Naar inhoud springen

Geschiedenis van de Efteling

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Drukte bij de bootjesattractie de Gondoletta in 1982.

Sinds het begin van de geschiedenis van de Efteling (11 mei 1951 - heden), is een onontgonnen stuk heide, bezaaid met vliegdennen, gegroeid tot het hedendaags themapark. De Efteling groeide door de jaren heen, waarbij attracties hier en daar werden aangepast en bijna jaarlijks nieuwe attracties werden toegevoegd.

Vanaf 1981 zijn er in het familiepark ook meer adrenaline-opwekkende attracties verschenen die vooral tot doel hadden de jeugdige bezoekers tussen twaalf en twintig jaar aan te trekken. Een daling in de bezoekersaantallen en de concurrentie van de zogenaamde moderne attractieparken (parken met voornamelijk achtbanen, wildwaterbanen, etc.), die ook in Europa als paddenstoelen uit de grond schoten, waren de voornaamste redenen om het roer om te gooien. De introductie van de Python zette de Efteling meer dan ooit op de kaart. Na een aantal van deze zogenaamde thrillrides werd vanaf 1986 toch ook teruggegrepen naar het oorspronkelijke thema: het sprookje. Attracties van formaat zijn onder meer Fata Morgana (1986) en Droomvlucht (1993).

Sinds de veertiende eeuw zijn er in historische documenten de naam van de Efteling op achttien verschillende manier geschreven, zoals Efterlinc, Dafterlinge, Erstelinghe en Essteling. Deze naam wordt gegeven aan een buurtschap dat zich tussen de Eftelingsestraat en de Duiksehoef bij Loon op Zand bevond. De geografische verklaring voor de naam is dat het buurtschap vanuit Loon op Zand gezien achteraf is gelegen. Omstreeks 1500 is "achter" vervangen door het positief klinkende "eerste". Voor de mensen die uit Holland kwamen over de Vaart kwamen was dit het eerste buurtschap dat de reizigers tegenkwamen. Daarnaast wordt er gesteld dat er in dit buurtschap zich een hoeve bevond met de naam Ersteling. In de jaren 1950 werd geopperd dat de naam van het park hier vandaan zou komen.[1]

Voorgeschiedenis (1933-1951)

[bewerken | brontekst bewerken]
Tennisbanen bij de Efteling in 1953

De lokale pastoor F.J. de Klijn en kapelaan E. Rietra namen in 1933 het initiatief op bij Kaatsheuvel om een sportpark op te richten voor de lokale bevolking. Ze kregen hierbij de hulp van de voorzitter van de voetbalvereniging DESK, Jac. Smit. Onder supervisie van de Koninklijke Nederlandsche Heidemaatschappij (KNHM) werkten vijftig werklozen aan de aanleg van het park. De aanlegkosten van het park bedroegen tussen de 15.000 en 20.000 gulden. Op 15 mei 1935 werd het sportpark geopend. Het sportpark kreeg al een jaar later een uitbreiding bij de aanleg van een speeltuin. Onderdeel van deze speeltuin waren een draaimolen, een hoge glijbaan, een kabelbaan en een ponybaan. In 1937 kwam er ook een wielerbaan van zand bij het sportpark. In datzelfde jaar werd een stichting voor het "Sportpark" opgericht. Van het bestuur van deze stichting maakten vertegenwoordigers van de Rooms-katholieke kerk deel uit, maar ook vanuit de gemeente en de industrie. Tijdens de Tweede Wereldoorlog bleef er een voetbalteam actief in het park dat alleen maar uit onderduikers bestond.[2]

