Fiat 131

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

De Fiat 131 Mirafiori is een sedan in de compacte middenklasse van de Italiaanse autofabrikant FIAT.

De 131, ook bekend onder de naam Fiat Mirafiori (naar de buitenwijk in Turijn waar de auto's geproduceerd werden) is van 1974 tot 1984 op de markt geweest. Net als sommige andere modellen van Fiat is ook de 131 door andere producenten geassembleerd. Toen de productie in 1984 eindigde waren er 1.513.800 stuks gemaakt (in Italië).[1] De Fiat 131 werd in oktober 1974 op de autotentoonstelling van Turijn gepresenteerd als de opvolger van de Fiat 124. Het was een achterwielaangedreven sedan waarbij de motor voorin in lengterichting was geplaatst. De viercilindermotoren waren gebaseerd op die van de Fiat 124: een gietijzeren motorblok en een aluminium cilinderkop. In eerste instantie waren dit motoren met een onderliggende nokkenas (OHV). Later kwam de 131 ook met dubbele bovenliggende nokkenassen (DOHC). De brandstoftoevoer verliep door middel van een Weber-carburateur.

Serie 1[bewerken]

Fiat 131 S Mirafiori 1600

De 131 werd vanaf de introductie geleverd met viercilinder-motoren van 1,297 of 1,585 cc. Een handgeschakelde vierversnellingsbak was standaard. Een handgeschakelde vijfversnellingsbak en een drietraps automaat waren alleen leverbaar met de 1,6-liter motor. Er waren drie carrosserievormen: een tweedeurs sedan, een vierdeurs sedan en een stationwagen. De stationwagens werden gebouwd bij SEAT in Spanje maar werden als Fiat geleverd. Er waren twee uitrustingsniveaus, het instapmodel 131 Mirafiori (ook bekend als 'Normale' of 'Standard') met enkele vierkante koplampen, wielen en wieldoppen van de Fiat 124 en een simpel interieur. Daarboven kwam de 131 Mirafiori Special of 'S' die herkenbaar was aan de dubbele ronde koplampen, een andere grille en verchroomde ruitomlijstingen. Accessoires als airconditioning, sperdifferentieel, een vinyl dak of een toerenteller waren alleen leverbaar op deze versie.

Elke carrosserievorm kon geleverd worden met beide motoren en uitrustingsniveaus, behalve de Special station die alleen geleverd werd met de grotere motor. De versies voor de Noord-Amerikaanse markt hadden een 1,8-liter motor in combinatie met een drietraps-automaat van General Motors.

Serie 2[bewerken]

Fiat 131 Supermirafiori 1979

In 1978 kreeg de 131 een kleine facelift. Nieuwe DOHC-motoren met dubbele bovenliggende nokkenassen werden geïntroduceerd en deze modellen werden 'Supermirafiori' genoemd.

Aan de buitenzijde waren de grootste wijzigingen grotere vierkante koplampen, nieuwe bumpers, grotere achterlichten en een nieuw interieur met een dik, eenspaaks stuurwiel. Er kwam in dat jaar ook een 2-deurs sportversie, de 'Racing' met een 115 pk motor met bovenliggende nokkenassen. Deze auto had vier ronde koplampen, een aparte grille, spoilers, uitgeklopte wielkasten en een vijfversnellingsbak met kortere overbrengingen. De Racing had een topsnelheid van 180 kilometer per uur. De dieselversies kregen ook twee ronde koplampen en hadden een opvallende verhoging in de motorkap om de hogere motor in onder te brengen. De stationwagen werd nu 'Panorama' genoemd.

Serie 3[bewerken]

Fiat 131 2000TC 01

De 131 kreeg in maart 1981 een nieuwe update. De auto werd op dit moment niet langer in de Verenigde Staten geleverd. De productie van de Racing-versie stopte ook, al werden ze nog tot in het jaar 1982 verkocht. De motor van deze auto, de 2,0-liter met dubbele nokkenas werd nu geleverd in de Supermirafiori. Er kwam een licht aangepast interieur, een nieuwe 1,4-liter motor en een aangepaste 1,6-liter motor. Verder kwamen er nieuwe versnellingsbakken, aangepaste wielophangingen en een grotere benzinetank met een inhoud van 53 liter.

In juni 1981 werd op sommige markten een nieuwe sportversie, de 'Volumetrico Abarth' geleverd met de 2,0-liter motor met compressor. Deze auto, ook bekend onder de naam '2000 TC Compressore' werd in een kleine serie van ongeveer 200 exemplaren gebouwd en had een topsnelheid van 190 kilometer per uur.

In 1983 stopte de productie van de sedanversie maar de station, nu 131 Maratea genoemd, bleef in productie tot 1985. Deze auto werd daarna vervangen door de op de Ritmo gebaseerde Regata.

De 131 als rally-auto[bewerken]

In 1976 werden 400 Fiat Abarth 131 Rally-auto's gemaakt voor homologatiedoeleinden. Dit gebeurde in een samenwerking door Fiat, Abarth en Bertone. Bertone gebruikte half afgebouwde tweedeurs carrosserieën van de productielijn van de fabriek in Mirafiori, monteerde kunststof spatborden voor en achter, een kunststof motorkap en paste de carrosserie aan voor montage van onafhankelijke wielophanging. De auto's werden geheel in kleur gespoten en terug geleverd aan de Fiat-fabriek in Rivalta waar de Abarth-onderdelen werden gemonteerd. De straatversie van de auto had een 16-klepper DOHC-motor met dubbele Weber carburateurs van 140 pk. Deze had een standaard versnellingsbak en een ondermaats remsysteem afkomstig van de kleine Fiat 127.

De Fiat Abarth 131 was een zeer succesvolle Groep-4 rally-auto waarmee het wereldkampioenschap voor constructeurs werd behaald in 1977, 1978 en 1980. Tussen 1976 en 1981 won de Fiat 131 20 wedstrijden in het het WRC. Markku Alén won in 1978 het WRC en Walter Röhrl in 1980; andere bekende coureurs in deze auto waren Sandro Munari, Timo Salonen, Attilio Bettega en Michèle Mouton. Tussen 1975 en 1977 had de officiële fabrieksauto het 'Olio Fiat' kleurenschema in blauw en geel. In de jaren 1978 en 1979 de kleuren rood, wit en groen van sponsor Alitalia.

Niet-Italiaanse productie[bewerken]

De 131 is in licentie gebouwd door onder meer Seat, in Polen door FSO en door het Turkse Tofaş waarvan een op de 131 gebaseerd model nog tot in 2010 geassembleerd is in Ethiopië door Holland Car.