Hr.Ms. Piet Hein (1896)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Jump to search
Vlag
Hr.Ms. Piet Hein
Vlag
Geschiedenis
Tewaterlating 16 augustus 1894
In dienst gesteld 3 januari 1896
Uit dienst gesteld 1914
Algemene kenmerken
Waterverplaatsing 3.464 ton
Afmetingen 86,2 x 14,33 m
Bemanning 263
Techniek en uitrusting
Machinevermogen 4.700 pk
Snelheid 16 knopen
Bewapening 3 x 210 mm kanonnen
2 x 150 mm kanonnen
6 x 75 mm kanonnen
3 x 450 mm torpedobuizen
Portaal  Portaalicoon   Marine

Hr.Ms. Piet Hein was een Nederlands pantserschip van de Evertsenklasse, gebouwd door de Nederlandsche Stoomboot Maatschappij in Rotterdam.

Specificaties[bewerken]

De bewapening van het schip bestond uit drie (een dubbele en een enkele) 210 mm kanonnen, twee enkele 150 mm kanonnen, zes enkele 75 mm kanonnen en drie 450 mm torpedobuizen. Het pantser langs de zij van de romp was 150 mm dik en het pantser rond de geschuttorens 240 mm dik. Het schip was 86,2 meter lang, 14,33 meter breed en had een diepgang van 5,23 meter. De waterverplaatsing bedroeg 3463 ton. De motoren van het schip leverden 4700 pk waarmee een snelheid van 16 knopen gehaald kon worden. Het schip werd bemand door 263 man.[1]

Diensthistorie[bewerken]

Het schip wordt op 16 augustus 1894 te water gelaten op de werf van de Nederlandsche Stoomboot Maatschappij te Rotterdam. Op 3 januari 1896 wordt de Piet Hein in dienst genomen.

11 mei 1896 wordt een samenscholingsverbod afgekondigd tijdens de havenstaking in Rotterdam. Twee dagen daarna op 13 mei stoomt Hr. Ms. Kortenaer de Maas op. Het schip wordt later door haar zusterschepen Piet Hein en Hr. Ms. Evertsen en de politieschoener Argus afgelost. Tijdens de staking worden 300 grenadiers ingezet om het Rotterdamse politiekorps te versterken. De staking wordt op 21 mei dat jaar beëindigd.[2]

In 1900 wordt het schip samen met Hr. Ms. Holland en Hr. Ms. Koningin Wilhelmina der Nederlanden naar Shanghai gestuurd om Europese burgers en Nederlandse belangen te beschermen in verband met de Bokseropstand. Piet Hein komt 28 juli aan in Shanghai en keert in februari 1901 weer terug in Soerabaja.[3]

In 1914 wordt ze uit dienst genomen.[1]