Heerlijkheid Les Meurins
| Les Meurins | |||||
|---|---|---|---|---|---|
| Gewest van het koninkrijk Frankrijk (1365-1529), Gewest van de Habsburgse Nederlanden (1556-1795) | |||||
| |||||
| Algemene gegevens | |||||
| Talen | Vlaams en Frans | ||||
| Religie(s) | Rooms-katholicisme | ||||
| Regering | |||||
| Regeringsvorm | Heerlijkheid | ||||
| Staatshoofd | Heer | ||||
De heerlijkheid Les Meurins was van de middeleeuwen tot 1795 een Vlaamse heerlijkheid gelegen tussen de Belgische stad Menen en de Franse stad Tourcoing. Haar gronden lagen op delen van de gemeenten Halewijn, Neuville-en-Ferrain en Rekkem.
Betekenis
[bewerken | brontekst bewerken]De naam zou afgeleid kunnen zijn van het Vlaamse werkwoord meuren voor geuren of stinken. Dit kan op de heerlijkheid gelinkt worden aan de toenmalige textielnijverheid en de wolverwerking. De geur was dan afkomstig van de lokale witte Vlaamse schapen, hun vergaarde wol met wolvet of de producten die gebruikt werden bij de verwerking ervan. Net als het aangrenzende Rekkem, had Halewijn meerdere schaapskuddes.[1]
Een alternatief is dat de naam is afgeleid van het woord morin voor iets donker. Dit zou dan verwijzen naar meerdere donkere gronden of heide waar de schapen graasden.
Deel 2 van de Cartulaire de l'église collégiale de Saint-Pierre de Lille vermeldt al personen vanaf 1307 met de familienaam Meurin, zoals George de Meurin priester en kapelaan van Saint-Pierre de Lille.[2]
Geschiedenis
[bewerken | brontekst bewerken]De eerste bronnen verwijzen naar de heren van Halewijn en Karel III van Croÿ, die het zou geërfd hebben van zijn moeder Johanna Hendrika van Hallewyn na haar overlijden in 1581. Het geslacht Halewijn gaat al zeker terug tot Frans Van Halewijn (Gulleghem, 1030), heer van Halewijn en gouverneur van Vlaanderen.[3] Deze familie was ook eigenaar van de aangrenzende heerlijkheid Gavere.
In 1614 werd het door de gravin van Fürstemberg, samen met de landerijen van Halewijn, Komen en Gavere, overgedragen aan de prins van Chimai Karel van Arenberg.
De heerlijkheid werd in 1652 in beslag genomen en verordend door de Raad van Vlaanderen in navolging van president Jean-Baptiste della Faille d'Assenede (1650-1666) en vervolgens door hem gekocht.
Tot 1666 was de heerlijkheid Meurins eigendom van de baron van Kruishoutem en latere graaf, Philippe de Jausse de Mastaing (1644-1702).[4][5] Datzelfde jaar verkochten hij het aan Bernard de Haynin (? - Kortrijk, 1676), baron van Rekkem.[6] Na zijn overleden kwam het toe aan diens erfgenaam ridder Joseph-Ignace de Haynin, heer van Rekkem.
In 1686 werd de heerlijkheid Frans, toen Halewijn op de Spaanse Nederlanden werd veroverd door Lodewijk XIV.
Het is niet duidelijk of de Rijselse familie de Bernard de latere eigenaars werden, gezien vanaf 1739 Jean Bernard (Camphin-en-Carembault, 19 januari 1656 - Rijsel, 6 juli 1743) de titel kreeg van seigneur de (Jardin-)Meurin.
In 1779 werd Halewijn-Noord weer bij het toen Zuid-Nederlandse Rekkem gevoegd, waarschijnlijk was dit met een deel van Les Meurins dat nu tot de Meense deelgemeente Rekkem behoort. De heerlijkheid verdween in 1795, toen het ancien régime met de daarbij horende heerlijkheden werd afgeschaft om vervangen te worden door Franse communes of gemeenten.
