Indologie-opleiding (Nederland, tot 1950)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

De opleiding tot indoloog had in Nederland tot 1950 een ander karakter dan de opleidingen voor Indonesiëkunde erna. Tussen 1825 en 1950 werd deze opleiding aan drie universiteiten in Nederland gegeven: de universiteiten van Delft, Leiden en Utrecht en was de studie tot indoloog een opleiding voor Nederlandse bestuursambtenaren in de kolonie Nederlands-Indië.

Na de onafhankelijkheid van Indonesië worden de opleidingen tot Indonesiëkundige sinds 1950 niet meer aangeduid met indoloog. Vanwege de beladenheid van het woord, houdt de Universiteit Leiden de term Indonesianist aan. De studie in Leiden heeft nu de benaming South and Southeast Asian Studies.

Tot de studenten aan deze opleiding behoorden onder andere H.A. Sinclair de Rochemont, Hans Ras, Albert Alberts, Hubertus van Mook, Jan van Baal, Bep Schrieke, Han Friedericy, Horace Hugo Alexander van Gybland Oosterhoff, Louis Constant Westenenk, Auke Johannes Vleer, Herman Gerrit Schulte Nordholt, Marius Crans, Gerrit Jan Held, Pieter Westra, Theo de Graaf, Christiaan Frederik Staargaard, Cees Becht, Jan Marginus Somer en Jan Gonda.

Zie ook[bewerken]