First Nations

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

First Nations is een etnische term die verwijst naar de inheemse volkeren in Canada die niet behoren tot de Inuit of Métis.[1] Er zijn momenteel 634[2] erkende First Nations overheden verspreid over Canada, waarvan ongeveer de helft in de provincies Ontario en British Columbia.[3] De totale bevolking is bijna 700.000. Volgens de Employment Equity Act, zijn de First Nations een aangewezen groep, samen met vrouwen, zichtbare minderheden en personen met lichamelijke of geestelijke handicap.[4] Ze zijn zelf echter niet gedefinieerd als een zichtbare minderheid krachtens de wet of door de criteria van officiële Canadese statistieken.[5]

Het enkelvoud, First Nations persoon, First Nations man of First Nations vrouw, wordt algemeen gebruikt binnen cultureel gepolitiseerde reservaten. Er is een meer recente trend dat leden van verschillende Nations enkel met hun tribale of nationale identiteit naar zichzelf verwijzen om het onderscheid tussen de First Nations etniciteiten duidelijk te maken.[6]

De culturen van de Noord-Amerikaanse inheemse volkeren zijn duizenden jaren oud. Sommige van hun orale tradities geven een nauwkeurige beschrijving van historische gebeurtenissen, zoals de Aardbeving van Cascadia van 1700. De eerste schriftelijke overleveringen dateren uit de late 15de eeuw, met de komst van Europese ontdekkingsreizigers en kolonisten tijdens het Tijdperk van de Ontdekkingen.[7][8] Europese documenten van pelsjager, handelaren, ontdekkingsreizigers en missionarissen leveren belangrijk bewijsmateriaal voor het vroege contact met de inheemse cultuur.[9] Daarnaast heeft archeologisch en antropologisch onderzoek, evenals taalkunde, geleerden geholpen om de oude culturen en historische volkeren te begrijpen.

Hoewel niet zonder conflict of slavernij, waren de vroege contacten tussen Europese Canadesen enerzijds en First Nations en de Inuit bevolking anderzijds relatief vreedzaam in vergelijking met de Indiaanse oorlogen tussen de kolonisten en inheemse volkeren in de Verenigde Staten. In combinatie met de latere economische ontwikkeling, heeft deze relatief vreedzame geschiedenis het mogelijk gemaakt dat de First Nations volken een sterke invloed hebben op de Cultuur van Canada, met behoud van hun eigen identiteit.[10]

Terminologie[bewerken]

Samen vormen de First Nations,[3] Inuit,[11] en Metis[12] de Inheemse volkeren in Canada. Daarnaast maken ze deel uit van de Inheemse volkeren van Noord en Zuid Amerika en First Peoples.[13][14] First Nations is een wettelijk omschreven term die in de jaren 1980 de term Indiaanse band verving en nu algemeen wordt gebruikt.[15] Elder Sol Sanderson heeft beweerd dat hij de term gebruikte in de vroege jaren 1980.[16] Een band is een wettelijk erkend "lichaam van Indianen waarvoor land is gereserveerd of geld wordt beheerd door de Canadese Kroon, voor gezamenlijk gebruik en genot, of verklaart een band te zijn zoals beoogd door de Indiaanse wet."[14]

Pas als ze zijn vermeld in het Indiaanse Register, worden First Nations mensen door de Regering van Canada officieel erkend als geregistreerde Indiaan met de Indiaanse status. Daarmee geeft de Indiaanse Wet recht op een uitkering.[17] Als ze niet zijn geregistreerd, worden ze beschouwd als Indiaan zonder status en hebben ze volgens de Canadese staat geen recht op een uitkering. De uitvoering van de Indiase wet en het beheer van het Indiaanse Register wordt gedaan door de afdeling Indiaanse en Noordelijke Zaken van de federale overheid.[15]

Hoewel in Canada het woord Indiaan nog steeds een juridische term is, wordt deze steeds minder gebruikt.[18][19] Sommige First Nations mensen beschouwen de term beledigend, terwijl anderen de voorkeur hebben voor Aboriginal. Volgens de Canadese volkstelling van 2006, identificeren meer Canadezen zichzelf als Indo-Canadees dan er leden zijn van de First Nations. Deze demografische verandering is het gevolg van de verhoogde 20e-eeuwse immigratie. De term Native American, die vaak in de Verenigde Staten wordt gebruikt, is niet populair in Canada.[14] Deze term verwijst meer specifiek naar de inheemse volkeren die woonachtig zijn binnen de grenzen van de Verenigde Staten.[20] De gelijkluidende term Native Canadian wordt niet vaak gebruikt, in tegenstelling tot Natives en autochtonen. Onder de Koninklijke proclamatie van 1763, ook bekend als de Indiaanse Magna Carta,[21] wordt door de Canadese Kroon verwezen naar inheemse volken in Brits grondgebied als stammen of naties. De term First Nations is met hoofdletters, in tegenstelling tot andere termen. Banden en naties kunnen een iets andere betekenis hebben.

