Henri Bogaerts

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Henri Bogaerts
Henri Bogaerts (circa 1895)
Henri Bogaerts (circa 1895)
Persoonsgegevens
Geboren 's-Hertogenbosch, 18 november 1841
Overleden Boxtel, 22 december 1902
Geboorteland Nederland
Beroep(en) druktechnicus en uitgever
Oriënterende gegevens
Jaren actief 1864–1902
RKD-profiel
Portaal  Portaalicoon   Kunst & Cultuur

Henricus Adrianus (Henri) Bogaerts ('s-Hertogenbosch, 18 november 1841 – Boxtel, 22 december 1902) was schilder, tekenaar, kopiist, graveur, uitgever en boekhandelaar.[1] In 1880 stichtte hij te Vught in de Nederlandse provincie Noord-Brabant de 'Kunstinrichtingen H. Bogaerts & Cie' (of Peinture H. Bogaerts), beter bekend onder de naam Peinture Bogaerts, een bedrijf dat door middel van door hem uitgevonden en ontwikkelde technieken reproducties van schilderijen vervaardigde en portretschilderijen op basis van zwart-witfoto's.

Levensloop en werk[bewerken]

Bogaerts werd in 1841 geboren als zoon van de paardenpostmeester Henricus Bogaerts en Maria Francisca Minoretti. In 1864[2] begon hij zijn loopbaan als boekhandelaar en drukker in s'-Hertogenbosch. Tussen 1869 en 1890[2] had hij eerst te 's-Hertogenbosch en daarna te Vught een houtgravureatelier waar gemiddeld een tiental houtgraveurs werkte, waaronder Arnold Verhees.[3] Voor de oprichting van dit atelier had Bogaerts de houtgraveur Johannes Walter in dienst genomen.[2] Bogaerts zette zich in om de katholieke stem via de media te verspreiden. Zo was hij in 1867[4] een van de oprichters van de Katholieke Illustratie, een weekblad voor katholiek Nederland. In dat jaar werd al, volgens Altena, "voor Nederland ongekende oplage van 20.000 exemplaren" bereikt.[4] Ook stond hij aan de wieg van Het Huisgezin, een blad dat na verloop van tijd onderdeel werd van het Brabants Dagblad.[5]

Ook buiten Noord-Brabant was Bogaerts actief als uitgever. In Maastricht waren dat de Nieuwe Limburger, de Annuaire généalogique en de Courrier de la Meuse. In Brussel l'Illustration Européenne, Le Rieur illustré, De Belgische Illustratie, De Vlaamse Illustratie, Le Foyer national en Le Museé du jeune age. In 1876 verkocht hij zijn uitgaven aan een mede door hem opgerichte maatschappij de Katholieke Illustratie.[6][7]

Bogaerts kreeg daarna zijn handen vrij om zich volledig te concentreren op door hem uitgevonden en in 1879 gepatenteerde kopieertechnieken die de benaming Peinture Bogaerts kregen.[8] Maar al omstreeks 1876 begon hij met zijn Peintures.[9] Hij zag kans om met behulp van deze technieken reproducties van zowel schilderijen als van foto's op doek of paneel te maken. De schilderijreproducties waren bijna niet van het oorspronkelijke werk te onderscheiden. In 1879 opende hij een fabriek in Vught nadat het onderkomen in s'-Hertogenbosch te klein was geworden. Kennelijk had hij te veel hooi op de vork genomen want vier jaar later stond het water hem - in financieel opzicht - aan de lippen. Eind 1882 verkocht Bogaerts zijn fabriek.[10] In 1883 moest hij ook zijn drukkerij verkopen en werd nog in hetzelfde jaar ontslagen als directeur van de Katholieke Illustratie.[5][11] In 1884 ging hij failliet.[5] Eind 1886 verhuisde Bogaerts met zijn familie naar Brussel en werd daar directeur van de drukkerij Les Arts Graphiques S.A.[5][12] Hij voerde het fotomechanisch drukken van afbeeldingen in voor kranten en tijdschriften, waarvoor hij zelf geëtste blokken ontwierp en verkocht, en het drukken vanuit fotografische originelen. De drukkerij specialiseerde zich in grafisch drukken, onder meer door middel van heliogravure, het chemisch graveren op koper en zink, fotolithografie en lichtdruk.[13]

Volgens een van zijn biografen, Van Breukelen, was Bogaerts "een uitzonderlijk getalenteerde Bosschenaar, die door de speling van het lot ten onrechte in de vergetelheid is geraakt".[14] Zijn vier zoons Hubert[15][16] (1869–?), Emile (1873–1939), Henri jr. (1877–1933) en Louis (1878–1957) zetten na de dood van hun vader het werk van Peinture Bogaerts voort. Vanaf 1891 was de onderneming gevestigd te Boxtel.[17] Na het overlijden van Henri jr. in 1933 werd het bedrijf opgeheven.[18]

Bogaerts trouwde op 4 mei 1865 met Catherina Wilhelmina Lutkie, dochter van een eigenaar van een drukkerij in 's-Hertogenbosch. Uit hun huwelijk werden elf kinderen geboren. Hij overleed in 1902 in Boxtel op 61-jarige leeftijd.

Bogaerts werd in 1877 door de paus benoemd tot ridder in de orde van Gregorius de Grote.[19] In dat zelfde jaar ontving hij in Amsterdam op de landelijke tentoonstelling voor 'Graphische Kunsten' een zilveren medaille, in 1879 een 'Eere-Diploma' in Arnhem en te Brussel in 1888 een 'Eere-Diploma' en een Gouden Medaille.[20]

Enkele voorbeelden van zijn werk (Peinture Bogaerts)[bewerken]

Literatuur[bewerken]

  • Altena, M., M. van de Laar en A. Stijnman, "Henri Bogaerts, een leven tussen tijdschriften, houtgravures en kunstreproducties. Fotografie in dienst van de reproductie", in: Het licht van de negentiende eeuw. De komst van de fotografie in de provincie Noord-Brabant, p. 169-182, Eindhoven 1997
  • Joseph, S.F., 2015. Belgian photographic literature of the 19th century. A bibliography and sensus. Leuven University Press. ISBN 9789462700475. 435 pp.[1]