Frick Collection

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Henry Clay Frick House, Manhattan

De Frick Collection is de kunstverzameling van de Amerikaanse staalmagnaat en mecenas Henry Clay Frick (1849-1919). Zij is ondergebracht in een museum gelegen aan Central Park (Manhattan) in New York.

Huisvesting[bewerken]

Henry Clay Frick

Ten voorbeeld aan de Frick Collection stond de kunstverzameling van de Markies van Hertford, die zijn woonhuis in Londen met zijn kunstcollectie omvormde tot een toegankelijk museum, de Wallace Collection. Henry Clay Frick bezocht deze Londense collectie in 1880 en was verrukt door de intieme presentatie der kunstwerken.

De staalmagnaat Frick had een vermogen opgebouwd via een door hem ontwikkeld procedé om steenkool om te vormen tot cokes. Voor de opkomende Pittsburghse staalindustrie werd hij een onmisbare toeleverancier. Hij fuseerde later met het imperium van Andrew Carnegie. In 1905 verhuisde Frick naar New York om er zijn laatste levensjaren door te brengen. Hij gaf de architecten John Carrère en Thomas Hastings in 1913 de opdracht een villa te bouwen aan het New Yorkse Central Park. Op de hoek van de Fifth Avenue en de zeventigste straat verrees in de jaren 1913-1914 voor vijf miljoen dollar een residentie voor Henry Clay Frick en zijn vrouw Adelaide. In deze fraaie stadsresidentie bracht Frick zijn alsmaar groeiende kunstverzameling onder. Het aankopen van Europese beeldende kunst werd vergemakkelijkt door de aanscherping van het Britse erfrecht. De oude Engelse adel met vanouds uitgelezen kunstverzamelingen werd gedwongen door de stijgende successierechten hun kunst te gelde te maken aan koopgrage Amerikaanse gegadigden. Op die wijze verwierf Frick een zelfportret van Rembrandt uit 1658 uit de verzameling van de Earl of Ilchester in Dorset. Fricks collectie weerspiegelt zijn voorkeur voor portretschilderkunst en landschappen.

Na de dood van Frick in 1919 kwamen het woonhuis en de collectie in een stichting terecht. Zijn vrouw bewoonde het huis tot aan haar dood in 1931. Daarna werd de residentie omgebouwd tot permanente tentoonstellingsruimte. Daartoe werden twee bijkomende zalen, een concertruimte en een voordrachtszaal met atrium bijgebouwd. In 1935 opende de "Frick Collection" de deuren voor het publiek. Frick doneerde bij leven aan de stichting vijftien miljoen dollar om het voortbestaan van de collectie te verzekeren.

Aan de 131 door Frick aangekochte schilderijen voegde de stichting later 75 werken toe op aansturen van zijn dochter Helen. In 1977 voorzag de stichting in twee tentoonstellingsruimtes voor tijdelijke tentoonstellingen. De totale collectie, bestaande uit 1.100 kwalitatief hoogstaande kunstwerken uit de renaissance tot eind 19e eeuw, is er in zestien zalen te bezichtigen. De verzameling wordt nog steeds getoond volgens Fricks oorspronkelijk concept. Frick bepaalde bij testament dat het door hem aangekochte deel van de collectie nimmer het land mocht verlaten.

Het initiatief van Henry Clay Frick vond navolging in de Verenigde Staten. Zo ontstond het Kimbell Art Museum in het Texaanse Fort Worth. Andrew Mellon stichtte zijn kunstverzameling en financierde de bouw van de National Gallery of Art in Washington D.C..

Collectie[bewerken]

De kunstverzameling bevat schilderkunstige meesterwerken van Europese kunstenaars. Sinds Fricks dood in 1919 werd de collectie met een derde uitgebreid door zijn dochter Helen.

Buiten dit picturaal werk bevat de Frick Collectie beeldhouwwerk, zilverwerk, waardevolle tapijten, Chinees porselein, email uit Limoges en 18e-eeuwse Frans meubilair.

Naast het tentoonstellen in New York wordt de collectie ook ontsloten via tijdelijke tentoonstellingen en bruiklenen. In het voorjaar 2015 toonde het Mauritshuis in Den Haag een veertigtal kunstwerken uit de latere aanwinsten van de Frick Collection.[1]

Nevenactiviteiten[bewerken]

  • De Frick Collection beheert ook de in 1920 opgerichte Frick Art Reference Library.
  • In 2018 zal het museum starten met een reeks Frick Diptychs. Dit staat voor literaire teksten bij werken uit de verzameling door bekende kunstenaars. Men start met een tekst rond een portret van Thomas More door Hilary Mantel. Verder komen aan bod: de cineast James Ivory over een werk van Johannes Vermeer en keramist Edmund de Waal over achttiende-eeuwse Franse kandelaars.

Externe links[bewerken]