IJ (water)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
(Doorverwezen vanaf IJ (Amsterdam))
Ga naar: navigatie, zoeken
IJ
Amsterdam in 1544, door Cornelis Anthonisz, met het IJ op de voorgrond.
Amsterdam in 1544, door Cornelis Anthonisz, met het IJ op de voorgrond.
IJ (water)
IJ (water)
Situering
Stroomgebiedslanden Nederland
Coördinaten 52° 23′ NB, 4° 57′ OL
Detailkaart
Satellietfoto met het IJ tussen het Noordzeekanaal (links) en het IJmeer (rechts)
Satellietfoto met het IJ tussen het Noordzeekanaal (links) en het IJmeer (rechts)
Foto's
Het IJ met aan de linkerzijde het centraal station, aan de rechterzijde Amsterdam-Noord.
Het IJ met aan de linkerzijde het centraal station, aan de rechterzijde Amsterdam-Noord.
Een IJ-veer in dichte mist
Een IJ-veer in dichte mist
Portaal  Portaalicoon   Geografie
Drukte met zeilschepen op het IJ in de 17e eeuw. Foto: bmz.amsterdam.nl.
Amsterdam en omgeving in 1850. De stad ligt nog binnen de omwalling langs de Singelgracht. De grote wateren, het Haarlemmermeer en het IJ, zijn nog niet drooggemaakt.
Het IJ met ms. Oranje in 1960.

Het IJ is een meer, voorheen een zeearm, in Noord-Holland. Het eigenlijke IJ of Binnen-IJ scheidt de Amsterdamse binnenstad van Amsterdam-Noord, en was oorspronkelijk een baai van de Zuiderzee. De naam IJ is verwant aan het (West-)Friese Ae, Ee of Die. Dit betekent 'water' (vergelijk het Franse eau).

Geschiedenis[bewerken]

Er bestaan meerdere theorieën over het ontstaan van het IJ. Mogelijk is het IJ begonnen als kreekje, als gevolg van een duindoorbraak bij Castricum. Meer waarschijnlijk is het IJ een restant van een noordelijke arm van de Rijndelta. Tot slot zou het IJ ook ontstaan kunnen zijn vanuit het aangrenzende Almere. Hoe dan ook, ten tijde van de Romeinen vormde het Oer-IJ de verbinding tussen het Almere en de Utrechtse Vecht enerzijds, en de Noordzee anderzijds. De verbinding met de Noordzee is later verdwenen, terwijl het IJ in de Middeleeuwen steeds breder werd. Dit hield verband met het ontstaan van de Zuiderzee, zelf weer het gevolg van een aantal stormvloeden (zoals de Allerheiligenvloed).

In de Middeleeuwen werden dijken langs het IJ gelegd. Aan de zuidzijde liggen van de Amstel in oostelijke richting de Sint Antoniesdijk (later vervangen door de Hoogte Kadijk), de Zeeburgerdijk en de Diemerzeedijk. Van de Amstel in westelijke richting liggen de Haarlemmerdijk en Spaarndammerdijk. Aan de noordzijde ligt de Noorder IJdijk. Aan het eind van de Middeleeuwen ontstonden hierlangs dijkdorpen, van oost naar west: Durgerdam, Schellingwoude, Nieuwendam en Buiksloot.

In het midden van de negentiende eeuw werd besloten het grootste gedeelte van de zeearm, die zich westwaarts uitstrekte tot aan Velsen en Beverwijk, in te polderen, dit werden de IJpolders, en het restant van de Zuiderzee af te sluiten door middel van een dam.

Het tegelijkertijd aangelegde Noordzeekanaal (geopend in 1876) verbindt het Afgesloten-IJ met de eveneens nieuw aangelegde haven IJmuiden. Het Buiten-IJ ligt aan de oostzijde van de Oranjesluizen en sluit aan op het IJmeer en Markermeer.

Drie vroegere eilanden, Ruigoord (vroeger ook Kooijen eiland genoemd), De Horn, Hoekenes en de restanten van Jan Rebellenwaard, werden opgenomen in de IJpolders. Door aanleg van het Westelijk Havengebied vanaf de jaren vijftig werden de eilanden (gedeeltelijk) vergraven. Tot in het einde van de 20e eeuw waren er protesten tegen het met de grond gelijk maken van Ruigoord voor de aanleg van de Afrikahaven.

Bij Spaarndam ligt ten noorden van de Spaarndammerdijk ook nog een IJ, dat ook een niet-ingepolderd stuk van de oorspronkelijke zeearm is. In Spaarndam scheidt de Spaarndammerdijk (met de Kolksluis en de Grote Sluis) het IJ van het Spaarne.

Plempen van eilanden[bewerken]

Ter hoogte van de vroegere Amstelmond werden drie eilanden in het IJ geplempt, met zand afkomstig uit de duinen bij IJmuiden, dat vrijgekomen was bij het graven van het Noordzeekanaal. Op deze eilanden werd het Centraal Station gebouwd (geopend in 1889). Door het Stationseiland werd de oude binnenstad van Amsterdam afgescheiden van het IJ, waardoor de havenfunctie zich naar elders verplaatste.

In het oostelijke deel van het afgesloten IJ werd eind 19e eeuw het Oostelijk Havengebied aangelegd met in het IJ geplempte schiereilanden. Eind 20e eeuw werd dit een woonwijk, gelegen direct aan het water van het IJ. In het IJmeer wordt sinds enige jaren gebouwd aan de nieuwbouwwijk IJburg ook op geplempte eilanden. Het zand hiervoor is afkomstig uit de buurt van Lelystad.

In het IJmeer ligt het geplempte Fort Pampus, als onderdeel van de Stelling van Amsterdam.

Het waterpeil van het Buiten-IJ wordt samen met het IJmeer en het Markermeer op een winterpeil van NAP -0,40 m en een zomerpeil van NAP -0,20 m gehouden door middel van spuien en bemalen. Het draagt tevens bij aan de drinkwatervoorziening van meer dan 1 miljoen Nederlanders omdat het in verbinding staat met het Markermeer en deels het IJsselmeer. Het IJsselmeer vormt het grootste zoetwaterbekken van Nederland.

IJ-veren[bewerken]

De Amsterdamse veren verzorgen diensten over het IJ. Sinds 1897 wordt de dienst tussen het Centraal Station en het Tolhuis in Amsterdam-Noord verzorgd door de Gemeenteveren Amsterdam (GV). In de loop van de 20e eeuw kwamen er nog diverse zoals de pont naar de Adelaarsweg en ook diverse kleine personenveren. In 1943 ontstond het Gemeentevervoerbedrijf door fusie van de Gemeentetram met de Gemeenteveren.

Na de bouw van de Schellingwouderbrug (1957) en de Coentunnel (1966) resteerde nog 2 personenveren en met de opening van de IJ-tunnel (1968) werd naast het Adelaarswegveer ook het personenveer III opgeheven en een jaar later het laatste personenveer IV. In 1974 kwam door de Oliecrisis van 1973 het Adelaarswegveer weer in bedrijf en vervoerde het Buiksloterwegveer geen auto's meer.

Sinds 1988 werd het Adelaarswegveer gevaren met een kleine boot uitsluitend bestemd voor voetgangers en fietsverkeer. Sinds 1995 varen er de huidige IJveren en de grote ponten, die ook auto's en vrachtwagens die niet door de tunnels mochten rijden vervoerden, voeren alleen nog op het Distelwegveer. Sinds april 2007 worden hier ook geen auto's meer vervoerd en werd het vrachtverkeer verwezen naar de Hempont.

Zie ook[bewerken]