Inspiratie (muziek)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Onder inspiratie (uit het Latijn: spiritus = 'geest') verstaat men in de muziek het tweeledig fenomeen dat bestaat uit:

  • ten eerste de onmiddellijke behoefte zich muzikaal of artistiek uit te willen drukken, en
  • ten tweede de daarbij gelijktijdig optredende ambachtelijke bekwaamheid en vaardigheid om die behoefte te kunnen vervullen.

Wanneer een componist of uitvoerend musicus geïnspireerd is, wil dat zeggen dat de twee bovengenoemde elementen tot uitdrukking worden gebracht hetzij in het vervaardigen van een compositie of een serie schetsen voor een werk, hetzij in een uitvoering.

Inspiratie kan geput worden uit zowel externe als interne factoren.

Zo werden diverse componisten 'extern' geïnspireerd door bijvoorbeeld 'water' (Franz Liszt en Maurice Ravel schreven zodoende beiden een 'Jeux d'eau', Georg Friedrich Händel de 'Watermusic', en Bedřich Smetana de 'Moldau'), of door een geliefde (Ludwig van Beethoven schreef 'An die ferne geliebte' of een ander persoon.

Inspiratie kan bijvoorbeeld ook door een diep gevoeld eigen innerlijk spiritueel besef gevoed worden, zoals vaak in werken van Johann Sebastian Bach hoorbaar is: zijn persoonlijke godsbeleving weerklinkt in vele van zijn werken.

Inspiratie kan verstoord worden door afleiding. Zo kan een musicus die 'geïnspireerd' aan het spelen is plotseling de draad kwijtraken, of vervlakken, of zijn concentratie verliezen. Dat kan ook door interne of externe factoren komen. Hij kan plotseling aan iets anders denken, waardoor de gedachten afdwalen, of in de zaal moet iemand kuchen, waardoor de stroom van inspiratie verstoord wordt. Een componist kan bij gebrek aan inspiratie op een 'dood spoor' komen en weet dan niet meer goed hoe verder te componeren.

Zie ook[bewerken | brontekst bewerken]