Na de oorlog wilde het bestuur hun aantrekkingskracht vergroten om meer toeristen naar het park te trekken en om het park uit te breiden ging het bestuur weer in zee met de KNHM. In 1948 zou begonnen worden met het werk voor de uitbreiding van het park.[2] In 1949 vond in Kaatsheuvel de tentoonstelling De Schoen plaats. Hier toonden meer dan dertig fabrikanten uit de omgeving hun waren. Het terrein dat voor deze tentoonstelling werd gebruikt was het sportpark de Efteling.[3] Het sportpark ging akkoord met de komst van de tentoonstelling met de voorwaarde dat alles wat dat gebouwd zou worden in het park moest blijven staan. De tentoonstelling was een groot succes en in juli 1949 scoorde het park een recordaantal bezoekers.[4] Op 25 mei 1950 keurde het bestuur een wijziging van de statuten goed en hier wijzigden ze onder anderen de naam van het park, stichting Sportpark werd gewijzigd in Natuurpark de Efteling. Het vergrote park opende op 11 mei 1951 met een speeltuin dat zestien speeltoestellen kende en een bijbehorend theehuis. Zo'n vijftigduizend bezoekers bezochten in dat jaar het park.[5]

Peter Reijnders aan het werk in het Sprookjesbos

Twee jaar later vond in Eindhoven een groot feest plaats ter gelegenheid van het zestigjarig bestaan van Philips. Onderdeel van de feesten was de komst van een sprookjestuin in het Stadswandelpark. Hier waren diverse sprookjes te zien zoals Doornroosje en De sneeuwkoningin.[6] Een van de ontwerpers van de sprookjestuin was Philipsmedewerker en cineast Peter Reijnders en hij wilde het project aanvankelijk bij de Genneper Watermolen weer opbouwen, maar zo ver zou het niet komen.[7] Bij een familiefeest sprak Reijnders zijn zwager Reinier van der Heijden, die burgemeester van Loon op Zand was. Van der Heijden zocht in deze periode naar meer activiteiten om te ontplooien in het reeds bestaande natuurpark Efteling. Tijdens het feestje zou de burgemeester aan Reijnders hebben gevraagd: "Is zo'n sprookjesbos misschien een idee?"[8] Van der Heijden was een jaar eerder voorzitter geworden van de Stichting Natuurpark de Efteling. Hij zorgde ervoor dat de stichting in een paar jaar tijd een bedrag van 1 miljoen gulden van de gemeente kreeg. Hij verwierf voor de stichting 65 hectare aan grond en kondigde op 1 april 1952 bij een bestuursvergadering aan dat hij plannen had voor een Sprookjesbos.[9]

Sprookjespark (1952-1978)

[bewerken | brontekst bewerken]
Anton Pieck op negentigjarige leeftijd bij het huisje van Hans en Grietje in 1985.

Reijnders benaderde de kunstenaar Anton Pieck om de ontwerpen te maken voor het park. Pieck moest overtuigd worden door de cineast en zegde pas zijn hulp toe als er werd ingestemd om met echte materialen te werken in plaats van met papier-maché.[10] In 1952 opende het Sprookjesbos met tien sprookjes. Het park kreeg een jaar later een Café-Restaurant en een openluchtzwembad, dat tot stand kwam door middel van de KNHM. Nieuwe uitbreidingen in 1954 waren het Anton Pieckplein en het Kinderspoor. Het Sprookjesbos werd in deze jaren met enige regelmaat uitgebreid en met de hulp van Pieck restaureerde het park ook de Stoomcarrousel. De Efteling verwerft met de hulp van bestuursvoorzitter/burgemeester Van der Heijden in 1955 een gebied van 78 hectare aan bos- en landbouwgronden.[11]

In de jaren 1950 bezochten gemiddeld zo'n 700.000 gasten per jaar de Efteling en in 1959 deed Holle Bolle Gijs als vuilnisemmer zijn intrede.[12] Voor het stimuleren van meerdaagse bezoeken opende in 1960 het bungalowpark Het Kraaiven, dat de beschikking had over veertig bungalows en een café-restaurant. De aanleg van dit bungalowpark kostte het stichtingsbestuur zo'n 1 miljoen gulden, maar het bestuur van Het Kraaiven kwam terecht in een aparte stichting. Sinds 1953 stond er al een tafereeltje in het Sprookjesvos dat het sprookje van Roodkapje uitbeeldde, maar in 1960 werd dit vervangen door het huis van Roodkapje.[13] In 1962 behaalde de Efteling voor het eerst meer dan 1 miljoen bezoekers per jaar. Het park kende dat jaar geen nieuwe attracties en dat was het gevolg van het uitblijven van ideeën voor de verdere ontwikkelingen van het park. Daarnaast was er sprake van een voorzichtiger investeringsbeleid.[14]

