Frans den Hollander

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Jump to search
Frans den Hollander (1958)

Franciscus Quirien (Frans) den Hollander (Goes, 31 mei 1893 - Maarn, 18 augustus 1982) was president-directeur van de Nederlandse Spoorwegen van 1947 tot 1958.

Biografie[bewerken]

Den Hollander, die in spoorwegkringen bij voorkeur als "F.Q." werd aangeduid, bezocht de Rijks-HBS in Goes en studeerde aan de Technische Hoogeschool in Delft, waar hij in 1916 afstudeerde als werktuigbouwkundig ingenieur. Daarna begon hij een langdurige carrière bij de spoorwegen. Na een stage bij de HSM was hij van 1918 tot 1938 in diverse functies werkzaam bij de Dienst Staatsspoor- en Tramwegen in Nederlandsch-Indië.

Terug in Nederland kreeg hij, met het oog op de naderende oorlog, de leiding over het Staatsbedrijf der Artillerie-Inrichtingen Hembrug. Tijdens de Tweede Wereldoorlog wilde Den Hollander geen wapens produceren voor de Duitse bezetter en schakelde over op de fabricage van landbouwwerktuigen. In 1943 werd hij uit zijn functie ontheven. In het laatste oorlogsjaar was Den Hollander zeer actief voor het Nationaal Steun Fonds, de financier van de verzetsbeweging.

De Nederlandse regering in Londen nomineerde hem voor de leiding van de Nederlandse Spoorwegen na de bevrijding, in plaats van de omstreden Jan Goudriaan, die in 1944 herbenoemd was, maar in 1945 ontslag moest nemen. Van Den Hollander met zijn spoorweg-achtergrond kon een vruchtbaarder samenwerking met het NS-establishment worden verwacht. In 1946 werd hij plaatsvervangend president-directeur van de NS, maar het kabinet-Schermerhorn-Drees overwoog hem terug te laten gaan naar Nederlands-Indië, waar luitenant-gouverneur-generaal Hubertus van Mook in deze woelige periode een betrouwbare rechterhand nodig had. Van Mook en Den Hollander zelf zouden dat graag hebben gewild, maar het ging niet door en hij bleef bij de NS.

In 1947 volgde hij Willem Hupkes op als president-directeur. Hij stimuleerde de elektrificatie van het spoorwegnet en nam het initiatief tot de internationale luxetrein Trans Europ Express (TEE). Onder zijn leiding maakte de NS als één van de eerste Europese spoorwegbedrijven een einde aan de stoomtractie: de officiële afscheidsrit van locomotief 3737 vond in zijn laatste NS-jaar plaats op 7 januari 1958. Bij zijn pensionering per 1 januari 1959 volgde ir. J. Lohman hem op. Daarna was hij tot 1961 voorzitter van het liberaal-neutrale Verbond van Nederlandsche Werkgevers en tot in de jaren zeventig lid van de Raad van commissarissen van vele ondernemingen.

Waardering[bewerken]

1982: F.Q. Den Hollander (oud-president NS) krijgt in het Spoorwegmuseum in Utrecht het 1ste exemplaar van de serie NS-herdenkingsmunten

F.Q. den Hollander was bij het NS-personeel bijzonder geliefd. Hij gold als "streng maar rechtvaardig" en ging regelmatig het land in voor een inspectiereis. Buiten het bedrijf was hij een "bekende Nederlander": zo verzorgde hij radiopraatjes over het spoorwegbedrijf. Hij was na een scheiding hertrouwd met Marie Ketjen. Van zijn eerste vrouw is bekend dat zij invloed uitoefende op bepaalde beslissingen van haar echtgenoot. Zo koos zij voor de groene kleur van de stroomlijntreinstellen, die volgens haar moest aansluiten bij de kleuren in het Nederlandse landschap.

Ook buiten de NS bestond waardering voor de wetenschappelijke verdiensten van Den Hollander, die in de vakpers veel artikelen publiceerde over locomotieven en andere aspecten van het spoorwegbedrijf. In 1955 kreeg hij een eredoctoraat aan de Technische Hogeschool Delft.