Gerardus Johannes Geers

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Gerardus Johannes Geers (Delft, 10 december 1891 - Groningen, 2 mei 1965) was een Nederlands hispanist. Hij publiceerde ook onder de namen L.S. Palder en Cayo Graco.

In 1917 vertrok Geers naar Spanje en werd daar gouverneur van de kinderen van de Nederlandse gezant in Madrid. Hij maakte vrienden in linkse intellectuele kringen en vertaalde Das Kapital van Karl Marx in het Spaans. Onder het pseudoniem Cayo Graco publiceerde de idealistische socialist in socialistische bladen als Nuestra Palabra en El Comunista onder andere werk van Henriette Roland Holst. Als huisgenoot van de gezant genoot hij diplomatieke immuniteit maar hij werd al in 1920 ‘wegens zijn subversieve activiteiten’ Spanje uitgezet[1].

Vanaf 1918 verschenen al regelmatig zijn recensies van moderne Spaanse werken in de NRC en eenmaal in Nederland terug en leraar in Enschede werd hij een van de pioniers van het hispanisme in het land. Hij publiceerde om in zijn levensonderhoud te voorzien vertalingen, recensies, studies, leerboeken en vroeg in 1928 een privaat-docentschap in het Spaans aan aan de Rijksuniversiteit Groningen, dat hij tot 1932 vervulde. Van 1932 tot 1947 was hij leraar te Den Haag, van 1947 tot 1961 lector en van 1961 tot zijn emeritaat in 1962 buitengewoon hoogleraar Spaanse taal en letterkunde te Groningen[1].

Geers publiceerde vertalingen van toneelwerken, romans, gedichten en filosofische geschriften van klassieke Spaanse auteurs als Cervantes, Unamuno, Ortega y Gasset en Diez del Corral. De in Nederland verguisde koning Philips II werd door Geers verdedigd tegen de vele valse aantijgingen over zijn politiek en zijn privéleven[1]. Geers was daarmee een voorloper in de studie van de "Zwarte legende", het in Nederland verbreide Anti-Hispanisme.

Als kenner van Spanje, land, volk en cultuur, besprak Geers naast de Spaanse cultuur ook sociologische problemen, geschiedenis, literatuur, schilderkunst en muziek.

In het artikel "El problema de los romances" betoogde de jonge Geers in 1920 dat oudere collega's als Milá y Fontanals en Menéndez Pelayo ongelijk hadden wanneer zij stelden dat de Spaanse literaire romances uit het Spaanse epos zijn voortgekomen. Hij stelde dat zij uit de middellatijnse lyriek zijn ontstaan. Zesendertig jaar later werd Geers weerlegd door E. García Gómez in zijn artikel "La lírica hispano-árabe y la aparición de la lírica románica" (Al-Andalus, XXI (1956)) dat op het pas ontdekte kharga-materiaal was gebaseerd[1].

Het motto van Dr. Geers was: "Er is maar een volk: de mensheid, Er is maar een land: de aarde, Er is maar een wet: de liefde, Er is maar een land: de aarde"!

Geers was een kenner van het werk van Lope de Vega en gebruikte de in zijn tijd nieuwe Freudiaanse psychologie om het oeuvre te analyseren. Hij noemt een infantilisme als gevolg van identificatie en idealisering, waardoor het Spaanse volk een horde werd, een kudde die slaafs achter de leiders (koning en kerk) aanliep zonder de eigen vrijheid te gebruiken. In zijn latere studies over de Barok steunt hij vooral op Erich Fromm en wordt het prijsgeven van de vrijheid voor hem het beslissende kenmerk van alle baroktijdperken. Hij ziet de barok dan niet meer als een typisch Spaans verschijnsel, maar als iets wat regelmatig terugkeert, wanneer de mens zijn vrijheid niet aandurft en van zichzelf vervreemdt. Ook onze tijd zag hij aan dit euvel lijden. Met hoeveel enthousiasme zou hij met de hedendaagse jongeren hebben meegeleefd die alom tegen deze onvrijheid in opstand komen[1].

Net als Ortega y Gasset, die in zijn filosofie de mens en het denken resoluut in de wereld plaatste ging Geers in tegen een veronderstelde individuele of collectieve doodswens als drijfveer voor gedrag.

Geers was een bewonderaar van de Spaanse dichter León Felipe.

Enige publicaties[bewerken]

  • 1917 The adverbial and prepositional prefixes in Blackfoot, diss. Leiden.
  • 1921 Antología castellana, Wassenaar.
  • 1923 Spaanse Spraakkunst, Wassenaar.
  • 1932 De Renaissance in Spanje (in samenwerking met J. Brouwer), Zutphen.
  • 1935 Lope de Vega, zijn geest en zijn werk, De vrije Bladen, Schrift 8, aug.
  • 1937 J.P. Pastor en G.J. Geers, Una antología de la poesía moderna española, A'dam.
  • 1944 G.J. Geers, De invloed van de Spaanse literatuur in Fr. Bauer etc., Geschiedenis van de Letterkunde der Nederlanden, III, 59-68, Antwerpen.
  • 1946 Spaans Leesboek, Den Haag4.
  • 1946 Snel Spaans, Den Haag.
  • 1947 Algemene Kunstgeschiedenis, Deel III, Utrecht, bijdrage over Spaanse schilderkunst.
  • 1950 Algemene Kunstgeschiedenis, Deel V, Utrecht, idem.
  • 1951 L.S. Palder (pseud. G.J. Geers), Brief van Daniël over Joachim van Babylon en zijn kuise Suzanne, Den Haag.
  • 1954 Spaans voor reizigers en emigranten etc. (in samenwerking met B.J. Fernández de la Mata), Groningen.
  • 1954-64 Spanje, land, volk, cultuur, Baarn.
  • 1955-56 Spaans in spiralen, twee delen, Den Haag.
  • 1957 Van het barokke leven, Baarn.
  • 1964 Buitenlandse letterkunde na 1945, Aula, Utrecht. Bijdrage over Spanje.

