Gaius Norbanus

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Gaius Norbanus
Geboortedatum Onbekend
Sterfdatum 82 v.Chr.
Periode Romeinse Republiek
Consul in 83 v.Chr.
Praetor in 89 v.Chr.
Quaestor in 101 v.Chr.
Tribunus plebis in 103 v.Chr.
Medeconsul L. Cornelius Scipio Asiaticus
Portaal  Portaalicoon   Romeinse Rijk

Gaius Norbanus (overleden 82 v.Chr.) was een Romeins politicus en miltitair uit de late Romeinse Republiek. Hij was een aanhanger van Lucius Appuleius Saturninus en hoorde bij de partij van de populares.

Norbanus was afkomstig uit Latijnse stad Norba. Hij begon als novus homo aan de cursus honorum. Hij was volkstribuun in 103 v.Chr. In deze functie spande hij een zaak aan tegen Quintus Servilius Caepio, die als proconsul in 105 v.Chr. verantwoordelijk was voor de rampzalig verlopen Slag bij Arausio. Norbanus beschuldigde Caepio ervan te overhaast deze strijd te zijn aangegaan. Bovendien had hij de tempel van Tolosa laten plunderen. Caepio werd veroordeeld en ging in ballingschap.

Norbanus was questor in 101 v.Chr. en diende onder proconsul Marcus Antonius Orator in Cilicië. In 94 v.Chr. werd Norbanus aangeklaagd voor verraad rondom zijn proces tegen Caepio van negen jaar eerder. Marcus Antonius trad op als zijn advocaat en met zijn hulp werd Norbanus vrijgesproken. In 89 v.Chr. was hij praetor en verdedigde tijdens de Bondgenotenoorlog met succes het eiland Sicilië tegen aanvallen van de Socii, een Italische stam. Ook het jaar daarna (en mogelijk nog langer) bleef hij als propraetor op Sicilië.

In 83 v.Chr. werd Norbanus tot consul gekozen, samen met Lucius Cornelius Scipio Asiaticus. In dit jaar keerde Lucius Cornelius Sulla terug naar het Italiaanse schiereiland en de beide consuls probeerden zijn opmars te stoppen. Sulla versloeg Norbanus echter op de Tifataberg, waarop Norbanus zich terugtrok in het nabijgelegen Capua. In 82 v.Chr. werd Norbanus nogmaals verslagen, deze keer door Quintus Caecilius Metellus Pius bij Faventia in Gallia Cisalpina. Norbanus vluchtte naar Rhodos, waar hij zelfmoord pleegde omdat de eilandbewoners overwogen hem uit te leveren aan Sulla.