Geschiedenis[bewerken]

Volgens archeologisch en inheems genetisch bewijs, waren Noord- en Zuid-Amerika de laatste continenten die werden bewoond door mensen.[22] Tijdens de Wisconsin ijstijd, 50.000 tot 17.000 jaar geleden, maakte de verlaging van de zeespiegel een reis mogelijk over de Beringlandbrug die zich uitstrekt van Siberië tot noordwest Noord-Amerika.[22] Alaska was ijsvrij als gevolg van lage sneeuwval, waardoor een kleine populatie mogelijk werd. De Laurentide ijskap bedekte een groot deel van Canada, zodat de nomadische inwoners van Oost Beringia voor duizenden jaren niet verder konden reizen.[23]

Post-Archaïsche periode[bewerken]

Schilderij van Ojibwe nabij Georgian Bay door Paul Kane

Onder de First Nations volken, zijn er acht unieke scheppingsverhalen en varianten daarvan bekend. Dit zijn de Aardeduiker, Wereldouder, Opkomst, Conflict, Diefstal, Hergeboorte van het lijk, Twee makers' en hun wedstrijden en De broedermythe.[24] Canadese inheemse beschavingen hadden kenmerken van permanente of stedelijke nederzettingen, landbouw, stedelijke en monumentale architectuur en complexe maatschappelijke hiërarchieën.[25] Sommige van deze beschavingen waren al lang uitgestorven voor de tijd van de eerste Europese contacten en zijn ontdekt door archeologisch onderzoek. Anderen werden tijdens deze periode opgenomen in historische verslagen van die tijd[25] Toen de Europeanen arriveerden, waren de inwoners van Noord-Amerika semi-nomadische Stammen van jager-verzamelaars. Anderen waren agrarische beschavingen met vaste verblijfplaats. Nieuwe stammen of confederaties werden gevormd in reactie op de Europese kolonisatie.

Hopewell Interaction Area

De Old Copper Cultures dateren van 3000 BC tot 500 BC, waarbij van aardewerk nog geen sprake was. Het koper werd gevonden op glaciale afzettingen in het gebied rond de Grote Meren en werd in zijn natuurlijke vorm gebruikt om gereedschappen en werktuigen te vervaardigen.[26] De Woodland Cultuur in Ontario en de Maritieme provincies dateert van 1000 BC tot 1000 AC. De invoering van aardewerk onderscheidt deze cultuur van de Archaische Periode. Het Laurentide volk in het zuiden van Ontario fabriceerde het oudste aardewerk dat is opgegraven in Canada.[27] Zij creëerden bekers met puntige onderkant die ze versierden met een techniek waarbij tandafdrukken op een rij in de natte klei werd geplaatst. De Woodland technologie omvat voorwerpen zoals messen van beversnijtanden, armbanden en beitels. De invoering van de Drie-zusterslandbouw resulteerde in een dieet van pompoen, maïs en bonen en een toename van de bevolking.[27]

De Norton Cultuur is een archeologische cultuur die zich ontwikkelde in de Western Arctic langs de Alaskaanse oever aan de Beringstraat van 1000 BC tot ongeveer 900 AC.[28] De mensen van het Nortonvolk gebruikten stenen gereedschappen net als hun voorgangers, de Arctische kleine-gereedschappencultuur, maar waren meer georiënteerd op de zee en brachten nieuwe technologieën, zoals de olielamp en het kleischip. Ze jaagden op Rendieren en kleinere zoogdieren en vingen zalm en grotere zeezoogdieren. Opgravingen van prehistorische dorpen getuigen van een permanente bewoning[28] De Hopewell Cultuur floreerde langs rivieren in het noordoosten en midwesten van de Verenigde Staten, van 300 BC tot 500 AC.[29] De Hopewell Cultuur was geen op zichzelfstaande cultuur of samenleving, maar een set van verspreide populaties, verbonden door een gemeenschappelijk netwerk van handelsroutes,[30] bekend als de Hopewell Exchange System. Tijdens haar grootste omvang, liep de Hopewell Exchange System van het zuidoosten van de Verenigde Staten tot de zuidoostelijke Canadese oevers van het Ontariomeer. Onder andere het Point Peninsula Complex, het Saugeen Complex en het Laurel Complex zijn voorbeelden van de Hopewelliaanse volkeren in Canada.[31]

Vorming van naties[bewerken]

De First Nations hebben zich overal in Canada gevestigd, van 500 BC tot 1000 AC. Honderden stammen ontwikkelden zich, elk met zijn eigen cultuur, gewoonten, legendes en karakter.[32] In het noordwesten waren het de Athabaskische, Slavey, Tli Cho, Tutchone en Tlingit volken, langs de Pacifische kust de Haida, Salish, Kwakiutl, Nuu-Chah-Nulth, Nisga'a en Gitxsan, in de vlakten de Blackfoot, Kainai, Sarcee en Noord-Peigan, in de noordelijke bossen de Cree en Chipewyan, rond de Grote Meren de Anishinaabe, Algonquin, Iroquois en Wyandot en langs de Atlantische kust de Beothuk, Maliseet, Innu, Abenaki en Mi'kmaq.

De Blackfoot indianen bevinden zich in de Great Plains van Montana en de Canadese provincies van Alberta en Saskatchewan.[15] Zij zijn genoemd naar de kleur van hun leren schoenen, beter bekend als mocassins. Een legende zegt dat de Blackfoot door de as van prairiebranden liepen, waardoor de onderkant van hun mocassins zwart werd gekleurd. In werkelijkheid verfden ze de onderkant van hun mocassins zwart.[15] De Blackfoot leefden oorspronkelijk als bos-indianen, noordoostelijk van de Plains. Ze migreerden naar de Plains, pasten zich aan en raakten gewend aan hun nieuwe gebied[33] Ze leerden het nieuwe land goed kennen en vestigden zich daar als prairie-Indianen in de late 18e eeuw.[34]

Externe links[bewerken]