IJsschots

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
IJsschollen met op de achtergrond de Eyjafjallajökullgletsjer
De B-15 ijsschots

Een ijsschots of ijsschol is een stuk drijfijs dat ontstaat bij de opwarming en het uiteendrijven van voorheen aaneengesloten ijsvlakten rond de polen of op rivieren, zeeën en andere wateren. Ook de enorme ijsbergen en ijsplateaus (schelfijs), die afbreken van de ijskappen op en rond het vasteland in de Arctis of Antarctis (Zuidelijke Oceaan) worden soms als 'ijsschotsen' aangeduid.

IJsschotsen op zee[bewerken]

Een ijsschots op zee is gewoonlijk een apart bepaald type ijsberg. Deze ijsschotsen zijn plat en hebben steile hellingen langs de randen. Deze ontstaan doordat stukken van IJsplateau (zoals bijvoorbeeld het Ross-ijsplateau) afbreken. Een ijsschots kan kilometers lang worden. De extreme varianten komen vooral rond Antarctica voor. In tegenstelling tot het noordelijk halfrond zijn ijsbergen hier niet aan seizoenen gebonden en komen ze het hele jaar voor.

De grootste ijsschots die tot op heden is gezien, werd in 1956 waargenomen in de buurt van Antarctica en mat 335 bij 97 kilometer en had een oppervlakte van ongeveer 31.000 km² (ongeveer even groot als België).

In maart 2000 maakte een ijsschots van 122 kilometer lengte en 27 kilometer breedte zich los van het Ross-ijsplateau (Antarctica). Deze werd IJsberg B-15 genoemd. Deze botste vervolgens met de Drygalski-ijsstong waarna een stuk van 8 km² van de ijstong afbrak. Deze schots is in de loop van de tijd verbrokkeld. In november 2006 werden delen van B15 in de buurt van het Nieuw-Zeelandse Timaru aangetroffen.

Een beroemde ijsschots is het Pobeda-ijseiland. Deze ijsschots van ontstaat elke 40 tot 50 jaar opnieuw voor de kust van Koningin Maudland. Het eiland ontstaat doordat de Denmangletsjer (onderdeel van het Shackleton-ijsplateau) te lang is geworden en afbreekt. De ijsschots die dan ontstaat heeft dan een grootte van ± 1,500 km². Deze loopt een eind naar het noorden vast en blijft daar meestal 10 jaar liggen om hierna los te breken naar het noorden te drijven en vervolgens te smelten, waarna de cyclus opnieuw begint.

IJsschotsen op rivieren[bewerken]

De ijsschotsen die op rivieren voorkomen zijn gewoonlijk afgebroken stukken drijfijs. Deze kunnen soms een gevaar vormen voor bruggen. Ze kunnen namelijk tussen twee pijlers blijven hangen, waardoor grote belasting op een dergelijk bouwwerk wordt geleverd.