Hondenvlees

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Hondenvlees in Hanoi
Chinese stoofmaaltijd, bereid met hondenvlees

Hondenvlees is het vlees van een hond. Hondenvlees wordt in veel Aziatische keukens als delicatesse beschouwd; in de meeste westerse landen rust er een taboe op.

Hondenvlees wordt over het algemeen gedroogd gegeten en, aldus prins Henri de Laborde de Monpezat van Denemarken, smaakt als konijn, gedroogde babygeit, of misschien als het vlees van een kalf, maar dan droger. Voor het eten wordt meestal een kruising tussen een Chinese hond (bij voorkeur een Chowchow) en een Sint-Bernard met een leeftijd van 6 tot 12 maanden gebruikt.

Azië[bewerken]

In Azië zijn het vooral Birma (waar jaarlijks ruim 2,3 miljoen honden worden gegeten), Cambodja, Noordoost-China, Noord- en Zuid-Korea, Indonesië, de Filipijnen en Vietnam waar honden als voedsel gebruikt worden. In China bijvoorbeeld, werden honden aanvankelijk gebruikt om pakhuizen te bewaken. Als het weer dan echter een seizoen lang niet mee zat, en er was daardoor een voedseltekort, dan werden deze bewakers geslacht voor consumptie. Deze traditie gaat al eeuwen mee, zo blijkt uit de geschriften die bewaard zijn gebleven uit de Zhou-dynastie. De filosoof Mencius omschreef de hond als de meest smaakvolle van het lijstje van het varken, de geit en de hond. In Korea wordt ook hondenvlees gegeten, in soep, of in het traditionele gerecht bosintang. Bij het wereldkampioenschap voetbal 2002, dat in Zuid-Korea en Japan plaatsvond, eiste de PETA van de FIFA dat laatstgenoemde ervoor zou zorgen dat Zuid-Korea het eten van honden opnieuw op de politieke agenda zou zetten. In de Vietnamese hoofdstad Hanoi is het heel gewoon om thịt chó (hondenvlees) in restaurants op de kaart te zetten. Gewoonlijk wordt het er geserveerd met een zeer sterk paars dipsausje van gefermenteerde garnalen. Westerlingen die hond proeven vinden deze saus meestal walgelijker dan het hondenvlees zelf.

Olympische Spelen 2008[bewerken]

Tijdens de Olympische Zomerspelen 2008 is er in Peking een verordening afgekondigd waarin het de 112 officiële Olympische restaurants wordt verboden hond te serveren. Ook in China is hondenvlees een delicatesse en voor veel Chinezen is de maatregel een overdreven manier om westerlingen tevreden te houden. Chinese horecaondernemers hadden de Spelen liever gezien als podium om culturele verschillen en tolerantie te laten tonen. Dierenorganisaties waren wel blij met de regel.[1]

Poolgebieden[bewerken]

Niet alleen Azië is bekend met hondenvlees: in Groenland, Siberië, Alaska en het noorden van Canada worden de beesten aanvankelijk gebruikt om sleeën te trekken, maar als de voedselvoorraad op is en de situatie nijpend wordt, worden de honden geslacht.

Het Westen[bewerken]

Ook in het Zwitserse kanton Appenzell en de stad Sankt Gallen kent men, volgens de krant Rheintaler Bote, een traditie van het consumeren van hondenvlees. Hoewel deze traditie verborgen wordt gehouden, omdat het verhandelen van hondenvlees in het land illegaal is, schijnen er regelmatig jerky's en worstjes van hond te worden gemaakt. In het jaar 2000 ontstond er in de kantons een grote demonstratie tegen het eten van honden, in het kader waarvan er bij een petitie ruim 7000 handtekeningen werden binnengehaald.

In Boom, België, werden er wegens de voedselbevoorradingsproblemen tijdens de Eerste Wereldoorlog ook honden gegeten, er was zelfs een officiële hondenslachterij. Het leverde de Bomenaars de bijnaam Hondefretters op.

Zie ook[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  1. De Telegraaf, Geen hond op menu tijdens Spelen, 22 juli 2008