Hoofddeksel

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Verschillende hoofddeksels
Ceremoniële hoofddeksels
Steek van een burgemeester
Een tulband
Portet van twee jonge Balinese danseressen met traditionele hoofddeksels

Een hoofddeksel is een kledingstuk dat op het hoofd gedragen wordt.

Veelvoorkomende hoofddeksels[bewerken]

Algemeen[bewerken]

  • hoed - een in allerlei vormen voorkomend hoofddeksel, tegenwoordig vooral ter versiering gedragen, of om een bepaalde stand aan te duiden.
  • baret c.q. alpinopet - een van slappe stof, bijvoorbeeld vilt gemaakte hoed, gedragen door vrouwen en mannen.
  • pet - een vroeger vooral door arbeiders gedragen hoofddeksel, tegenwoordig vooral door jongeren. Een pet heeft altijd een klep. Bij een uniform voor mannen hoort meestal een pet.
  • keppel - door joodse mannen gedragen hoofddeksel, meestal met een haarspeld bevestigd.
  • muts - een meestal van wol of acrylvezel gebreid, dan wel van bont vervaardigd hoofddeksel, tegen de kou gedragen.
  • kap of capuchon, een muts die onderdeel is van een jas of ander kledingstuk en die dus op de rug hangt als hij niet over het hoofd getrokken is
  • sjaal - een zijden of kunststof doek die om het hoofd gewikkeld wordt. Zie ook hoofddoek en keffiyeh.

Voor huiselijk gebruik[bewerken]

  • slaapmuts - een uit de tijd geraakte, lange gebreide muts, die 's nachts tegen de kou gedragen werd, en ook om de hals gewikkeld kon worden.
  • haarnet - een van dunne draden gemaakt hoofddeksel, ter bescherming van de krulspelden die in het haar gedraaid zijn, of om het haar in model te houden. Een haarnet kan vrijwel onzichtbaar zijn en wordt dan ook in het openbaar gedragen.

Door hoogwaardigheidsbekleders gedragen hoofddeksels[bewerken]

Hoofddeksels om het haar, of het gebrek eraan, te verbergen[bewerken]

  • pruik - een van haar, nylon, of andere vezel gemaakt hoofddeksel, bedoeld om het uiterlijk te verfraaien.
  • toupet - een klein pruikje, door mannen gedragen om kaalheid te verbergen.

Hoofddeksels die beroepsmatig worden gedragen[bewerken]

  • koksmuts - door een kok gedragen hoge gesteven katoenen muts, bedoeld om te voorkomen dat er haren in het voedsel terechtkomen.
  • haarnet - in de farmaceutische- en levensmiddelenindustrie, zelfde doel als koksmuts
  • helm - een stevig hoofddeksel ter voorkoming van hoofdletsel door een val of een vallend voorwerp, veelal gebruikt in de bouw, maar ook door fietsers en motorrijders. Daarnaast zijn er ook veel soorten helmen die gebruikt worden en werden als bescherming tijdens gevechtssituaties. Een duikpak en een ruimtepak hebben een helm die hermetisch op het pak is aangesloten.
  • politiepet - een pet voor een politieagent.
  • bivakmuts - een gezichtsbedekkende muts, waarbij uitsparingen zijn voor de ogen en soms ook de mond. Deze muts wordt gebruikt ter bescherming bij koud weer. Ook wordt deze muts gebruikt als men niet herkend wil worden, zoals bij arrestatieteams of door criminelen.

Hoofddeksels uit andere landen[bewerken]

  • fez - een min of meer cilindrisch hoedje, zonder rand en met platte bovenkant
  • sombrero - een hoed met een zeer brede rand, ter bescherming tegen de zon
  • tubeteika - een traditioneel Centraal-Aziatisch hoofddeksel
  • tulband - een opgerolde sjaal, door mannen gedragen
  • tuque - Canadese muts
  • square academic cap, ook bekend onder de naam mortarboard (Engelse termen) - een baret die in sommige landen gedragen wordt bij het behalen van een academische titel, bestaande uit een kap met daarop een vierkant vlak.

Hoofddeksels uit de oudheid[bewerken]

Etiquette[bewerken]

  • Vanouds gold de regel dat men niet zonder hoofddeksel het huis verliet. Binnenshuis wordt het hoofddeksel meestal afgenomen.
  • Een man die iemand begroet neemt daarbij zijn hoofddeksel af. Wie een uniform draagt, kan in plaats daarvan aan de pet salueren.
  • Een man neemt zijn hoofddeksel af als een uitvaart voorbijkomt. Dit geldt ook voor een uniformpet.
  • Een man komt nimmer met een hoofddeksel in een kerk. Ook bij plechtigheden (gebed, begrafenis) ontbloot hij zijn hoofd. Dit berust op 1 Korinthe 11:4-16. Dit geldt echter niet in een synagoge: daar draagt een man wel een hoofddeksel, meestal een keppeltje.
  • Een vrouw draagt, op grond van dezelfde Bijbeltekst, in de kerk wel een hoofddeksel (of een sjaal over het hoofd). Hier wordt echter tegenwoordig lang niet overal de hand aan gehouden.

Al deze regels gelden niet voor hoofddeksels die niet als zodanig kenbaar zijn, zoals pruiken en haarnetjes.

Zie ook[bewerken]

Externe link[bewerken]