Herman De Dijn

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Herman René De Dijn (Galmaarden, 6 februari 1943) is een Belgisch filosoof. Hij volgde klassieke humaniora aan het Sint-Catharinacollege in Geraardsbergen, studeerde verder in Leuven en was van 1979 tot 2008 professor ordinarius (full professor) in de geschiedenis van de wijsbegeerte aan het Hoger Instituut voor Wijsbegeerte van de Katholieke Universiteit Leuven. In 2008 werd hij professor emeritus, met bijkomende aanstelling als bijzonder gasthoogleraar. Herman De Dijn werkt ook mee aan het weekblad Tertio.

Loopbaan[bewerken]

De Dijn promoveerde in 1971, was na zijn doctoraat als postdoctoraal onderzoeker actief in de universiteit van Cambridge en werd in 1973 aangesteld in Leuven. Hij werd gevraagd voor visiting professorships en fellowships aan onder andere de universiteiten van Osaka, Stellenbosch, Edinburgh, Cambridge en Harvard.

Hij was van 1995 tot 2000 vicerector van de Katholieke Universiteit Leuven onder rector André Oosterlinck. Hij vertegenwoordigde in het universiteitsbestuur de groep humane wetenschappen.

In zijn onderwijs en onderzoek hadden twee filosofen een centrale rol: Baruch Spinoza en David Hume. Hij legde speciale interesse aan de dag voor het fenomeen van de moderniteit en centrale facetten van de postmoderne cultuur, onder meer in de betekenis en de rol van religie in de hedendaagse, seculiere samenleving en haar vraagstukken van multiculturaliteit.

Hij is corresponderend lid van de Koninklijke Vlaamse Academie van België voor Wetenschappen en Kunsten sinds 1997 en gewoon lid sinds 2001. De Dijn werd in 2012 geridderd tot Grootofficier in de Leopoldsorde met ranginneming op 15 november 2010.[1]

Conservatief filosoof[bewerken]

Vanuit het perspectief van de politieke filosofie is De Dijn een conservatieve filosoof te noemen, met die aantekening dat hij niet vertrekt vanuit een conservatieve catechismus met "de juiste antwoorden op de grote problemen", zoals hij zelf schreef. Hij toont juist een afkeer van grootse idealen en projecten en stelt dat er geen vooruitgang zonder tradities is. "Het conservatisme" aldus De Dijn "is geen nostalgie naar het verleden; het is integendeel een aanvaarding van het bestaande in zijn imperfectie. Dit impliceert niet dat de conservatief, waar echt nodig en mogelijk, geen verbetering wil aanbrengen: er is geen tegenstelling tussen conservatisme en reformisme".[2].

Criticus van het liberalisme[bewerken]

In het debat over het multiculturalisme sluit De Dijn aan bij Charles Taylor, die vindt dat de liberale politiek van de gelijkwaardigheid voor de wet van alle burgers, ongeacht hun verschillen, moet worden vervangen door een politiek van de (gelijke) erkenning van de verschillen, ook wel aangeduid als de politiek van de erkenning of politiek van het verschil. De Dijn bestrijdt de zogenaamde politieke correctheid, voor zover die geen rekening houdt met de concrete, historisch-cultureel bepaalde realiteit, waarin individuen onvermijdelijk, min of meer, positief of negatief ingesteld zijn tegenover kenmerken en gebruiken van andere groepen. Hij pleit voor de politieke arena als enige plaats om zonder geweld conflicten betreffende erkenning van groepswaarden uit te vechten. Hem staat daarbij een samenleving voor ogen die daarbij de tijd neemt om zichzelf zodanig in te richten dat niet alleen het eigene, maar ook het vreemde, min of meer, vreedzaam kunnen overleven.

Erkenning van religie als menselijk fenomeen[bewerken]

De Dijn analyseert in zijn boek Religie in de 21ste eeuw (2006) religie als een typisch menselijk fenomeen in haar relatie tot andere betekenisfenomenen zoals wetenschap, ethiek, politiek en kunst. Hij beschouwt religie als onderdeel van de manier waarop de cultuur via haar symbolische categorieën het menselijk leven en samenleven vormgeeft. Religie heeft voor hem een eigen levensvorm van grote complexiteit en subtiliteit die in iedere cultuur verankerd ligt. Verwerping van de religie komt De Dijn daarom voor als een verwerping van de mens en van het menselijke als zodanig.

Werken[bewerken]

  • De rationaliteit en haar grenzen. Leuven, Universitaire Pers Leuven; Assen, Van Gorcum, 1999, 5th ed., VII-105 p.
  • Hoe overleven we de vrijheid? Kapellen, Pelckmans / Kampen, Kok Agora, 1997, 4th ed., 144 p.
  • Kan kennis troosten? Kapellen, Pelckmans / Kampen, Kok Agora, 1994, 152 p. (out of print)
  • Spinoza, The Way to Wisdom. West Lafayette (Ind.), Purdue University Press, 1996, 292 p.
  • De uitgelezen Spinoza. Ingeleid en toegelicht door Herman De Dijn. Amsterdam, Boom / Tielt Lannoo, 1999, 328 p.
  • De herontdekking van de ziel. Voor een volwaardige kwaliteitszorg. (Thijmessay 1999) Nijmegen, Valkhof Pers, 1999, 86 p.
  • Geluksmachines in context. Filosofische essays. Kapellen, Pelckmans, 2001, 208 p.
  • Erkenning, gelijkheid en verschil. (Edmund Burke lezing II) Soesterberg, Aspekt, 2001, 46 p.
  • Heilige plaatsen. Jeruzalem, Lourdes en shopping malls. Kapellen, Pelckmans / Kampen, Klement, 2002, 144 p.
  • Taboes, monsters en loterijen. Ethiek in de laat-moderne tijd. Kapellen, Pelckmans / Kampen, Klement, 2003, 160 p.
  • Modernité et tradition. Essais sur l’entre-deux. Paris, Vrin / Leuven, Peeters, 2004, 278 p.
  • Religie in de eenentwintigste eeuw. Kleine handleiding voor voor- en tegenstanders. Kapellen, Pelckmans / Kampen, Klement, 2007, 160 p.
  • Grensovergangen. Over geesteswetenschap, universitair beleid en samenleving. Leuven, Peeters, 2008, 138 p.
  • Spinoza. De doornen en de roos. Pelckmans, 2009, 195 p.
  • De sacraliteit van leven en dood. Voor een brede bio-ethiek. (met Arnold Burms) Kalmthout: Pelckmans / Zoetermeer: Klement, 2011, 127 p.
  • Vloeibare waarden. Politiek, zorg en onderwijs in de laatmoderne tijd. Kalmthout, Pelckmans / Zoetermeer, Klement, 2014, 184 p.
  • Hoe overleven we de vrijheid? Modernisme, postmodernisme en het mystiek lichaam. Twintig jaar later. Kalmthout, Pelckmans, 2014, 176 p.
  • Drie vormen van weten. Over ethiek, wetenschap en moraalfilosofie. Antwerpen, Polis, 2017, 200 p.

Externe links[bewerken]