Fructaan

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Structuurformule van inulinen, een lineaire fructaan met een eindstandig α-D-glucose met 1→2 binding
Structuurformules van fructanen. De groene fructose-ring komt 0 tot n keer voor.
Boven: 1-Kestose.
Midden: 6-Kestose.
Onder: gemengde vorm (bijvoorbeeld. 6,6&1 kestopentaose)

Een fructaan is een polymeer van fructosemoleculen met één sacharosemolecuul. Ze komen onder andere voor in cichorei, artisjok, asperge, prei, uien, yacón, tarwe en sommige bacteriën.

Fructanen komen ook voor in grassen. Bij de Poales, waar ook de grassen toe behoren, komen verschillende en soms zeer complexe fructanen voor. Bij veel zonneschijn en tegelijkertijd lage temperaturen, zoals die kunnen voorkomen in de late herfst en het vroege voorjaar, wordt bij grassen de energie als tussenopslag opgeslagen in fructanen. Hierdoor kan bij paarden hoefbevangenheid optreden. De 'F' in het FODMAP-arm dieet staat voor fructanen.[bron?]

Typen[bewerken | brontekst bewerken]

Naar de bindingsplaats van de fructosylresten aan het sacharosemolecuul worden drie fructaantypen onderscheiden:

'Hogere planten'[bewerken | brontekst bewerken]

Planten die hun reservevoedsel opslaan in de vorm van fructanen kunnen lage temperaturen overleven omdat de fructanen voor vorsttolerantie zorgen. Ze binden aan membranen, waardoor ze bijdragen aan het intact houden van de cellen.

Fructaangehalte in producten[bewerken | brontekst bewerken]

Aardpeer 16.0-20.0%[2]
Artisjok 2.0-6.8%[2]
Asperge 1.4-4.1%[2]
Gerstekorrels (onrijp) 22%[3]
Smeerkaas 4.5%[4]
Chocolade 9.4%[4]
Ui 1.1-10.1%[2]
Rogge-zemelen 7%[5]
Roggekorrels 4.6-6.6%[5]
Tarwe-bloem 1-4%[3]
Pasta 1-4%[2]
Witbrood 0.7-2.8%[2]

'Lagere planten'[bewerken | brontekst bewerken]

Fructanen komen ook voor bij enkele groenwieren (Dasycladales, Cladophorales) en mossen (Sphagnales, Jungermanniales). In varens en naaktzadigen zijn nog geen fructanen gevonden.

Bacteriën[bewerken | brontekst bewerken]

Fructanen komen bij enkele groepen bacteriën voor en worden dan levanen genoemd. Levan heeft een hoge polymerisatiegraad, tot meer dan 100. De biosynthese van de levanen is duidelijk verschillend van de biosynthese van fructanen bij de 'hogere planten'.