ja, nu is het duidelijk.'
De docent denkt dat de leerling luistert naar de uitleg. In werkelijkheid epibreert de leerling om vervolgens weer met zijn hoofd op het schoolboek te gaan liggen.
  • De docent loopt door de klas en kijkt in de schriften of iedereen zijn huiswerk heeft gemaakt. De leerling zet zijn meest onleesbare handschrift op en vult zijn bladzijden met inkt. De docent kijkt er overheen en fluistert: 'Goed werk, ik kan zien dat je er veel tijd aan hebt besteed.' (In werkelijkheid staat bij vraag 18: De banaan apen missen de basketbal in de mep kan.)
Het opvullen van de bladzijden scheelt de leerling huiswerk en de docent is nog tevreden ook. Zelfs wanneer er grote onzin staat.
  • De docent zit achter zijn bureau en kijkt op. Snel anticipeert de leerling, kijkt in de lucht, zet zijn denkblik op, krabbelt met zijn hand aan zijn kin en beweegt de pen een centimeter boven zijn schrift.
De docent ziet werkende leerlingen. In werkelijkheid kan de leerling later met zijn stoel achteroverhangen en epibreren door te doen alsof hij iets uitrekent op zijn 'rekenmachine'.

Externe link[bewerken]

Icoontje WikiWoordenboek Zoek epibreren op in het WikiWoordenboek.