De show van de Indische waterlelies

Na enkele jaren van relatieve stilte opende de Efteling in 1966 een nieuwe attractie, De Indische Waterlelies, dat gebaseerd is op een sprookje van de Belgische koningin Fabiola. Voor het park was dit een project van enorme omvang, want nog niet eerder bouwden ze een zo grote en kostbare attractie (75.000 gulden). Tevens kende de attractie nieuwe technieken voor de presentatie van het sprookje.[15] Een jaar later besloot de Efteling om de huurcontracten met de voetbalvereniging en de hockeyclub op te zeggen, omdat ze de sportvelden willen gebruiken om uit te breiden. Dit leidde tot conflict met het gemeentebestuur en de lokale kerk en deze partijen gingen pas akkoord nadat de Efteling toezegde dat de verenigingen pas weg zouden gaan als alternatieve accommodaties tot stand waren gekomen.[16] In 1968 richtte het stichtingsbestuur een exploitatiestichting op voor het attractiepark dat ten doel had het realiseren van de doelstellingen van de Stichting Natuurpark.[17]

Locomotief 'Aagje' met trein van de Efteling Stoomtrein Maatschappij rijdt over de brug over de Siervijver.

Al sinds 1959 leefden er plannen voor het laten rijden van een stoomtrein door de Efteling en dit leidde tot de ingebruikname van "Miniatuur Stoomtreintaject no. 1" in 1969, waarbij de Duitse locomotief "Aagje" uit 1911 dienstdeed. De wagons van de trein waren ontworpen door Pieck en gebouwd door de Efteling. Daarnaast kreeg het park in dat jaar dagelijkse circusvoorstelling op de Speelweide van "Circus Roberti".[18] Ter gelegenheid van het "jubileumjaar" 1971 opende het park in 1971 de attractie Diorama, dat ontworpen was door Pieck. Op 1 januari 1972 legde voorzitter Van der Heijden de bestuurshamer neer en werd hij opgevolgd door vicevoorzitter Gé Rieter.[19] In datzelfde jaar kreeg de Efteling de internationale prijs de Pomme d'Or. Het park won deze prijs voor haar opzet, originaliteit en recreatieve functie. Het sprookje van De Wolf en de Zeven Geitjes opende in 1973, alsmede rijsportcentrum Duyksehoef.[20] De Efteling nam in 1975 afscheid van Anton Pieck en na zijn vertrek zou Ton van de Ven uitgroeien tot creatief directeur bij het park.[21]

De komst van spannende attracties (1978-1989)

[bewerken | brontekst bewerken]

Al eind jaren 1960 bestonden er ambitieuze toekomstplannen, maar in 1975 worden de contouren zichtbaar voor een nieuwproject waar een principebudget voor wordt vastgesteld 2,7 miljoen gulden.[22] Vanwege toenemende concurrentie en teruglopende bezoekersaantallen besloot het park om te gaan investeren.[23] De bouw van het Spookslot duurde drie jaar en opende in 1978 en werd een enorm succes. Directeur Herman ten Bruggencate sprak bij het persmoment uit dat de attractie "een belangrijke trekpleister is in 1978. Maar het is geen eindstation". Op dat moment werkte de creatieve afdeling van het park al aan ideeën die aan de basis zouden liggen van de Gondoletta en Fata Morgana.[24]

De loopings van de Python (1982).

De aankondiging van de bouw van de achtbaan de Python doet in 1979 veel stof opwaaien. Nadat de gemeente de bouwvergunning geeft tekenen milieugroeperingen bezwaar aan vanwege geluidsoverlast en horizonvervuiling. Uiteindelijk opende de achtbaan in april 1981 en is op dat moment de hoogste en spectaculairste achtbaan van het vasteland van Europa. Daarnaast markeert de komst van achtbaan een omslag in het denken van het park, waarin de aandacht van sprookjes verschuift naar de bouw van snelle rides. Volgens Ten Bruggencate was dit een logische stap.[25] Vanuit deze visie opende het park in 1982 het schommelschip de Halve Maen. Een jaar later opende mr. Pieter van Vollenhoven de wildwaterbaan Piraña, een project dat de Efteling al sinds 1980 wilde verwezenlijken. In dat jaar behaalde de Efteling een nieuw bezoekersrecord van 2.136.000 gasten die het park bezochten.[26]

