Europees Sociaal Handvest

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Het Europees Sociaal Handvest (ESH) is een mensenrechtenverdrag waarin rechten en vrijheden vastliggen die moeten worden gerespecteerd door de staten die het ondertekend hebben en in 1961 opgesteld. Via een overkoepelend mechanisme wordt maximale naleving gegarandeerd. Niettemin zijn de meeste artikelen als aanbevelingen of streefdoel geformuleerd, niet als bindende voorschriften.

Nederland stemde in 2004 in met de laatste versie van het ESH.

Rechten[bewerken]

Rechten die in het ESH zijn vastgelegd (in de in 1999 voor het laatst herziene versie), betreft:

Huisvesting[bewerken]

Gezondheid[bewerken]

Onderwijs[bewerken]

Arbeid[bewerken]

Sociale bescherming[bewerken]

Personenverkeer[bewerken]

  • vergemakkelijking van immigratieformaliteiten voor Europese arbeiders
  • recht op familiereünie
  • vreemdelingen zonder verblijfsrecht hebben recht noodhulp, tot op het moment van terugkeer
  • procedurele bescherming bij uitzetting

Niet-discriminatie:

Europees Comité voor Sociale Rechten[bewerken]

Het Europees Comité voor Sociale Rechten (ECSR) controleert of de aangesloten landen de regels van het handvest naleven. Het comité bestaat uit vijftien onafhankelijke, onpartijdige leden gekozen door het Comité van Ministers van de Raad van Europa. Een zittingsperiode van een comité duurt zes jaar en mag maximaal één keer verlengd worden. De aangesloten staten moeten één keer per jaar een rapport maken waarin staat hoe ze (enkele van) de voorschriften in de praktijk brengen.

Bij schendingen van de regels kunnen de volgende partijen een klacht bij het ECSR indienen:

  • de ETUC, UNICE en IOE
  • niet-gouvernementele organisaties (NGO’s), met adviesstatus bij de Raad van Europa, die op een door het regeringscomité opgestelde lijst staan
  • werknemersorganisaties en vakbonden in aangesloten landen
  • nationale NGO's (in staten die dit ook hebben aanvaard)


Bronnen, noten en/of referenties