Gustave Caillebotte
| Gustave Caillebotte | ||||
|---|---|---|---|---|
Gustave Caillebotte, ca. 1878 | ||||
| Persoonsgegevens | ||||
| Geboren | 19 augustus 1848, Parijs | |||
| Overleden | 21 februari 1894, Gennevilliers | |||
| Geboorteland | Frankrijk | |||
| Begraafplaats | Cimetière du Père-Lachaise | |||
| Signatuur | ||||
| Opleiding en beroep | ||||
| Opleiding gevolgd aan | Lycée Louis-le-Grand, Faculteit der Rechtsgeleerdheid te Parijs, École nationale supérieure des beaux-arts | |||
| Leermeester | Jean-Léon Gérôme, Léon Bonnat | |||
| Beroep | Kunstschilder | |||
| Werkveld | schilderkunst | |||
| Oriënterende gegevens | ||||
| Stroming | Impressionisme | |||
| Stijl | Impressionisme | |||
| Bekende werken | Rue de Paris, temps de pluie, Les raboteurs de parquet, Vue de toits | |||
| Werklocatie | Gennevilliers,[1] Honfleur,[1] Parijs,[1] Trouville-sur-Mer,[1] Italië,[1] Noorwegen,[1] Zweden,[1] Londen[1] | |||
| Erkenning en lidmaatschap | ||||
| Kunstenaarsmaplocatie | Frick-kunstreferentiebibliotheek, Smithsonian American Art and Portrait Gallery-bibliotheek,[2] National Gallery of Art-bibliotheek[3] | |||
| RKD-profiel | ||||
| ||||
Gustave Caillebotte (Parijs, 19 augustus 1848 - Petit Gennevilliers, 21 februari 1894) was een Frans kunstschilder. Hij was een van de leidende leden van de impressionisten. Hij organiseerde verschillende van de tentoonstellingen van de impressionisten en begunstigde het werk van de impressionisten ook financieel.
Caillebotte schilderde portretten en binnenhuisscènes, maar ook stadsgezichten, landschappen en stillevens.
Levensloop
[bewerken | brontekst bewerken]Familie
[bewerken | brontekst bewerken]Caillebotte werd geboren in een Parijse familie uit de hogere klassen. Zijn vader Martial Caillebotte (1799-1874) was afkomstig uit Normandië. Hij was in de jaren 1820 naar Parijs verhuisd om te werken in het textielbedrijf van zijn oom. Hij kocht zich in en bouwde het bedrijf uit dankzij een lucratief contract voor militair textiel. Hij was daarnaast daarnaast als rechter bij het Tribunal de Commerce van het departement Seine. Hij was al twee keer weduwnaar geworden voordat hij in 1847 met Caillebottes moeder, Céleste Daufresne, trouwde. Uit zijn eerste huwelijk was in 1834 al een zoon geboren, Alfred. Na Gustave werden nog twee zoons geboren: René (1851) en Martial (1853).[4] In 1874 erfde hij een aanzienlijk fortuin en het huis te Yerres van zijn vader, en toen zijn moeder stierf in 1878 werd het familiekapitaal onder de overgebleven zonen verdeeld – Caillebottes broer René was in 1876 op 25-jarige leeftijd gestorven.