Naast de spannende attracties opende het park in 1984 Carnaval Festival, dat met medewerking van Joop Geesink tot stand kwam en de Polka Marina en De Oude Tufferbaan. Een derde thrillride opende een jaar later in de Efteling, de Bob, om de jongeren naar het park te blijven trekken. De stichtingen die Het Kraanven en het park beheerden worden in 1985 ondergebracht in één BV, waarvan de enige aandeelhouder de Stichting Natuurpark is.[27] Aan het einde van dat jaar Ten Bruggencate vertrok als directeur en in de vijf jaar dat hij directeur was investeerde hij 80 miljoen gulden in het park.[28]

Premier Ruud Lubbers tijdens een bezoek aan de Efteling in 1986.

Voormalig minister en secretaris-generaal van de NAVO Joseph Luns opende in 1986 de darkride Fata Morgana, dat gebaseerd was op de verhalen van Duizend-en-een-nacht.[29] In de jaren 1980 was de Efteling betrokken bij een project voor de komst van een "Cosmo Science Center" bij het park, een wetenschapspark over heelal. De begeleidingscommissie die bezig was om het project op te zetten besloot in 1989 om haar werkzaamheden stopt te zetten.[30] In de tussentijd sloot de Efteling in 1986 Het Kraanven, omdat het niet langer rendabel was en ook het gemeentelijke zwembad op de grond van het park sloot in 1988, vanwege dat de exploitatie te duur was geworden.[31] In datzelfde jaar deed Monsieur Cannibale zijn intrede in het park, alsook De Trollenkoning.[32]

Periode Paul Beck (1989-1996)

[bewerken | brontekst bewerken]
Pegasus en kanovijver, 2002

Een geheel eigen Eftelingsprookje, het Volk van Laaf, werd in 1989 geschreven door Ton van de Ven. De attractie opende een jaar later.

In 1991 ontving de Efteling haar 50 miljoenste bezoeker sinds 1952.

Door de vele verzoeken van bezoekers om een kijkje achter de schermen van de Efteling te mogen nemen en de even zovele afwijzingen ervan, besloot de Efteling om zelf naar het publiek toe te gaan. Op 17 en 18 oktober 1982 vond een grote manifestatie plaats in De Werft in Kaatsheuvel waarbij het publiek kennis kon nemen met alle afdelingen van het park. Ter gelegenheid hiervan werden ongeveer zestig originele tekeningen van Anton Pieck tentoongesteld. Ook kon men maquettes van diverse attracties bewonderen, werden bouwtechnieken getoond en was het eerste prototype te zien van de bedelende Arabieren uit de vier jaar later te openen attractie Fata Morgana.

In 1992 ontving de Efteling de Applause Award. Met deze hoge toeristische onderscheiding van de International Association of Amusement Parks and Attractions (IAAPA) mocht de Efteling zich twee jaar lang het beste park ter wereld noemen.

In 1992 opende buiten het park het eerste onderdeel van het 'Wereld van de Efteling'-project (om het park geschikt te maken voor een bezoek van meerdere dagen): het Efteling Hotel. De achttien holes van het Efteling Golfpark en het Clubhuis werden officieel geopend in 1995. In 1996 opende het 'Huis van de Vijf Zintuigen', het entreegebouw met de onofficiële titel 'het grootste rieten dak ter wereld' te hebben. In 2000 werden de Pardoes Promenade en de Brink aangelegd. Daardoor ontstonden grote paden van de ingang naar het centrum van het park, die de bezoekers gemakkelijker naar de vier uithoeken van het park brengen.

In Droomvlucht, een darkride ontworpen door Ton van de Ven, is gebruikgemaakt van mythologische figuren als trollen, gnomen en elfjes. De attractie wordt al jaren door vele bezoekers beschouwd als de favoriete attractie. Deze attractie werd aanvankelijk bedacht als jubileumattractie bij het veertigjarig bestaan in 1992, maar door technische mankementen aan de gemotoriseerde karretjes, kon de attractie pas een jaar later worden geopend.

