Hoekpunt (meetkunde)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Hoekpunt A, benen l, m

In de meetkunde is een hoekpunt het gemeenschappelijk beginpunt (of eindpunt) van twee halfrechten (halve lijnen, halflijnen).
Beide halfrechten en het hoekpunt vormen samen een hoek; de halfrechten zijn de benen van die hoek. Ook als de beide halfrechten samenvallen of in elkaars verlengde liggen, kan er gesproken worden van hoekpunt.

Bij veelhoeken is het gemeenschappelijk punt van twee zijden een hoekpunt van die veelhoek.

Bij veelvlakken wordt ook gesproken van hoekpunten. Een hoekpunt van een viervlak is het gemeenschappelijk punt van drie zijvlakken van dat veelvlak (drievlakshoek). Of ook: een hoekpunt van een veelvlak is een hoekpunt van een zijvlak van dat veelvlak.

Conventie[bewerken]

Het meest gebruikte teken voor hoek is . Het hoekteken wordt alleen gebruikt in algebraïsche uitdrukkingen als na het teken direct de naam van de hoek volgt. Vaak is die naam dan gelijk aan de naam van het hoekpunt; bijvoorbeeld: , als de naam is van het betreffende hoekpunt.
Voorbeeld. De tekst "de hoek bij het hoekpunt A is een scherpe hoek" kan met gebruik van het hoekteken geformuleerd worden als: .

Zie verder[bewerken]