Gotspe

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Een gotspe, ook wel gespeld als chotspe, is een begrip waarvan de betekenis ligt tussen 'gewaagdheid' en '(verregaande) onbeschaamdheid', en is vergelijkbaar met het oud-Griekse 'hybris'. Het eerste gedocumenteerde gebruik van 'gotspe' in het geschreven Nederlands dateert van 1937.[1]

Klassiek voorbeeld van een gotspe:

Iemand die zijn vader en moeder vermoordt, en vervolgens de rechter om clementie vraagt omdat hij wees is.

Het woord gotspe is via het Bargoens afkomstig uit het Jiddisch en uiteindelijk het Hebreeuws. Oorsprong in het Nederlands is het West-Jiddische חוצפּה (khutspe /ˈχuʦpɛ/) van het Hebreeuws חצפה (ḥuṣpā(h) /χuʦˈpa(ː)/). Het Hebreeuwse woord staat voor iemand die een grens is overgegaan, zonder daar schaamte voor te voelen. 'Gotspe' wordt in Nederland ook in de schrijftaal gebruikt; daarentegen komen de Engelse variant 'chutzpah', het Duitse 'Chuzpe' en het Poolse 'hucpa' alleen in de spreektaal voor. In het Pools heeft 'hucpa' naast bravoure ook de betekenis van 'fraude'.

Bronnen[bewerken]

  1. Nicoline van der Sijs, Chronologisch Woordenboek, Veen, Amsterdam / Antwerpen 2002 (tweede druk)