Holocaust Namenmonument

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Werkzaamheden bij opbouw monument (januari 2021)

Het Holocaust Namenmonument is een oorlogsmonument aan de Weesperstraat in Amsterdam, in de voormalige Jodenbuurt.[1] Het ontwerp is gemaakt door Daniel Libeskind. Het is het eerste nationale gedenkteken in Nederland waarop de namen van alle slachtoffers van de holocaust en de porajmos genoemd worden.[2] Het wordt op 19 september 2021 onthuld door koning Willem-Alexander en Jacques Grishaver, voorzitter van het Nederlands Auschwitz Comité.

Ontwerp en symboliek[bewerken | brontekst bewerken]

Het monument bestaat uit muren waarop in bakstenen namen staan van de mensen die vermoord zijn en die geen eigen graf hebben,[3] 102.000 Joodse slachtoffers en 220 Sinti en Roma, met hun geboortedatum en leeftijd bij overlijden.[4]

De muren zijn geplaatst in de vorm van vier Hebreeuwse letters, לזכר, die staan voor "in memoriam" of "ter herinnering".[4][5] Boven de muren zijn vier objecten van spiegelend roestvrij staal in de vorm van de letters, bedoeld om het ruisen van bomen te reflecteren.

Het monument is 250 meter lang. De muren zijn maximaal 2,43 m hoog, de stalen objecten zijn op het hoogste punt 6,6 meter hoog.[6]

De symboliek van bakstenen is dat dit materiaal alomtegenwoordig is in Nederland en in de andere steden van West-Europa. De combinatie baksteen met stalen letters legt een verbinding tussen het heden en het verleden van Amsterdam. Er is een smalle ruimte tussen de muren en de letters, als symbool voor de onderbreking in de geschiedenis en cultuur van het Nederlandse volk.[4] In meer algemene zin hebben stenen een belangrijke symbolische waarde in de Joodse, Roma en Sinti-herinneringsculturen.[7] Dit speelde met name een rol in het ontwerp van Levenslicht, een ander monument ter nagedachtenis aan Holocaustslachtoffers.[8] Het reciteren van namen van verloren geliefden ter herinnering is eveneens een belangrijk aspect in de Joodse cultuur.[9] Of deze feiten een rol gespeeld hebben in het ontwerp van het Holocaust Namenmonument is niet duidelijk, maar het gebruik van bakstenen en namenlijsten zijn in dat perspectief toepasselijk.

Locatie[bewerken | brontekst bewerken]

Weesperplantsoen in 2019

Het monument staat aan de westzijde van de Weesperstraat, tussen de Nieuwe Herengracht en de Nieuwe Keizersgracht, direct achter Hermitage Amsterdam. Dit is de locatie van een huizenblok dat in de jaren 60 en 70 van de twintigste eeuw is afgebroken[1] en waar een groot aantal Joden woonde die door het naziregime zijn vermoord.[3] Het staat plaatselijk bekend als Weesperplantsoen, een groenstrook langs de Weesperstraat tegenover de Weesperflat. In de groenstrook staat sinds de jaren 50 het Monument van Joodse Erkentelijkheid, ook wel dankbaarheidsmonument geheten. Dit monument is verplaatst.

De gemeente Amsterdam hield lang een voorbehoud voor deze plaats. Het monument zou verrijzen boven de metrotunnel van de Oostlijn. Deze ondervindt op zich weinig last van de stalen paalfundering voor het monument; de gemeente zag echter problemen in de bereikbaarheid van dilatatievoegen in de buis, mocht daar onderhoud of reparatiewerkzaamheden verricht moeten worden. In het uiterste geval zou het monument dan moeten verhuizen.[10]

Financiering[bewerken | brontekst bewerken]

De bouwkosten werden in 2019 geraamd op € 14 miljoen. De bouw van het monument werd mogelijk doordat meer dan zeventig Nederlandse gemeenten hún vermoorde Joodse inwoners hebben "geadopteerd" en financieel hebben bijgedragen. Vanuit de gemeente Urk zijn de twee vermoorde Joden geadopteerd, de gemeente Amsterdam adopteerde alle 60.000 vermoorde Joodse Amsterdammers. De Rijksoverheid zegde een bijdrage van € 8,3 miljoen toe.[1] Ook individuele personen konden namen adopteren en daarmee een financiële bijdrage doen. De Eerste en Tweede Kamer adopteerden in 2020 de namen van vier Joodse Kamerleden, namelijk Simon de la Bella, Maup Mendels, Alida de Jong en Mozes Cohen.[11]

Geschiedenis[bewerken | brontekst bewerken]

Het plan voor het monument ontstond in 2006,[1] initiatiefnemer was Jacques Grishaver van het Auschwitz Comité.[2] In 2011 bleek de architect Daniel Libeskind bereid het monument te ontwerpen.[1] Hij maakte een eerste ontwerp bestemd voor het Wertheimpark, dat echter door de bewoners werd afgekeurd.[5] Andere mogelijke locaties werden door een extern bureau onderzocht. In 2014 besloten burgemeester Eberhard van der Laan en de gemeenteraad van Amsterdam dat het monument gebouwd kon worden aan het Weesperplantsoen.[5] In december 2017 werd de omgevingsvergunning voor de bouw afgegeven.

Een deel van de omwonenden van het toekomstige monument, vier bewonersorganisatie en zeven individuen, maakte bezwaar tegen de omgevingsvergunning voor het monument en de kap van 25 bomen.[6] Zij vreesden voor veel toeristen, met bijbehorende verkeersproblemen. Ook vonden ze het monument te groot en waren ze bang voor donkere plekken waardoor het er sociaal onveilig zou worden.[2] Tevens betwistten zij de rechtmatigheid van de gevolgde procedures.[1] Op 9 juli 2019 deed de Rechtbank Amsterdam uitspraak in de bodemprocedure die door deze omwonenden was aangespannen.[3] Alle bezwaren werden ongegrond verklaard.[12] Zo werden de gekapte bomen vervangen door acht volwassen exemplaren en zijn elders nog meer bomen geplant ter compensatie.[13]

De omwonenden verwoordden tevens de vraag wat het punt is van nog een Holocaust namenmonument in dezelfde buurt waar het Joods Historisch Museum in de Hollandsche Schouwburg al een namenmonument gerealiseerd heeft. Anno 2015 werd opgeroepen tot een constructieve samenwerking tussen het Auschwitz Comité, het Joods Historisch Museum en de buurtbewoners om naar een gemeenschappelijke oplossing toe te werken: "Samen naar de toekomst en verzoend de doden herdenken, zou dat niet mooi zijn?"[14]

Bouw[bewerken | brontekst bewerken]

Architectenbureau Rijnboutt is door het Auschwitz Comité uitgekozen als coördinerend en uitvoerend architect.[15] Bakstenenfabriek Rodruza uit Rossum zal de benodigde 130.000 bakstenen schenken. Het ECN in Petten onderzocht welke methode het geschiktst is om de namen in de bakstenen te graveren.