Gebaseerd op een oude kermisattractie ontwikkelde de Efteling samen met Vekoma in 1996 de attractie Villa Volta. Het park mocht er later in Hollywood de THEA-award voor ophalen.

Het entertainment groeide jaar op jaar, met producties als 'Showtime met Pardoes' (1994), 'Samson en Gert' (1994-1997) en 'Efteling Sprookjesshow' (1996-1997).

Directeurschap van Ronald van der Zijl (1997-2008)

[bewerken | brontekst bewerken]

In 1998 opende Vogel Rok. De entree van deze achtbaan kreeg een vermelding in het Guinness Book of Records.

De Efteling ontving voor de 'Nieuwe Efteling Sprookjesshow' (1998-2001) en 'Efteling on Ice' (2001) tweemaal de Big E-award, de internationale prijs van de IAAPA voor de beste parkshow ter wereld.

Voor het eerst in tien jaar verschenen in 1998 nieuwe sprookjesfiguren in het Sprookjesbos: Klein Duimpje en de Reus en Repelsteeltje maakten hun opwachting. Een jaar later werden twee sprookjes compleet gemaakt met de herberg van Tafeltje dek je en het kasteel van de Stiefmoeder van Sneeuwwitje waar een nieuwe toverspiegel te zien is. De oude spiegel in het Sprookjesmuseum verdween daarmee. Na twintig jaar keerde tevens de Chinese Nachtegaal terug, ditmaal in het paleis van de keizer. In 2001 kwam Raponsje in haar toren wonen.

Voor het eerst in haar bestaan was de Efteling in de winter van 1999/2000 gedurende 21 dagen geopend. Na een proef van drie jaar werd in maart 2002 besloten de Winter Efteling definitief op te nemen in het programma.

Wereld van de Efteling

[bewerken | brontekst bewerken]

Bij de opening van het pretparkseizoen van 2001 maakte directeur Ronald van der Zijl bekend dat het park 120 miljoen zou investeren in een uitgaanscentrum dat naast het entreegebouw moest verrijzen. Het was de bedoeling dat in dit gebied diverse theaters, een bioscoop, cafés en restaurants moesten komen.[33] De komst van het Efteling Theater was de eerste fase van "Uitrijk". De kosten de bouw van dit theater bedroeg 20 miljoen euro.[34] In samenwerking met het Wereld Natuur Fonds opende de Efteling in 2002 de overdekte attractie PandaDroom. Prins Bernhard van Lippe-Biesterfeld opende de attractie op 19 juni van dat jaar.[35] In 2003 kwam er een einde aan het dienstverband van ontwerper Ton van de Ven, die na dertig jaar voor het park te hebben gewerkt met pensioen ging. Na het vertrek van Van de Ven nam een team van ontwerpers het werk van hem over.[36]

Het attractiepark kondigde in januari 2006 de komst van een nieuwe attractie aan: De Vliegende Hollander. Deze attractie, die een combinatie is van een achtbaan, een walkthrough en een dakride, kreeg een aanvankelijk kostenplaatje van 19,2 miljoen euro.[37] Ondanks de beloftes van het park om het nog dat jaar op Eerste Paasdag te openen liep het project vertraging op.[38] De attractie opende uiteindelijk op 24 maart 2007,[39] maar het bleef in het openingsjaar met veel storingen kampen.[40]

Efteling Media

[bewerken | brontekst bewerken]
Het personage Jokie uit Carnaval Festival was het hoofdpersonage van de animatieserie Jokie

De BrandAsset Evaluator riep de Efteling in 2005 uit tot "het sterkste merk van Nederland".[41] Naar aanleiding van deze onderscheiding liet de Efteling door onderzoekers van de Katholieke Universiteit Brabant verder onderzoek doen om de merkwaarde van het park te achterhalen. Uit dit onderzoek kwam naar voren dat de consument de Efteling ervaart als de bron die sprookjes in leven laat. Hierdoor besloot het park om het merk ook buiten het park naar buiten te brengen. Zo kwamen programma's op de televisie, zoals de Sprookjesboom en worden er musicals en voorstellingen gehouden in het Efteling Theater.[42] Voor verschillende musical in het theater werkte de Efteling samen met het bedrijf V&V Entertainment. Naast eigen parkproducties kwamen er in dit theater ook bekendere producties op de planken, zoals The Sound of Music.[43]

