Hélène Passtoors

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Aankomst in Brussel van de uit Zuid-Afrika vrijgelaten Hélène Passtoors (11 mei 1989)

Hélène Passtoors (Eindhoven, 9 augustus 1942) is bekend als een Zuid-Afrikaanse activist en terrorist[1][2], van Belgische nationaliteit.

Passtoors woonde begin jaren 80 samen met haar Nederlandse echtgenoot Klaas de Jonge in Maputo, de hoofdstad van Mozambique. Zij werkte daar als taalkundige bij onder andere de Eduardo Mondlane Universiteit. In die periode raakte ze bevriend met Joe Slovo, vooraanstaand lid van de Zuid-Afrikaanse organisatie Afrikaans Nationaal Congres (ANC), en zijn vrouw Ruth First. Toen Ruth First op 17 augustus 1982 om het leven kwam door een bombrief die verstuurd was door de Zuid-Afrikaanse veiligheidsdienst BOSS, besloten Passtoors en De Jonge actief het ANC te steunen in hun gewapende bevrijdingsstrijd. Na hun echtscheiding verhuisde De Jonge naar Zimbabwe, Passtoors verhuisde naar Zuid-Afrika.

In juni 1985 werd zij in Zuid-Afrika gearresteerd, beschuldigd van verraad, en in mei 1986 veroordeeld tot tien jaar opsluiting. In 1989 werd zij vrijgelaten en ging zij werken voor het ANC-kantoor in Brussel.

Op 29 juni 2013 erkende zij in de Belgische krant De Morgen deelgenomen te hebben aan de zogenaamde Kerkstraatbomaanslag in Pretoria op 19 mei 1983 en op 10 december 2013 bevestigde zij in Humo de betrokkenheid van huidige voorzitter van Oxfam Solidariteit, Guido Van Hecken[1][3]. Het was de allereerste bomauto van het ANC en er vielen 21 doden en een 219 gewonden. De Waarheidscommissie heeft in 2001 deze bomaanslag betiteld als "a gross violation of human rights".[2]

Externe link[bewerken]