Galilea (streek)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Galilea aan het begin van de christelijke jaartelling
Oude weg van Rosh Pina naar Safed in Galilea (2009)

Galilea (Hebreeuws ‏הגליל, haGalil, mogelijk een afkorting van galil ha-gojiem, "district der heidenen"; Grieks: Γαλιλαία Galilaía; Latijn: Galilaea) is een uitgestrekte landstreek in het noorden van de staat Israël. Het is onder meer bekend als het gebied waar Jezus zou zijn opgegroeid en hebben gepredikt.

De streek bestaat uit twee topografische hoogten: Hoog-Galilea in het noorden en Laag-Galilea in het zuiden. Tussen deze twee regio's loopt de Bet Netofa-vallei. Het oosten van Hoog-Galilea wordt ook wel de "vinger van Galilea" genoemd.

Oudheid[bewerken]

Galilea was ooit het noordelijk deel van het voormalige koninkrijk Israël. Door het Karmelgebergte is het op natuurlijke wijze min of meer gescheiden van het zuidelijk deel, de latere regio van Samaria. Galilea werd vermoedelijk bestuurd door een gouverneur, die zetelde in Megiddo en die verantwoording verschuldigd was aan de koning van Israël.[bron?]

Assyrische, Babylonische en Perzische periode[bewerken]

In 722 v.Chr. kwam een einde aan het koninkrijk Israël en kwam Galilea onder Assyrisch bestuur te staan. Opgravingen suggereren dat de Assyriërs hun residentie niet in Megiddo vestigden, maar in Akko, maar dit is niet zeker en er zijn ook archeologen die menen dat Hazor in deze periode het bestuurlijke centrum was. Uit opgravingen blijkt bovendien dat de steden in Galilea in deze periode beduidend kleiner zijn dan in de tijd van het koninkrijk Israël. Dit bleef ook zo nadat de Babyloniërs heer en meester over het gebied waren geworden. In godsdienstige zin bleven er contacten tussen het koninkrijk Juda en het gebied van Galilea. De godsdiensthervormingen van de Judeese koningen Hizkia en Josia beïnvloedden ook Galilea.

In de Perzische periode werd Galilea overschaduwd door de invloed en voorspoed van de Fenicische kuststeden Tyrus en Sidon. Galilea zelf stelde in deze periode niet veel voor. Voor zover uit de bronnen opgemaakt kan worden, zagen de Perzen Galilea niet als een eigen regio en wezen zij geen aparte bestuurder voor het gebied aan.[bron?]

Galilea in de Grieks-Romeinse periode[bewerken]

Na de veroveringen van Alexander de Grote kwam Galilea onder Hellenistisch bestuur te staan. Na Alexanders dood waren het aanvankelijk de Ptolemaeën die vanuit de nieuw gestichte stad Ptolemaïs het gebied bestuurden. Gedurende de 3e eeuw v.Chr. was Galilea verschillende malen het strijdtoneel van conflicten tussen de Ptolemaeën en de Seleuciden, die beide het gebied van Galilea tot aan de Negev claimden. Rond 200 v.Chr. kwam het gebied definitief onder Seleucidisch bestuur te staan. Tijdens de Makkabeese opstand, die zich voornamelijk in Judea afspeelde, raakten de Makkabeese broers ook regelmatig slaags met Seleucidische troepen die in Galilea gestationeerd waren.

De Hasmoneese koning Aristobulus I veroverde in 104 v.Chr. Galilea op de Seleuciden en voegde het toe aan het Hasmoneese rijk. Voor zover de bevolking van deze gebieden uit heidenen bestond, dwong hij hen zich te laten besnijden zo tot het Jodendom toe te treden (Aristobulus' vader Johannes Hyrkanus had eerder in Idumea dezelfde politiek gevoerd). Het lijkt erop dat deze maatregelen vooral Oost-Galilea betroffen, waar naast joden ook groepen Itureeërs woonden.Iturea] woonden. Pompeius veroverde het gebied in 63 v.Chr. voor de Romeinen.

