Gemenebest van Onafhankelijke Staten

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Содружество Независимых Государств
Vlag van het Gemenebest van Onafhankelijke Staten     Embleem van het Gemenebest van Onafhankelijke Staten
Gemenebest van Onafhankelijke Staten
Bestuurscentrum Minsk, Wit-Rusland
Werktaal Russisch
Lidmaatschap 9 leden
1 geassocieerd lid
Inwoners 236.446.000 (zonder de Krim)
Secretaris-generaal Sergej Lebedev
Website http://www.cis.minsk.by

Het Gemenebest van Onafhankelijke Staten (GOS) (Russisch: Содружество Независимых Государств) is een los verband van ex-Sovjetstaten dat ontstond bij de val van de unie in december 1991.

Op 8 december 1991 ondertekenden de leiders van Rusland, Oekraïne en Wit-Rusland in een staats-datsja aan de rand van het Woud van Białowieża een akkoord dat leidde tot de oprichting van het Gemenebest van Onafhankelijke Staten. Dit akkoord staat ook wel bekend als het Akkoord van Białowieża. Op 26 december trad Michail Gorbatsjov af en hield de Sovjet-Unie de facto op te bestaan en veranderde het verband in het Gemenebest van Onafhankelijke Staten.

Het verdrag erkende de soevereiniteit van elke deelnemende staat, en aldus betekende het het afschaffen van de Sovjet-Unie. Misschien was het GOS wel bedoeld als een confederatie, maar in de praktijk bleven de gedelegeerde bevoegdheden behandeld door de individuele staten en was het GOS dus een lege doos. Het belangrijkste aspect van het akkoord is de vrijhandelszone die men wil creëren in de voormalige Sovjet-Unie. Voorlopig blijft dat beperkt tot de zogenoemde gemeenschappelijke economische ruimte, een economisch samenwerkingsconcept tussen Rusland, Wit-Rusland en Kazachstan. Het idee tot deze Euraziatische Economische Unie werd door de Russische president Vladimir Poetin gelanceerd en werd door zijn collega's uit voornoemde landen gesteund.

Lotgevallen van de diverse lidstaten[bewerken | brontekst bewerken]

  • De Baltische staten: Estland, Letland en Litouwen, traden niet toe. Deze landen traden in 2004 toe tot de NAVO en de Europese Unie.
  • In de Russische Federatie is in de jaren negentig een begin gemaakt met een meerpartijendemocratie, maar dit proces is onder Poetin effectief gestopt met alleen een gedoogoppositie die het regime niet kan bedreigen. Een opstand van de islamitische Tsjetsjenen in de Kaukasus werd eerst onder Jeltsin en later onder Poetin bestreden, waarbij de Tsjetsjeense hoofdstad Grozny zware schade opliep. Dankzij de hoge grondstofprijzen groeide de Russische economie eerst sterk, maar door de kredietcrisis heeft deze net als in andere landen grote klappen gekregen.
  • Oekraïne heeft het oprichtingsstatuut in 1991 geratificeerd maar is nooit volledig lid geworden omdat het het lidmaatschapsstatuut nooit geratificeerd heeft. Tussen 1994 en 2018 was het een geassocieerd lid. In Oekraïne brak in 2004 de Oranjerevolutie uit toen de zittende president door mogelijke verkiezingsfraude aan de macht wilde blijven; deze werd alsnog tot aftreden gedwongen. Sinds de Euromaidan-revolutie in 2014, de Russische annexatie van de Krim en de oorlog in de Donbas deed Oekraïne niet meer mee in het GOS en trok het zich er geheel uit terug in 2018. Sinds 2014 heeft het land een koers naar Westerse integratie en sloot in dat jaar een associatieverdrag met de Europese Unie.
  • Georgië trad in 1993 toe, maar verliet het GOS in 2009. Georgiës relatie met de Russen blijft gespannen; opvolgende regeringen oriënteren zich sinds de Rozenrevolutie van 2003 op het Westen, en het land integreert geleidelijk steeds dieper met de NAVO en de Europese Unie. De opbouw van integer democratisch bestuur en een moderne economie gaat moeizaam. Het land zou het liefst lid worden van de NAVO om haar veiligheid te garanderen, maar dat vinden een aantal NAVO-lidstaten een brug te ver en een risico ten aanzien van de Russische kritiek daartegen.[1] Het bloedige conflict tussen Georgië en Rusland over Zuid-Ossetië noopte de Georgische regering op 12 augustus 2008 tot de beslissing om het GOS te verlaten, wat in 2009 een feit werd.[2]
  • Moldavië, het armste land van Europa, kreeg begin jaren negentig te maken met een oorlog en afscheiding van Transnistrië en een gewapend conflict in Gagaoezië. Het kende een moeizame eerste twee decennia van de 21e eeuw om de diepgewortelde corruptie aan te pakken en zich te ontworstelen van de Russische greep op de politiek en maatschappij. Het land slingerde heen en weer tussen de wens tot Europese toenadering en toenadering tot Rusland.
  • De Centraal-Aziatische republieken worden nog steeds zeer autoritair geregeerd, veelal met bijbehorende persoonlijkheidscultus. Turkmenistan heeft het oprichtingsstatuut in 1991 geratificeerd en is sinds 2005 geassocieerd lid, maar is nooit volledig lid geworden omdat het land het lidmaatschapsstatuut nooit geratificeerd heeft.
  • Armenië en Azerbeidzjan raakten in de jaren negentig verwikkeld in een ernstig territoriaal geschil over Nagorno-Karabach.
  • Wit-Rusland is de GOS-staat waar sinds 1991 het minst veranderd lijkt, en wordt ook wel aangeduid als 'de laatste dictatuur in Europa'.

Oekraïne, Georgië en Moldavië hebben sinds 2014 een associatieverdrag met de Europese Unie, visumvrij reizen met de Schengen-zone en deden tijdens de Russische invasie van Oekraïne in 2022 een aanvraag naar het EU-lidmaatschap.

Lidstaten[bewerken | brontekst bewerken]

Lidstaten[bewerken | brontekst bewerken]

Geassocieerd lid[bewerken | brontekst bewerken]

  • Vlag van Turkmenistan Turkmenistan (1991, sinds 2005 geassocieerd lid)
  • Vlag van Oekraïne Oekraïne (1991, tussen 1994 en 2018 geassocieerd lid)

Voormalig lid[bewerken | brontekst bewerken]

Secretaris-generaal van het GOS[bewerken | brontekst bewerken]

Naam Land Termijn
Ivan Korotsjenja Vlag van Wit-Rusland Wit-Rusland 26 december 1991 - 29 april 1998
Boris Berezovski Vlag van Rusland Rusland 29 april 1998 - 4 maart 1999
Ivan Korotsjenja (waarnemend) Vlag van Wit-Rusland Wit-Rusland 4 maart - 2 april 1999
Joeri Jarov Vlag van Rusland Rusland 2 april 1999 - 14 juni 2004
Vladimir Roesjajlo Vlag van Rusland Rusland 14 juni 2004 - 5 oktober 2007
Sergej Lebedev Vlag van Rusland Rusland sinds 5 oktober 2007

Externe link[bewerken | brontekst bewerken]

Zie de categorie Gemenebest van Onafhankelijke Staten van Wikimedia Commons voor mediabestanden over dit onderwerp.