Gregoriaanse kalender

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Een detail van de sarcofaag van Gregorius XIII, met de viering van de invoering van de gregoriaanse kalender.

De gregoriaanse kalender is in bijna alle landen van de wereld de officiële kalender, al zijn er wel landen die daarnaast een religieuze kalender gebruiken.

De gregoriaanse kalender is een aanpassing van de daarvoor gebruikte juliaanse kalender. De aanpassing heeft betrekking op het systeem van schrikkeljaren en zorgt ervoor dat het gemiddelde kalenderjaar minder afwijkt van het gemiddelde tropische jaar.

Systeem[bewerken]

In de juliaanse kalender is ieder jaartal dat deelbaar is door 4 een schrikkeljaar. Het gemiddelde kalenderjaar telt daardoor exact 365,25 dagen. Een tropisch jaar duurt ongeveer 365,2422 dagen. De juliaanse datum loopt op die manier per duizend jaar ongeveer 7,8 dagen achter op de zon. De juliaanse kalender heeft een periode van 28 jaar, dat wil zeggen dat na 28 jaar alle datums (inclusief een eventuele schrikkeldag) weer op dezelfde weekdagen vallen.

In de gregoriaanse kalender is een jaartal dat deelbaar is door 4 en ook door 100, géén schrikkeljaar, behalve als het ook door 400 te delen is. Dat betekent dat bijvoorbeeld 1600, 2000 en 2400 schrikkeljaren zijn, maar 1700, 1800, 1900, 2100, 2200 en 2300 niet. Het gemiddelde gregoriaanse jaar duurt derhalve 365,2425 dagen. De gregoriaanse datum loopt per duizend jaar ongeveer 0,3 dagen achter op de zon. De gregoriaanse kalender heeft een periode van 400 jaar, dankzij het feit dat het aantal dagen (het op een geheel getal afgeronde aantal dagen in 400 zonnejaren) toevallig een zevenvoud is.

Invoering van de gregoriaanse kalender[bewerken]

oktober 1582
ma di wo do vr za zo
1 2 3 4 15 16 17
18 19 20 21 22 23 24
25 26 27 28 29 30 31

De gregoriaanse kalender werd voor het eerst voorgesteld door de Napolitaanse arts Aloisius Lilius en werd overgenomen door het Concilie van Trente (1545-1563). Paus Gregorius XIII kon de kalenderhervorming pas in 1582 met de bul Inter gravissimas doorvoeren. Bij de invoering werden 10 dagen overgeslagen om het begin van de lente terug te brengen naar 21 maart. De weekdagen liepen zonder onderbreking door: op donderdag 4 oktober 1582 volgde vrijdag 15 oktober 1582.[1]

In de rooms-katholieke landen Spanje, Portugal en Polen werd de gregoriaanse kalender direct zoals hierboven beschreven ingevoerd. Andere katholieke landen volgden binnen enkele jaren.

In veel protestantse gebieden werd de nieuwe kalender pas rond 1700 aanvaard. In Nederland aanvaardden Holland, Zeeland en de zuidelijke gewesten vrijwel onmiddellijk de nieuwe kalender, maar de overige gewesten deden dit pas in 1700 of in 1701. Gevolg was bijvoorbeeld dat de tornado die de Utrechtse Domkerk op 1 augustus 1674 in twee stukken splitste, in geschriften die de oude kalenderstijl hanteerden, gedateerd is op 22 juli.

Op de Britse Eilanden (de koninkrijken Groot-Brittannië en Ierland) werd de gregoriaanse kalender de dag na 2 september 1752 ingevoerd. Die dag werd toen 14 september. Er werd daarna gesproken van Old Style en New Style. Er waren in het land vele opstootjes, want het volk eiste de hun ontnomen 11 dagen terug (men dacht werkelijk dat men 11 dagen eerder dood ging)[bron?].

Japan stapte pas in 1893 over op de gregoriaanse kalender. De invoering van de gregoriaanse kalender in het revolutionaire Rusland in 1918 had een vreemde bijwerking. Het verschil tussen beide kalenders was intussen tot 13 dagen opgelopen, zodat op 31 januari onmiddellijk 14 februari volgde. Drie maanden eerder, op 25 oktober 1917 (juliaans), had de Oktoberrevolutie plaatsgevonden. De eerste herdenking van die revolutie, uiteraard 365 dagen later, viel niet meer in oktober, maar op 7 november.

Griekenland volgde in 1924. Het laatste land dat de gregoriaanse kalender officieel invoerde was Turkije in 1927.

Zie voor een uitgebreid overzicht de lijst van invoeringsdata van de gregoriaanse kalender per land.

De in de astronomie gebruikte jaartelling komt overeen met de gregoriaanse kalender, maar rekent ook onbeperkt terug (proleptische gregoriaanse kalender). Er is daarbij ook een jaar 0 en er zijn negatieve jaartallen.

Kerkelijk gebruik[bewerken]

  • Katholieken en protestanten gebruiken de gregoriaanse kalender.
  • Van de Oosters-katholieke Kerken gebruiken sommige de gregoriaanse en andere de juliaanse kalender.
  • Sommige oosters-orthodoxe kerken gebruiken ook nu nog de oude juliaanse kalender voor de bepaling van feestdagen. Dit is de reden dat in Rusland kerstfeest op 7 januari gevierd wordt. Voor de oosters-orthodoxe kerken wordt een onderscheid gemaakt tussen:

Effect van de aardrotatie[bewerken]

De Belgische sterrenkundige Jean Meeus heeft berekend dat door de onregelmatige vertraging van de aardrotatie er zes schrikkeldagen moeten komen te vervallen tot en met het jaar 10.000.[bron?] Hij gebruikt het lente-tropisch jaar, dat loopt van de lente-equinox tot de eerstvolgende lente-equinox, in plaats van het gemiddelde tropische jaar, dit om het begin van de lente op 19, 20 of 21 maart (op het noordelijk halfrond) te kunnen houden; daarom moeten na het jaar 7999 vier schrikkeldagen vervallen. Er wordt - niet door Meeus zelf - uitgegaan van het volgende schema: de jaren 4000, 6000, 7200, 8400, 9200 en 10000, die nu schrikkeljaren zijn, zouden gewone jaren moeten worden.

Zie ook[bewerken]

Externe links[bewerken]

  • (de) Kalender-Rechner, een online programma converteert een datum vanuit een kalendersysteem naar keuze in een ander.
  • Eeuwigdurende kalender (bepaal de weekdag in de juliaanse of in de gregoriaanse kalender)
  • (en) The Kluznickian Calendar, op zeer principiële uitgangspunten gebaseerd voorstel voor een kalender met 13 maanden per jaar.
  • EASY-kalender, op praktische gronden gebaseerd voorstel voor een kalender met 13 maanden per jaar.