Gerlach van Nassau (aartsbisschop)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Jump to search
Gerlach
Grafmonument voor Gerlach van Nassau in Klooster Eberbach
Grafmonument voor Gerlach van Nassau in Klooster Eberbach
Banner of the Electorate of Mainz.svg Aartsbisschop-keurvorst van Mainz
Regeerperiode 1346-1371
Bisschopswijding 26 april 1346 in Avignon
Voorganger Hendrik III van Virneburg
Opvolger Johan I van Luxemburg
Huis Nassau
Vader Gerlach I van Nassau
Moeder Agnes van Hessen
Geboren 1322
Gestorven 12 februari 1371
Aschaffenburg
Begraven Klooster Eberbach
Religie Rooms-Katholiek
Wapenschild
Wapen Aartsbisdom Mainz

Gerlach van Nassau (1322[1] - Aschaffenburg 12 februari 1371)[1][2][3] was vanaf 1346 aartsbisschop en keurvorst van Mainz. Hij stamt uit de Walramse Linie van het Huis Nassau.

Biografie[bewerken]

Gerlach was de derde zoon van graaf Gerlach I van Nassau en Agnes van Hessen,[1][2][3] dochter van landgraaf Hendrik “de Jongere” van Hessen en Agnes van Beieren.[1][2] Al op 14-jarige leeftijd ontving hij van paus Benedictus XII een beneficie als domheer in Mainz. Tussen 1340 en 1344 studeerde hij aan de Universiteit van Bologna. In 1345 werd hij decaan van de Dom van Mainz.

Aartsbisschop-keurvorst van Mainz[bewerken]

Paus Clemens VI zette op 7 april 1346 de aartsbisschop van Mainz, Hendrik III van Virneburg, af, in het kader van de geschillen tussen keizer Lodewijk de Beier en de curie. Op 26 april 1346 volgde in Avignon Gerlachs bisschopswijding en werd hij aangesteld als Hendriks opvolger.

Gerlach steunde keurvorst Boudewijn van Luxemburg en hielp Karel IV om tot tegen-koning te worden verkozen. Aangezien noch Lodewijk de Beier van zijn koningschap noch Hendrik III van zijn bisdom af wilden zien, gingen de geschillen over het aartsbisdom Mainz en de Duitse koningstroon verder. Pas na de dood van Hendrik in december 1353 kon Gerlach de alleenheerschappij in Keur-Mainz overnemen. Hij moest echter bijna alle bezittingen van Mainz in Neder- en Opper-Hessen als leen van de landgraven van Hessen nemen; alleen Fritzlar, Amöneburg en Naumburg bleven eigendom. Dit was de prijs voor de militaire bijstand die landgraaf Hendrik II hem had geleverd tegen Hendrik van Virneburg, vooral met de zware nederlaag die de landgraaf in 1347 aan Gerlachs rivaal bij Fritzlar had toegebracht.

In 1356 nam Gerlach deel aan de rijksdagen van Neurenberg en Metz, waarop de Gouden Bul van Karel IV werd uitgewerkt. Daarin ontving de aartsbisschop van Mainz als aartskanselier voor het Duitse deel van het Heilige Roomse Rijk het voorzitterschap van de keurvorstenbijeenkomst en de beslissende, definitieve stem bij de verkiezing van de rooms-koning.

Om de economische en politieke belangen in de Midden-Rijn te versterken, sloot Gerlach een tolunie met de keurvorsten van de Palts en van Trier. Al van tevoren probeerde hij de machtspositie van het keurvorstendom Mainz uit te breiden met stadsrechten voor verschillende plaatsen, waaronder Höchst am Main als voorpost tegen de concurrentie van de vrije rijksstad Frankfurt am Main, en Algensheim als voorpost naar het dal van de Midden-Rijn.

Tijdens zijn leven heeft Gerlach zijn neef Adolf tot coadjutor aangesteld. Daarmee werd Adolf Gerlachs beoogde opvolger op de bisschopszetel en keurvorstentroon van Mainz. Gerlachs vroege dood op 12 februari 1371 heeft deze plannen echter verijdeld. Adolf werd pas in 1381 aartsbisschop van Mainz.

Grafmonument[bewerken]

Het graf van Gerlach bevindt zich in de basiliek van Klooster Eberbach in de Rheingau. De huidige grafsteen toont Gerlach in halfreliëf in regalia met mijter, bisschopsstaf en boek. Het bedekte oorspronkelijk de onderliggende tombe van een nisgraf met kaparchitectuur, dat, met drie zijden vrij, aan de noordelijke muur van het koor stond. Het grafmonument wordt toegeschreven aan de zogenaamde "Meester van de Severi-sarcofaag". In 1707 moest het graf plaatsmaken voor een monumentaal hoogaltaar door het barokke herontwerp van het klooster onder abt Michael Schnock. Het gebeente van Gerlach bevindt zich sindsdien in een nis achter de grafsteen.[4][5]

Externe link[bewerken]


Voorganger:
Hendrik III van Virneburg
Banner of the Electorate of Mainz.svg Aartsbisschop-keurvorst van Mainz
1346-1371
Opvolger:
Johan I van Luxemburg