Artikelen[bewerken]

  • 1920 El problema de los romances, Neoph. V, 193-199.
  • 1928 Unamuno en het karakter van het spaansche volk, Openbare Les, Groningen.
  • 1930 Algo sobre versificación española, Neoph. XV, 178-183.
  • 1933 Pícaro, flamenco, pichelingue, Mélanges de philologie à J.J. Salverda de Grave, Groningen, 132-138.
  • 1936 De dageraad van het modern Spanje, Haagsch Maandblad, febr. 124-133.
  • 1947 De zwarte legende van Spanje, Openbare Les, Groningen.
  • 1949 Le problème du sustrat et du superstrat dans l'Amérique latine, Neoph. XXXV, 209-211.
  • 1950 Het begin van de Romaanse literatuur, Neoph. XXXVI, 141-144.
  • 1951 De studie van de Spaanse invloeden op de Nederlandse literatuur, Neoph. XXXVII, 193-202.
  • 1951 Mateo Alemán y el barroco español, Homenaje a J.A. van Praag, A'dam, 54-58.
  • 1954 Het vierheffingsvers in het Spaans, Mededelingen der K.N.A.W., N.R. 17, afdeling Letterkunde, II, 325-370.
  • 1955 La base psicológica del barroco, Asomante, nummer 3.
  • 1956 El prestigio de José Ortega y Gasset en Europa, Asomante, nummer 4.
  • 1960 Towards the solution of the Barock problem, Neoph. XXXXIV, 299-307.
  • 1960 Naar de oplossing van het Barokprobleem, Nieuw Vlaams Tijdschrift.
  • 1962 Cervantes en de Vrijheid. Het doorbréken van de Barok, Afscheidsrede, Groningen.
  • 1966 Los judíos y el barroco, Homenaje ... al Instituto de Estudios hispánicos, portugueses e iberoamericanos de la universidad estatal de Utrecht, La Haya, 209-216.

Vertalingen[bewerken]

  • 1925 Miguel de Unamuno, De Markies van Lumbría, in Zes Verhalen, Amsterdam.
  • 1926 Miguel de Unamuno, Tante Trui, Arnhem, tweede druk, Antwerpen 1943.
  • 1926 Miguel de Unamuno, Een kerel uit een stuk, Arnhem.
  • 1927 Miguel de Unamuno, Abel Sánchez, verhaal van een hartstocht, Arnhem 1927, Antwerpen 1941, Meppel 1953.
  • 1928 Miguel de Unamuno, De Man in de mist, Arnhem.
  • 1933 Ramón Gómez de la Serna, Als vrouwen vervelen..., Rotterdam.
  • 1935 Miguel de Unamuno, St. Manuel Bueno, martelaar, Arnhem.
  • 1939 Joseph de la Vega, Confusión de confusiones, Den Haag.
  • 1940 Miguel de Unamuno, Proloog, voorafgaand aan Tante Trui, Kroniek van hedendaagse Kunst en Kultuur.
  • 1948 Miguel de Cervantes, Twee Tafelspeelkens, Den Haag.
  • 1948 Juan Antonio de Zunzunegui, De Zweer van don Lucas.
  • 1949 José Ortega y Gasset, Zelfinkeer en Verbijstering, Den Haag.
  • 1951 José Ortega y Gasset, Bespiegelingen over Leven en Denken, Historie en Techniek, Den Haag.
  • 1953 Hedendaagse Spaanse Poëzie (in samenwerking met G.P. de Ridder), Groningen.
  • 1953 Juan Ruiz, Boek van de Goede Liefde, Amsterdam.
  • 1956 Miguel de Cervantes, De doorluchtige vatenspoelster, Amsterdam.
  • 1957 José Ortega y Gasset, Crises in Leven en Liefde, Den Haag.
  • 1957 Meesters der Spaanse vertelkunst, tweede druk (later ook als pocket verschenen).
  • 1957 Pío Baroja, Koning Paradox, Amsterdam.
  • 1958 José Ortega y Gasset, De mens en de mensen, Den Haag.
  • 1958 Camilo José Cela, De Windmolen, Den Haag.
  • 1960 José Ortega y Gasset, Wat is filosofie?, Den Haag.
  • 1961 Luis Diez del Corral, De ontvoering van Europa, Utrecht.
  • 1964 José Ortega y Gasset, De taak van onze tijd, Den Haag.

Literatuur[bewerken]

  • 1969 B.N. Teensma, Prof. Dr. G.J. Geers en Miguel de Unamuno, Forum der Letteren, 107-122.
  • 1969 B.N. Teersma, G.J. Geers en Ramón Gómez de la Serna in Levende Talen.
  • Het levensbericht door H.TH. Oostendorp in van de Maatschappij der Nederlandse Letterkunde, 1968
Bronnen, noten en/of referenties
  1. a b c d e H.TH. Oostendorp