Landkaarten plaatsen de actuele wijk Les Meurins zuidelijk van de Menense wijk De barakken, oostelijk van de Halewijnse Rue de Lille en westelijk van de Rue de l'abbé Lemire. Op het rondpunt van deze laatste met Point Rouge start de Chemin des Meurines, die parallel slingerend aan de Belgisch-Franse grens loopt.[7]
-
Bernard de Haynin, baron en heer van Rekkem
-
Jean Bernard, heer van Les Meurins
Beheer
[bewerken | brontekst bewerken]De heer had er het recht op gevonden goederen, nalatenschappen van bastaarden en vreemdelingen. Hij beschikte ook over een baljuw, luitenant of stadhouder, sergeant en schepenen om de lokale orde en administratie te regelen.[8]
Nabijgelegen
[bewerken | brontekst bewerken]Halewijn, Menen, Moeskroen, Neuville-en-Ferrain, Rekkem, Ronk en Tourcoing.
Wetenswaardigheden
[bewerken | brontekst bewerken]- Aan de kruising van de chemin des Meurins en de chemin de Belle Vue werd tijdens het ancien régime de vierschaar gehouden en daar stond ook een schandpaal.
Zie ook
[bewerken | brontekst bewerken]- Heerlijkheid Ter Hagen te Rekkem
Externe links
[bewerken | brontekst bewerken]- (fr) Maison de Haynin (Huis de Haydin) op de Franstalige Wikipedia
- (fr) Famille Bernard (Lille) (Familie Bernard van Rijsel) op de Franstalige Wikipedia
Bronverwijzing
[bewerken | brontekst bewerken]- (fr) Fiefs et seigneuries du Ferrain.
- (fr) Alphonse-Marie Coulon, Histoire de Halluin - Les Meurins.
Referenties
- ↑ (fr) Coulon, Alphonse-Marie, Histoire de Halluin - Les Meurins. “Il y avait en 1505 à Halluin 320 vaches, 37 chevaux et 650 blanches bêtes ou moutons.”
- ↑ Cartulaire de l'église collégiale de Saint-Pierre de Lille - tome second 27, 101 (589, 663).
- ↑ Frans Van Halewijn. Genealogie online. “Frans Heer van Halewijn. Hij is geboren in het jaar 1030 in Gulleghem, West-Vlaanderen. Titel: Gouverneur van Vlaanderen”
- ↑ Kerk Sint Eligius Kruishoutem - schilderij. “Onderzoek door Chris Van der Meeren (2018) heeft duidelijk gemaakt dat Philips Bernaerdt uit Gent de schilder is en dat de persoon in het rood Philippe de Jausse is, baron van Kruishoutem die van Lodewijk XIV in 1670 de toestemming kreeg voor een jaarmarkt in Kruishoutem.”
- ↑ De eerlijkheid van H. Eligius. “Het ander verhaal betreft de grote figuur in het rood: baron Philippe de Jausse de Mastaing (1644-1702). Deze betaalde het schilderij dat boven het hoogaltaar van de oude Sint-Eligiuskerk hing. Later (1670) kreeg Philippe van Lodewijk XIV de titel van graaf en de toestemming om in Kruishoutem een jaarmarkt te organiseren.”
- ↑ De verkoop in 1666 van de heerlijkheid de Meurins. Agatha - Rijksarchief Kortrijk - Inventaris van het gemeentearchief van Rekkem, stuk 301/53 "Stukken betreffende de verkoop in 1666 van de heerlijkheid de Meurins, gelegen in Halewijn, Neuville en Rekkem, door de baron van Kruishoutem aan Bernard de Haynin, baron van Rekkem. 1655-1688."
- ↑ Halluin. Map Carta.
- ↑ (fr) Alphonse-Marie Coulon, Histoire de Halluin - Les Meurins. “Les Meurins, à Halluin, Reckem et Neuville, était un fief tenu de la seigneurie d'Ayshove à Cruyshautem, à dix livres de relief et vingt sous de chambellage et au dixième denier à la vente, et consistait en rentes. Le fief avait bailli, lieutenant, échevins et sergent pour l'exercice de la justice vicomtière, avec l'avoir de bâtard, les biens épaves et les confiscations.”