Jeugd
[bewerken | brontekst bewerken]Gustave Caillebotte groeide op in de directeurswoning bij het bedrijf van zijn vader in de Rue du Faubourg Saint-Denis. Vanaf 1860 bracht het gezin veel zomers door in Yerres, ongeveer twaalf kilometer ten zuidwesten van Parijs. Daar had zijn vader een huis met een 27 hectare grote parktuin gelegen aan de Yerres gekocht. Rond deze tijd begon Gustave Caillebotte vermoedelijk met tekenen en schilderen. Omstreeks 1866 verhuisde het gezin naar een hoekhuis aan de Rue Miromesnil en de Rue de Lisbonne in het 8e arrondissement. Kort voor zijn dood liet vader Caillebotte daar, aan de achterzijde van de woning, een schildersatelier voor zijn zoon inrichten.[4]
Caillebotte studeerde in 1868 af in de rechten. Hij was ook ingenieur. Hij werd in 1869 uitgeloot voor militaire dienst maar kon zich laten vervangen door betaling van een afkoopsom. In de Frans-Duitse Oorlog (1870-1871) diende hij in de Garde Nationale Mobile de la Seine. Zijn eenheid was betrokken bij de verdediging van Parijs. Op 7 maart 1871 werd hij gedemobiliseerd maar bleef opgenomen in de militaire reserve. Hij werd voor korte perioden opnieuw onder de wapenen geroepen in 1876 en 1881.[5]
Artistieke carrière
[bewerken | brontekst bewerken]

(ca. 1892), Musée d'Orsay
Na de oorlog nam Caillebotte schilderlessen in het atelier van Léon Bonnat om zich voor te bereiden op het ingangsexamen van de École des Beaux-Arts. Hij ontwikkelde in relatief korte tijd een volleerde stijl en had zijn eerste atelier in het huis van zijn ouders. Begin 1873 werd hij toegelaten aan de École des Beaux-Arts en wijdde zich volop aan zijn schilderscarrière.
Caillebotte sloot vriendschap met enkele kunstenaars, onder wie Marcellin Desboutin en Giuseppe De Nittis. In 1874 maakte hij kennis met het werk van de impressionisten ten tijde van de eerste tentoonstelling van de impressionisten. De impressionisten hadden zich afgekeerd van de academische kunst en de schilders die exposeerden op de jaarlijkse Salons. Met name de werken van Edgar Degas en Claude Monet maakten indruk op Caillebotte en beïnvloeden sterk zijn ontwikkeling.
Hij diende Les raboteurs de parquet (Parketschavers, 1875), zijn eerste grote werk, aan voor de Parijse Salon van 1875. Het werd geweigerd, mogelijk het afgebeelde onderwerp, arbeiders die een houten vloer schaven. Dit was de eerste en enige keer dat hij een schilderij aanbood aan de Salon.
Caillebotte exposeerde op de tweede tentoonstelling van de impressionisten met acht schilderijen, waaronder Les raboteurs de parquet. Daar kreeg het eerder positieve kritiek, ook al werd het door sommige critici als vulgair beschouwd. Caillebotte werd genoemd als de meest talentvolle van de exposanten.
Caillebotte schilderde in een realistische stijl die beïnvloed was door het impressionisme. Hij schilderde huiselijke en familiale scènes, interieurs en portretten. Op veel van zijn schilderijen zijn zijn familieleden te zien. Daarnaast schilderde hij landschappen in Yerres en stadsgezichten van het Hausmanniaanse Parijs. Zijn stillevens hebben vooral voedsel als onderwerp. Zijn werk lijkt ook beïnvloed te zijn door de fotografie; vooral zijn gebruik van perspectivische effecten is opmerkelijk.
Vanaf 1876 begon Caillebotte schilderijen van zijn vrienden te verzamelen. Hij kocht werk van onder andere Auguste Renoir (waaronder Bal du Moulin de la Galette), Claude Monet, Paul Cézanne, Edgar Degas, Édouard Manet en Camille Pissarro.
In 1877 exposeerde hij zes schilderijen op de derde impressionistententoonstelling en zorgde grotendeels voor de organisatie. Bij de vierde expositie (1879) nam hij met 19 schilderijen en zes pastellen deel, en ook hier was hij weer een van de organisatoren, ditmaal samen met Degas. Na de lauwe reacties op de landschappen die hij in 1879 exposeerde, greep Caillebotte voor de vijfde expositie (1880) terug naar de thema's waarmee hij in 1876 en 1877 werd lof had geoogst. Na een meningsverschil met Degas bleef Caillebotte afwezig op de zesde expositie van 1881. Hij was opnieuw van de partij op de zevende expositie (1882) die hij organiseerde.[6]
Latere jaren
[bewerken | brontekst bewerken]
Caillebotte kocht in 1881 een huis in Petit-Gennevilliers, aan de oever van de Seine bij Argenteuil, en verhuisde er permanent heen in 1888. Hij wijdde er zijn leven aan tuinieren en het bouwen van zeiljachten. Er zijn 21 zeiljachten naar zijn ontwerpen gebouwd. Hij won meerdere zeilwedstrijden. Ook was hij samen met zijn broer Martial een gerenomeerd filatelist. Zij verkochten hun verzameling na het huwelijk van Martial in 1887. In 1888 werd Gustave gekozen in de gemeenteraad. Hoewel hij nooit getrouwd is geweest, schijnt hij een langdurige en serieuze relatie te hebben gehad met Charlotte Berthier, die elf jaar jonger was en uit de lagere klasse kwam. Hij liet haar een aanzienlijke lijfrente na.