Verblijfsaccommodaties

[bewerken | brontekst bewerken]

Door de seizoensgebonden opening was de Efteling een seizoensbedrijf en maakte het bedrijf plannen om uit te groeien tot een onderneming waar het jaar rond activiteiten zouden plaatsvinden. Om dit voor elkaar te krijgen ontwikkelde de Efteling plannen voor een uitgaansgebied rondom het Efteling Theater en de komst een groot vakantiepark.[44] In 2008 kondigde de Efteling haar grootste investering tot dan toe aan: Bosrijk. Voor de bouw van een eigen vakantiepark trok de Efteling 46 miljoen euro uit.[45] Bosrijk opende op 11 december 2009 zijn deuren.[46] Het vakantiepark trok in zijn eerste jaar 60.000 gasten.[47]

Directeurschap van Bart de Boer (2008-2013)

[bewerken | brontekst bewerken]

In 2008 stelde de Raad van Bestuur voormalig directeur van Vliegbasis Eindhoven, Bart de Boer, aan tot nieuwe directeur van de Efteling. In de vijf jaar dat hij directievoorzitter was spendeerde hij 221 miljoen aan het pretpark en deze investeringen leidde er mede toe dat de bezoekersaantallen van 3,2 miljoen (2007) stegen naar 4,2 miljoen (2012).[48] In zijn werk bij de Efteling streefde De Boer ernaar om Disneyland Parijs naar de kroon te steken en moest het park naar de wereldtop gestuwd worden.[49] Door de oplopende bezoekerscijfers en het succes van de Winter Efteling ging de Efteling per 1 april 2010 voor 365 dagen per jaar open.[50]

De fonteinenshow Aquanura in de avond (2012).

Al tijdens zijn eerste jaar gaf De Boer de goedkeuring voor de bouw van Raveleijn, een gebouw dat een theater, horeca en personeelsgebouwen in een verenigde.[51] Op 7 april 2011 werd Raveleijn feestelijk geopend.[52] In 2009 kondigde het pretpark aan dat de uit 1991 stammende houten achtbaan Pegasus afgebroken zou worden en dat in 2010 daar een vervanging voor zou komen: Joris en de Draak.[53] Door toenemende onderhoudskosten lag de sloop van deze achtbaan al enige tijd op tafel.[54] Het volgende miljoenenproject dat de Efteling aankondigde was de darkride "Hartenhof", dat 42,5 miljoen euro moest gaan kosten. Het was de planning dat deze attractie in 2012, bij de zestigste verjaardag van het park zou openen.[55] De opening van deze attractie verschoof de Efteling aanvankelijk naar 2013 en later naar 2015.[56][57] In 2012 volgde de komst van de fonteinenshow Aquanura in het park die De Boer opende met de woorden: "Las Vegas, Dubai, Kaatsheuvel!", waarbij hij verwees naar de drie grootste fonteinenshows ter wereld van dat moment.[51]

Onder De Boer kreeg ook de horeca in de Efteling de nodige aandacht. Zo werd het oude horecapunt De Likkebaerd omgevormd tot Station de Oost, waarmee ook het beschikbare aanbod flink werd verbreed. Daarnaast werden onder zijn leiding het exclusieve restaurant het Wapen van Raveleijn geopend en het pannenkoekenrestaurant Polles Keuken.[51] Tijdens de bestuursperiode van De Boer werd ook het Sprookjesbos uitgebreid met de Sprookjesboom (2010) en De Nieuwe Kleren van de Keizer (2012).[58] De Boer had de wens om nog meer geld in het park te investeren, maar de Raad van Bestuur floot hem hiervoor terug. Hierop trad hij vervolgens teleurgesteld terug uit zijn functie.[49]

Tijdperk Fons Jurgens (2014-heden)

[bewerken | brontekst bewerken]
De mijntoren van Baron 1898, met een deel van het track (2015).

