Hua Tuo

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Hua Tuo
Hua Tuo
Hua Tuo in de Mengjia Drakenbergtempel
Naam (taalvarianten)
Traditioneel 華佗
Vereenvoudigd 华佗
Hanyu pinyin Huà Tuó
Jyutping (Standaardkantonees) waa4 to4
Andere benamingen Yuánhuà (元化),
Huà Tuó (华陀)

Hua Tuo (145 - 208) (jiaxiang: Anhui, Bozhou) was een geneeskundige die leefde tijdens de Oostelijke Han-dynastie. Hij was zeer bekwaam in traditionele Chinese geneeskunde en heeft geholpen deze verder te ontwikkelen. Samen met Dong Feng en Zhang Zhongjing behoort hij tot de Drie geneeskundigen van de tijd van keizer Jian'an.

In het Boek van de Late Han wordt vermeld dat hij ma-fei-san (een gekookt hennepproduct) in wijn gebruikte om zijn patiënten te verdoven tijdens chirurgische operaties aan de organen van de buik.[1] Na de operatie werd een magische balsem aangebracht en de patiënt herstelde na verloop van tijd. Zijn leerling Wu Pu schreef in 200 een kruidenboek waarin hij strikt onderscheid maakt tussen de giftige hennepvruchten (ma-fe^n) en de niet-giftige zaden.

Hij was een van de dokters van generaal Cao Cao. Cao Cao kreeg hevige hoofdpijn. Hua Tuo ontdekte dat dit kwam door een hersentumor. Hij raadde de generaal aan om een hersenoperatie te ondergaan. De generaal werd woedend en dacht dat Hua hem dood wilde. Hua Tuo kreeg hierop de doodstraf. Cao Cao toonde later berouw, omdat na zijn dood niemand zijn zieke zoon Cao Chong kon genezen.

Religie[bewerken]

In het daoïsme en de Chinese volksreligie wordt hij aanbeden als de god van de geneeskunst. In vele Chinese tempels staat zijn beeld. Zijn verjaardag wordt op de 18e dag van de vierde maand van de Chinese kalender gevierd.