Indra

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Indra op de witte olifant (1670 / 1680)
Indra (Cambodja)

Indra (Sanskriet: इन्द्र m.) is in de Indiase oudheid een deva die al in de Rig-Veda genoemd wordt als de god van oorlog, de hemel, onweer en regen. Hij is geen asura, maar de laatst gecreëerde god. Hij is een jaloerse god, die de macht beheerst, niet het respect. Hij is de "houder van de bliksem" en wordt afgebeeld met de vajra in de hand. Zoals stormgoden van andere religies van Indo-Europese origine werpt hij de bliksem van de top van de berg. Hij wordt ook "Heer van de bergen" genoemd.

Zijn verschijning is woest en rood en goudkleurig. In zijn rechterhand de bliksemflits, waarmee hij doodt en gesneuvelden tot leven kan wekken. Hij rijdt in een strijdwagen of op de zon.

Hij laat zich op latere afbeeldingen rondrijden door zijn reuzenolifant Airavata, de hemelse voorvader van alle Indische olifanten. Zijn wapen is de vajra en hij woont boven op de berg Meru. Daarom wordt Indra ook wel de "Heer van de svargaloka" genoemd. Svargaloka is Sanskriet voor de hemel. Een andere naam die ook wel voor Indra gebruikt wordt is Devendra.

De echtgenote van Indra heet Śacīdevī.

Indra is tevens de god van de kshatriya-kaste, waartoe onder andere hoge militairen en ambtenaren behoren. Indra is in de hindoeïstische traditie een grote veroveraar, drinkt de rituele roesverwekkende drank soma, brengt dingen tot leven en zorgt voor welvaart.

In de Taittirya Samhita, een niet-klassieke tekst, wordt verhaald hoe Indra de drie hoofden van de algod en schepper Vishvarupa afsloeg en daardoor een eeuwige schuld op zich laadde.

In het Brahmaans Vedisme kwamen 33 goden voor onder zijn leiding. Indra wordt beschouwd als "de koning van de Goden, die in diverse vorm en betekenissen in vele Indiase mythen verschijnt." (Zimmer, 1981). Andere Vedische goden zijn Agni, Mithra en Varuna.

In het modernere hindoeïsme is Indra de god van de regen, die de oostelijke hemel beschermt, waaruit de moessonwolken komen. Hij nam veel functies van Varuna over en wordt zo een scheppende vruchtbaarheidsgod.

Volgens bepaalde mythen streed Indra (en niet Varuna) tegen de demonen onder leiding van Jalamdhara. De demon Bali sneuvelde en Indra zag edelstenen uit zijn mond komen. Hij sneed de demon open met zijn bliksemflits en het bloed was robijnen, de ogen saffieren, de botten diamanten, het vlees kristallen, de tong koraal en het gebit parels. .

Indra is geboren uit de hemel en aarde en scheidde deze voorgoed. Hij roeide demonen uit en was aanvoerder van de goden in de strijd tegen de Asura's. Hij doodde Vritra (een slang) met een schuimpilaar en vormde zo de chaos. Dit zorgde ervoor dat de zon kon opkomen en de wateren vrij kwamen, het leven begon.

Na het drinken van soma zwelt Indra op en vult zo de hele hemel en aarde.

In het Ramayana epos verleidt hij Ahalya, de vrouw van Gautama. Toen de wijze van huis was vermomde Indra zich en werd door Ahalya herkend. Ze was nieuwsgierig naar de god en Gautama komt hem tegen als hij vertrekt. Hij snapt wat er aan de hand is en zorgt ervoor dat de testikels van Indra afvallen. Gautama vervloekt zijn vrouw en ze moet op as liggen en leven van lucht tot Rama haar bezoekt. Indra's ballen werden vervangen door die van een ram.

Overeenkomst met andere stormgoden[bewerken]

Indra (Cambodja)
Indra (afbeelding wajangpop voor schimmenspel)

De archetypische god Indra komt in vele opzichten overeen met belangrijke godheden uit andere culturen zoals Zeus, Jupiter, Donar of Thor, Jahwe en Baäl.

Zoals de Teutoonse Thor (Oud Noordse Þorr; Oudengelse Þunor; Duitse Donner) wordt hij in de Rig Veda als Roodbaardige of Getaandbaardige omschreven (RV 10.23,4), ook al tonen de gangbare beelden hem steevast baardloos. In Ugarit werd El [1] vereerd als oppergod, (die evenwel 'zich in het binnenste heiligdom van zijn acht kamers verborg, trillend van vrees, bij het naderen van de machtige Anath').

Indra en Brahma

Het karakteristiek wapen van Indra, de vajra, komt overeen met Mjollnir, de typische hamer van Thor, waarmee deze laatste orde schept door 'reuzen' (Thursen en Joten) de schedel in te slaan. Indra's belangrijkste bezigheid is het neerslaan van de asura Vritra, zoon van de godin Danu, die de vitale elementen van het universum (de wateren, licht, 'koeien') belemmert en bedekt en een draak is (Ahi), die chaos en niet-zijn (asat) vertegenwoordigt. Een van de epitheta van Indra is dan ook vrtrahan: 'slager van Vritra, overwinnaar van weerstand'. Door deze oerkrachten te verslaan scheidt hij hemel en aarde af en onderhoudt ze (RV 5.29).

De dondergod Thor uit de Noordse mythologie vecht eveneens tegen de Midgaardslang, net zoals de Hettietische Tarhunnas tegen Illuyankas vecht, de Babylonische Marduk tegen Tiamat, de Kanaänietische Baäl tegen de slang Lotan of Lawtan, zoals de Hebreeuwse Jahwe in mythen uit oude geschriften wordt aangemoedigd de slangengodin Leviathan of Lotan te vernietigen, en zoals Zeus tegen de slang Typhon, Apollo tegen Python vocht.[2]

Indra was ook de belangrijkste drinker van de goddelijke somadrank, de maddhu of mede, die de noordse goden dronken, en die hem opwekte tot diepe kennis en heroïsche daden.

Literatuur[bewerken]

  • Stone M., Eens was God als Vrouw belichaamd. De onderdrukking van de riten van de vrouw, Katwijk, 1979. ISBN 9060775821
  • Zimmer, Heinrich Indische Mythen und Symbole. Köln: Diederichs, 1981 ISBN 3-424-00693-9
Bronnen, noten en/of referenties
  1. Stone, Merlin Eens was God als Vrouw belichaamd (1979), p. 121: "Ugarit teksten verwijzen steeds naar de god El als Thor-El suggererend dat hij ook banden heeft met de Indo-Europese stormgod"
  2. Stone, Merlin Eens was God als Vrouw belichaamd (1979), p. 91.