Farmacie

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Vijzel
12-08-18-tilidin-retard.jpg

Farmacie is de wetenschap van de farmaca, vaak (onjuist) geneesmiddelen of medicijnen genoemd. Het Griekse woord φάρμακον phármakon betekent geneeskrachtige stof. Een farmaceut is een beoefenaar van de farmacie. Een apotheker is dus per definitie een farmaceut. Een Nederlandse apotheker heeft echter een universitaire vervolgopleiding gedaan na het behalen van de vooropleiding farmacie en kan als zodanig ook worden ingeschreven in het BIG-register. Niet iedere farmaceut is dus apotheker. In Nederland kan farmacie gestudeerd worden aan de Rijksuniversiteit Groningen en aan de Universiteit Utrecht. In België aan de universiteiten van Gent, Antwerpen en Leuven.

De farmaceutische wetenschap houdt zich bezig met de werking van farmaca, geneesmiddelen en placebo's, en de invloed die ze hebben op mens en dier, in het bijzonder bij ziekte of klachten. Daarnaast worden de eigenschappen en werkzaamheid van geneeskrachtige stoffen, de samenstelling, bereidingswijze en wijze van conservering van geneesmiddelen, de gewenste dosis farmacon, interactie tussen geneesmiddelen en de giftigheid (toxiciteit) van medicijnen bestudeerd.

Onderdelen van de farmacie zijn onder andere de farmacotherapie, farmacologie (bestaande uit farmacodynamiek en farmacokinetiek), farmacognosie, farmacochemie, farmaceutische technologie (waaronder recepteerkunde en bereiding van geneesmiddelen) en biofarmaceutische analyse.

De wettelijke vereisten voor de bereiding van geneesmiddelen zijn in Nederland vastgelegd in de Geneesmiddelenwet, de Regeling Geneesmiddelenwet en het Besluit Geneesmiddelenwet. De geneesmiddelenwetgeving kan per land verschillen. De Internationale Conferentie voor Harmonisering (ICH) werkt aan standaardisering van geneesmiddelenwetgeving.

De farmaceutische industrie doet onderzoek naar, ontwikkelt en produceert geneesmiddelen.

Zie ook[bewerken]