Herodes I, de zoon van de Idumeese gouverneur Antipater werd korte tijd later benoemd tot gouverneur over Galilea (48 v.Chr.). Nadat Herodes de opstand tegen de Romeinen van de Hasmoneeër Antigonus had neergeslagen, kwam Galilea te liggen onder het koningschap van Herodes (ook wel 'Herodes de Grote' genoemd).

Na de dood van Herodes de Grote werd zijn rijk onder verschillende zonen verdeeld. Galilea en Perea kwamen onder het bestuur te staan van Herodes Antipas (4 v.Chr. - 39 na Chr.) en behoorde daarna tot het koninkrijk van Herodes Agrippa I. De belangrijkste steden in Galilea in deze periode waren Tiberias (gesticht door Herodes Antipas) en Sepphoris. Plaatsen als Kapernaüm en Nazareth, die in het Nieuwe Testament een belangrijke rol spelen, waren in deze periode veel minder belangrijk en hadden vaak niet meer dan een paar honderd inwoners.

Jezus van Nazareth[bewerken]

1rightarrow blue.svg Zie Jezus (traditioneel-christelijk) voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Jezus van Nazareth zou in Kafarnaum aan het meer van Galilea gewoond hebben.

Provincie Judea[bewerken]

Na Agrippa's dood in 44 na Chr. werd Galilea onderdeel van de Romeinse provincia Judea, waartoe ook de gebieden Judea, Samaria en Idumea behoorden. Dit bleef zo tot in ieder geval de Joodse Opstand (66-70 na Chr.), al zijn er aanwijzingen dat ook daarna de Romeinen het bestuur van Judea en Galilea nogal eens combineerden.

De rabbi's van Tiberias[bewerken]

Na de Bar Kochba opstand (132-135 na Chr.), toen de Romeinen de Joden in Judea met argusogen bekeken, bleek Galilea een toevluchtsoord voor de rabbi's. Met name de school in Tiberias bleek belangrijk voor het verder herstel en de verdere ontwikkeling van het Jodendom. De Talmoed Jeroeshalmi steunt voor een belangrijk deel op de rabbi's uit Tiberias.

na 1948[bewerken]

Hoewel in het verdelingsplan van de V.N. van 1947 Resolutie 181 Algemene Vergadering Verenigde Naties een groot deel van de streek Galilea aan de Palestijnse staat werd toegewezen, was het gevolg van de Arabisch-Israëlische Oorlog van 1948 (én feiten over voorbereidingen op de grond vanaf december 1947) dat het deel ging uitmaken van de staat Israël. Sindsdien volgt de staat Israël een politiek van "verjoodsing van Galilea" (Hebrew: ייהוד הגליל Yehud ha-Galil; Arabic: تهويد الجليل, tahweed al-jalīl), een project dat samen met private organisaties wordt uitgevoerd. Het doel ervan is de demografische verhoudingen in Galilea te wijzigen door het aantal Joodse inwoners en gemeenschappen te doen toenemen ten opzichte van de voorheen grote Palestijns-Arabische meerderheid van de bevolking.

Geografie[bewerken]

De belangrijkste steden in Galilea zijn Nazareth (met grote voorplaatsen), Tiberias en Safed. Andere steden in Galilea zijn Kirjat Sjmona, Karmiël en Sachnin en aan de rand van Galilea Nahariya, Akko (westen), Afula en Bet Shean (zuiden). De stad Haifa, hoewel buiten Galilea gelegen, is een belangrijk dienstencentrum en groter dan de steden in Galilea. Er zijn bergen, uitgestrekte bossen en natuurreservaten.

Enkele toeristische trekpleisters zijn het Meer van Tiberias (ook wel Meer van Galilea), de oude stad Safad (Safed), het graf van Maimonides in Tiberias, kruisvaardersvestigingen in Akko en Bet Shean, Nazareth, Kapernaüm en de Taborberg, de Tefen Sculpture Garden.