Flandrien (wielrenner)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Een Flandrien is een wielrenner die een wielerwedstrijd hard maakt door voortdurend te kiezen voor de aanval en te blijven rijden totdat hij oververmoeid de streep bereikt. De term is ontstaan tijdens de Vlaamse wielerkoersen van het interbellum toen de wielrenners een voortdurend gevecht moesten leveren tegen de slecht aangelegde kasseien van de Vlaamse wegen. Sindsdien is de betekenis van de term aan verandering onderhevig.[1]

Vlaanderen heeft een rijk wielerverleden. Zelfs heel wat buitenlandse renners die heden ten dage komen koersen in Vlaanderen weten heel goed dat aan elke koppige, bonkige kassei van de heuvelzones in Vlaanderen een hele koershistorie plakt die weinig andere koerslanden in Europa kunnen voorleggen. Het beeld van de typische Vlaamse renner van toen die met reservebanden om de nek, met modder in het gelaat en met een gezicht dat boekdelen spreekt de streep overzwalpt, staat bij het wielergekke Vlaanderen bekend als het beeld van de Flandrien... De Flandrien waarvan gezegd wordt dat Kortrijkzaan Briek Schotte de laatste telg in het Flandriengeslacht was.

In Sportwereld werd het volgende gepubliceerd n.a.v. de publicatie van de voorstelling van het boek "Koarle". Het gaat over Karel Van Wijnendaele, alias Koarle, de stichter van de Ronde van Vlaanderen.

"De man van de Ronde zelf, het levende beeld in tastbaren vorm van den vechtenden, den strijdenden en den willenden Flandrien, we bedoelen Gaston Rebry, die zoo eervol viel op het slagveld van den Kruisberg, na eerst ieders bewondering te hebben afgedwongen Het zijn de woorden die Karel Van Wijnendaele op papier zette na de Ronde van Vlaanderen van 1936. De Brabander Louis Hardiquest kon zich toen wel winnaar noemen, opgever Rebry kreeg van Koarle alle krediet. De West-Vlaming had "met zijn tomeloze aanvalsdrift en hardnekkigheid immers voor magie gezorgd. Dát waren ook eigenschappen die alleen thuis hoorden in Vlaanderens Hoogmis én eigen waren aan 'echte' Flandriens."

Tegenwoordig wordt een renner die veelvuldig in de aanval trekt, beschouwd als een Flandrien. Johnny Hoogerland en Lieuwe Westra zijn enkele voorbeelden. Maar ook Tom Boonen heeft Flandrieneigenschappen.

Sedert 2003 wordt elk jaar de Flandrien-Trofee overhandigd aan de meest Flandrienachtige renner van het jaar.

Het klassieke werk over de flandriens Het rijke Vlaamsche wielerleven (1942) van Karel van Wijnendaele werd in 2008 met toestemming van de erven Van Wijnendaele integraal op het internet gepubliceerd.[2]

Zie ook[bewerken]

Bronnen[bewerken]

  1. Een ‘Flandrien’ is niet meer wat hij geweest is, Ronnie van den Bogaart, 18-9-2011, Sporgeschiedenis.nl]
  2. Het rijke Vlaamsche wielerleven, Karel Van Wijnendaele