Filet americain

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Zie het artikel Dit artikel gaat over de 'bereide' (van toevoegingen voorziene) versie. Voor de 'onbereide' (pure) versie zie Tartaar (vlees)
Filet americain als broodbeleg

Filet americain of préparé wordt gemaakt van fijn gemalen rauw mager rundvlees zoals biefstuk met toevoeging van peper en bijvoorbeeld ei.

Waar in Nederland met 'filet americain' standaard de bereide variant bedoeld wordt, heeft in België en Frankrijk de term filet americain een licht andere betekenis. Wie in België om filet americain of gewoon americain vraagt, krijgt er tartaar, gemalen rundfilet zonder peper of andere toevoegingen, want 'filet' is puur vlees. In België heet de bereide variant (americain) préparé.

In Nederland is filet americain broodbeleg of beleg van bijvoorbeeld toast.[1]

Martino[bewerken]

Een pikante variant van filet americain, populair in België en zuidelijk Nederland, is de Martino. Om een Martino te verkrijgen wordt naast tartaar de volgende ingrediënten toegevoegd: mosterd, een pittig sausje ('martino-saus', bijvoorbeeld ketchup, tabasco en/of worcestersaus), ajuin (uitjes) en augurkjes. Soms voegt men ook tomaat, ei en/of ansjovis toe. In frituren worden de ajuin en de augurk al eens vervangen door een pickles-versie.

De eerste Martino wordt geclaimd door Albert De Hert, die in 1951 een sandwichbar Quick openhield op het De Coninckplein in Antwerpen. Volgens De Hert kwam voetballer Theo Maertens op een dag binnen met flinke honger en een stuk in zijn kraag en bestelde een broodje préparé "met alles wat er in huis te vinden is." Dat bleek piri-piri, tabasco, cayennepeper, augurken, zout, ketchup, worcestersaus en gesnipperde ui te zijn. Het nieuwe broodje viel in de smaak en een dronkenlap riep: "Doe mij maar hetzelfde als de Martino." "Italiaanse liederen en orkesten waren begin jaren vijftig erg populair. Het was toen modieus om namen te 'veritaliaansen' door een o of een i toe te voegen. Zo kwam het dat de mensen ons Alberto en Martino noemden," verklaart Albert De Hert het woordgebruik Martino voor de pikante combinatie.[2]

De eigenaars van de snackbar Martino in Gent beweren dan weer dat de Martino in Gent is uitgevonden. Het was Raymond Noë die op vraag van een paar Engelse toeristen een pikante sandwich samenstelde. Het broodje viel zo in de smaak dat hij het kort daarna op de kaart zette als broodje Martino, naar een Italiaanse vriend van hen.[3] [4]

Voedselveiligheid[bewerken]

Het Voedingscentrum (Nederland) adviseert "ouderen, mensen met verminderde weerstand, zwangeren en jonge kinderen" geen filet americain, ossenworst, carpaccio of niet-doorbakken tartaar te eten.[5] In zijn bewaarwijzer[6] vermeldt het "eten op dag van aankoop".