Investeringen

[bewerken | brontekst bewerken]

Fons Jurgens volgde Bart de Boer als directievoorzitter in 2014 op.[59] Op zijn eerste werkdag kondigde Jurgens de komst van een nieuwe achtbaan aan die in de zomer van 2015 moest openen.[60] Op 1 juli 2015 opende deze achtbaan onder de naam Baron 1898 in de Efteling.[61] De attractie Hartenhof, die al enkele malen was uitgesteld, opende in 2016 onder een nieuwe naam, Symbolica. Met de kosten van 35 miljoen euro voor de attractie werd de darkride de duurste, en tevens grootste, attractie van de Efteling van dat moment.[62] Door de opening van Symbolica en de komst van het vakantiepark Efteling Loonsche Land kreeg de Efteling in 2017 voor het eerst meer dan 5 miljoen bezoekers over de vloer.[63]

In 2018 besloot de Efteling om de 36 jaar oude Python af te breken aangezien deze versleten was, omdat de Python niet weg te denken was uit het park besloot de directie om een nieuwe Python te bouwen.[64] Een tweede achtbaan die in deze periode werd gesloopt was de Bob. Door al het onderhoud dat de baan nodig had besloot de directie om de achtbaan af te breken en kondigde ze op 9 oktober 2018 de komst van compleet nieuwe familieachtbaan, Max & Moritz.[65] De oude bobbaan sloot op 2 september 2019 en de nieuwe attractie opende op 20 juni 2020.[66][67] Een volgende attractie die op de lijst stond om te slopen was het Spookslot. Onder meer het Cuypersgenootschap deed een poging om het gebouw tot monument te verklaren, maar de gemeente ging hier niet in mee.[68] Op 4 september 2022 konden bezoekers voor het laatst het Spookslot bezoeken.[69] De vervanger van het Spookslot, de Danse Macabre, bouwde voort op de thematiek van de oude attractie en opende op 31 oktober 2024.[70][71]

Tegelijkertijd met de aankondiging van de sloop van het Spookslot kondigde het park aan dat ze een nieuw hotel zouden gaan bouwen bij de ingang van de Efteling.[72] Het Efteling Grand Hotel opende op 1 augustus 2025 haar deuren voor het publiek.[73]

Coronaperiode

[bewerken | brontekst bewerken]
Tijdens de coronajaren opende de Efteling de familie-achtbaan Max & Moritz.

Ten gevolge van de uitbraak van de Coronapandemie was de Efteling genoodzaakt om op 14 maart 2020 zijn deuren te sluiten. Hierdoor raakte het park voor het eerst gesloten sinds de jaarrondopenstelling op 1 april 2010.[74] Op 20 mei van dat jaar ging het park na enkele maanden dicht te zijn geweest weer open voor het publiek. Wel waren er in het kader van het tegengaan van het verspreiden van corona diverse maatregelen in het park genomen, zoals het verlagen van de capaciteit van de nodige attracties.[75] In totaal was het park 14 weken gesloten in 2020 en leed het park over dat jaar een verlies van 14,5 miljoen euro. Ook waren de bezoekerscijfers teruggelopen naar 2,9 miljoen, terwijl dat in 2019 nog 5 miljoen was.[76] Ook in 2021 was het park 151 dagen dicht. Door flink wat kostenbesparende maatregelen te nemen kon er een positief resultaat behaald worden van 11,4 miljoen euro.[77]

Uitbreidingsplannen

[bewerken | brontekst bewerken]

In 2018 keurde de gemeente Loon op Zand een nieuw bestemmingsplan van de Efteling goed, "De Wereld van de Efteling in 2030". Onderdeel van dit bestemmingsplan bevatte plannen voor de uitbreiding van het park aan de oostkant van het park. Deze uitbreiding bedroeg in totaal 8 hectare grond. Hierdoor zou het park kunnen groeien naar 7 miljoen bezoekers per jaar.[78] Door problemen met het bestemmingsplan, de stikstofregels en de financiële situatie tijdens de coronaperiode moest het plan worden uitgesteld.[79]

Zie de categorie Efteling van Wikimedia Commons voor mediabestanden over dit onderwerp.