Gnoes

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Gnoes
Blauwe gnoe (Connochaetes taurinus)
Blauwe gnoe (Connochaetes taurinus)
Taxonomische indeling
Rijk:Animalia (Dieren)
Stam:Chordata (Chordadieren)
Klasse:Mammalia (Zoogdieren)
Orde:Artiodactyla (Evenhoevigen)
Familie:Bovidae (Holhoornigen)
Onderfamilie:Alcelaphinae (Koeantilopen)
Geslacht
Connochaetes
Lichtenstein, 1872
Typesoort
antilopegnoe (Gmelin 1788)
blauwe gnoe (Burchell, 1823)
Afbeeldingen op Wikimedia Commons Wikimedia Commons
Gnoes op Wikispecies Wikispecies
Portaal  Portaalicoon   Biologie
Zoogdieren

Gnoes of wildebeesten (Connochaetes) zijn een geslacht van de evenhoevigen behorende tot de familie der holhoornigen (Bovidae).

Soorten[bewerken | brontekst bewerken]

Het geslacht kent twee soorten, die leven op de grasvlakten van zuidelijk en oostelijk Afrika:

Leefwijze[bewerken | brontekst bewerken]

Beide soorten migreren in de droge tijd naar voedselrijke gebieden. Gnoes leggen duizenden kilometers per jaar af. Jongen kunnen al vlug mee met de kudde als ze geboren worden, soms al tien minuten na de geboorte.

Lichaam

Hun voorpoten zijn langer dan de achterpoten.  Hij heeft een donker grijsbruine vacht.  Over de nek lopen donkere rechte strepen en hun lange staart raakt bijna de grond.  Beide gnoes hebben hoorns.   Deze zijn soms wel een halve meter lang.  De gnoe zelf wordt tot 2 meter lang.    


WEETJE

De gnoe wordt ook wel wildebeest genoemd.  Het is eigenlijk een rund en dus familie van onze koe.  Ze leven op de grasvlakten van Afrika.  Er bestaan twee soorten : de witstaartgnoe en de blauwe gnoe. Hun voorpoten zijn langer dan de achterpoten.  Hij heeft een donker grijsbruine vacht.  Over de nek lopen donkere rechte strepen en hun lange staart raakt bijna de grond.  Beide gnoes hebben hoorns.   Deze zijn soms wel een halve meter lang.  De gnoe zelf wordt tot 2 meter lang. Als het te droog wordt, trekken ze met grote groepen naar plaatsen waar meer water en voedsel te vinden is.   Zo kunnen ze wel duizenden kilometers afleggen per jaar.   Ook de jongen kunnen al vlug mee met de kudde als ze geboren worden, soms wel al na 10 minuten. De gnoe is een echt kuddedier.  Alleen zal het niet lang overleven op de grasvlakten.  In de paartijd zie de kudde wel tot honderdvijftig vrouwtjes met hun jongen.  Ze worden elk beschermd door 1 tot 3 mannetjes.  Ook tijdens de grote trek beschermen de mannetjes de grote groep.  Het jong kan enkele minuten na de geboorte al staan en spoedig met de kudde mee trekken.  De mannetjes en vrouwtjes lijken goed op elkaar, enkel het mannetje is wat groter.  Ze hebben ook een wat rare kop.  Vooral blauwe gnoes zien er met hun baard en donkere gezichtskleur altijd wat treurig uit.  De dieren maken een snuivend en knorrend geluid. Tot de grootste vijanden van de gnoes behoren de jachtluipaard, de leeuw en de hyena.  Misschien zijn ze daarom dikwijls samen met de zebra’s onderweg.   Zebra’s kunnen de roofdieren al van heel ver opmerken.   En dat helpt de gnoes natuurlijk goed.




Zie de categorie Connochaetes van Wikimedia Commons voor mediabestanden over dit onderwerp.