In 1888 nam Caillebotte nog deel aan de tentoonstelling van Les XX in Brussel.[6] In de jaren 1890 stopte hij met het schilderen van grote doeken.
Caillebotte stierf op 45-jarige leeftijd aan longoedeem. Hij ligt begraven op het Parijse Père-Lachaise. Hij heeft zijn werk en zijn collectie bij testament nagelaten aan de Franse staat.
Waardering
[bewerken | brontekst bewerken]In juni 1894, kort na zijn dood, organiseerde Durand-Ruel een retrospectieve van het werk van Caillebotte. Deze tentoonstelling werd echter overschaduwd door de controverse omtrent zijn testament en het legaat aan de Franse staat.[6] Aanhangers van de academische schilderkunst waren geschandaliseerd dat een zaal van het Musée du Luxembourg werd voorbehouden aan de impressionisten. En de aanhangers van het impressionisme waren beledigd dat maar de helft van schilderijen werd aanvaard. Zijn broer Martiel en Auguste Renoir moesten lang onderhandelen over welke schilderijen juist zouden worden aanvaard en tentoongesteld.
Caillebottes artistieke reputatie rustte aanvankelijk vooral op het succes van zijn vroege werk Les raboteurs de parquet en zijn rol als organisator en financier binnen de impressionistenbeweging. Caillebotte werd weggezet als een amateur: iemand die door zijn fortuin niet hoefde te werken. Zijn schilderkunst was een van de liefhebberijen, naast het zeilen, de filatelie en het tuinieren, waarmee hij zich bezig hield.[7] Pas in de tweede helft van de twintigste eeuw groeide de waardering voor zijn schilderijen. In 1994 werd er een grote retrospectieve van zijn werk georganiseerd (in Parijs, Chicago en Los Angeles).[8]
Werken (selectie)
[bewerken | brontekst bewerken]Caillebottes oeuvre bevat meer dan vijfhonderd schilderijen.[8] Veel van zijn werk hangt in de Parijse musea Musée d'Orsay en het Louvre.
- Baigneur s'apprêtant à plonger
(1878), privécollectie - L'homme au balcon, boulevard Haussmann
(1880) - Dans un café
(1880), Musée des Beaux-Arts - Fruits sur un étalage
(1882), Museum of Fine Arts - Arbre en fleurs (1882), Musée d'Orsay
Literatuur
[bewerken | brontekst bewerken]- Gustave Caillebotte. Een impressionist en de fotografie. Tentoonstellingscatalogus Gemeentemuseum Den Haag, 2013.
Bronnen
[bewerken | brontekst bewerken]Bronnen
[brontekst bewerken]- (fr) Allan Scott, e.a. (2024). Caillebotte, peindre les hommes. Musée d'Orsay / Hazan. ISBN 978-2-7541-1707-4.
Referenties
[brontekst bewerken]- 1 2 3 4 5 6 7 8 RKDartists; RKDartists-identificatiecode: 14725.
- ↑ https://library.si.edu/art-and-artist-files.
- ↑ https://library.nga.gov/permalink/01NGA_INST/1cl1g8d/alma991431683504896.
- 1 2 Allan Scott, p. 34-37
- ↑ Allan Scott, p. 60-68
- 1 2 3 Allan Scott, p. 92-100
- ↑ Allan Scott, p. 196-211
- 1 2 Allan Scott, p. 7-9