Naar inhoud springen

Faciës (geologie)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Zie faciës voor andere betekenissen van dit onderwerp.

Een faciës is in de geologie een gesteente, gesteente-eenheid of gesteentelichaam dat zich onderscheidt door de omstandigheden waarin het ontstond. Het gesteente van een faciës heeft eigenschappen die meestal kenmerkend zijn voor de omstandigheden bij vorming. Een bepaalde faciës onderscheidt zich van omringend gesteente van gelijke ouderdom dat niet tot de faciës behoort. Een verschil in faciës is een verschil in de lithologie (het soort gesteente), de mineralogie of de fossieleninhoud, maar niet noodzakelijk een verschil in ouderdom.

Een faciës die alleen door lithologische kenmerken is gedefinieerd is een "lithofaciës". Als alleen fossielen of een fossiele fauna (biologische kenmerken) beschouwd zijn spreekt men van een "biofaciës". Faciës kunnen genoemd zijn naar omstandigheden, gesteentesoorten, of locaties. Hetzelfde gesteente kan daarom bij meerdere faciës zijn ingedeeld: een zwarte schalie kan bijvoorbeeld zowel een "zwarte schaliefaciës" (gesteentesoort) als een "diepwater-faciës" (afzettingsmilieu) hebben.

Het begrip faciës werd in 1836 ingevoerd door de Zwitserse geoloog Amanz Gressly.

Sedimentaire faciës

[bewerken | brontekst bewerken]

Sedimentaire faciës komen voor bij sedimentair gesteente, dat aan het aardoppervlak ontstaat. Het afzettingsmilieu en klimaat bepaalden de omstandigheden bij vorming. Een rivier zal bijvoorbeeld op zijn stroomrug zand afzetten, maar daarnaast in zijn uiterwaarden klei. De faciësovergang kan tot uiting komen in een overgang tussen zandsteen en kleisteen.

Walthers faciëswet zegt dat in een horizontale sedimentaire opeenvolging een verticaal faciësverschil het gevolg is van een horizontale verschuiving van de afzettingsomstandigheden. Oftewel, als bijvoorbeeld een rivier zijn bedding verlegt, zullen sedimenten van het ene type boven op sedimenten van het andere type komen te liggen. Een ander voorbeeld is als de zeespiegel daalt (regressie) of juist stijgt (transgressie) waardoor de zee landinwaarts beweegt of zich juist terug trekt. De wet is opgesteld door de Duitse geoloog Johannes Walther.

Metamorfe faciës

[bewerken | brontekst bewerken]

Metamorfe faciës komen voor in metamorf gesteente en worden alleen gedefinieerd aan de hand van kenmerkende mineralen. De faciës hangt af van de omstandigheden van temperatuur en druk bij de vorming. De mineralen in metamorf gesteente zijn kenmerkend voor deze omstandigheden. De groenschistfaciës bijvoorbeeld heeft een relatief lage druk en temperatuur, waarbij veel mineralen met een groenige kleur groeien, zoals chloriet, epidoot en actinoliet. Bij de blauwschistfaciës is de druk relatief hoog geweest. In deze faciës komt vaak het blauwe mineraal glaucofaan voor.