Naar inhoud springen

Organisatie

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
(Doorverwezen vanaf Instituut)
WTC-beursgebouw in Rotterdam, een bedrijvenverzamelgebouw waarin allerlei organisaties zijn gevestigd.

Een organisatie is een samenbundeling van kennis en vaardigheden tussen drie of meer personen, die middelen en activiteiten aanwenden voor de voorziening in de behoefte aan producten en diensten.

Organisatie is een overkoepelende term voor specifiekere termen als instituut, instantie, bedrijf, vennootschap, stichting of vereniging. Ook een eenmansbedrijf, Vof of BV zonder personeel in dienst wordt vaak een organisatie genoemd.

In de economie is een organisatie 'het geheel van productiefactoren, procedures en individuen die samenwerken om een bepaalde doelstelling te bereiken'.

De drie basispijlers waarop elke organisatie berust zijn kennis, kader en controle.

Een organisatie gebruikt de gezamenlijke, aanwezige kennis onder de deelnemers, aangaande de organisatie en haar functioneren, en doet daarnaast een beroep op de specifieke kennis of expertise van een medewerker of een groep medewerkers.

Een organisatie dient op alle hiërarchische niveaus te worden gecontroleerd. De belangrijkste doelstellingen hierbij zijn: verbetering van het functioneren en het gedrag van de medewerkers, door ze een spiegel voor te houden, bijscholing, en het voorkomen van fraude en corruptie. Controle wordt vaak bemoeilijkt door regels op het gebied van privacy.

Hoofdkenmerken

[bewerken | brontekst bewerken]
  • Samenwerkingsverband: een organisatie is een sociale eenheid, een groep, gevormd uit personen met bepaalde patronen van onderlinge interactie.
  • Doelgerichtheid: een organisatie is steeds een middel om een doel te bereiken.
  • Een organisatie is (meestal) formeel. Een samenwerkingsverband moet niet alleen doelgericht zijn, maar ook een formele, rationele structuur of ontwerp hebben om te kunnen spreken van een organisatie. De formele organisatie, met een sterke juridische structuur, vormt het belangrijkste onderzoeksobject van de organisatiekunde.
  • Organisaties zijn relatief langdurig of permanent: doelgerichte samenwerkingsverbanden bestaan op relatief permanente basis. Deze permanentie is een doel of uitgangspunt dat niet altijd bereikt zal worden, vandaar 'relatief'.
  • Organisaties gebruiken middelen of technologie in de vorm van gebouwen, machines, grondstoffen, maar ook mensen, kennis en kunde.
  • Er is coördinatie en taakverdeling. Om het vooropgestelde doel te kunnen bereiken, met een bepaalde groep mensen, zullen er taken moeten verdeeld worden. Samenwerking en taakverdeling hangen dus met elkaar samen: men spreekt dan van functionalisatie.

Organisatietypen

[bewerken | brontekst bewerken]

Belanghebbenden

[bewerken | brontekst bewerken]
Enige belanghebbenden bij een bedrijf.

Een belanghebbende of stakeholder is een persoon of organisatie die invloed ondervindt (positief of negatief) of zelf invloed kan uitoefenen op een specifieke organisatie, een overheidsbesluit, een nieuw product of een project. Voor ondernemingen zijn stakeholders bijvoorbeeld werknemers, milieuorganisaties en omwonenden.

Door de invloed die stakeholders kunnen uitoefenen is het voor ondernemingen belangrijk om rekening te houden met stakeholders. De invloed kan zowel positief als negatief zijn op het verwezenlijken van het bedrijfsbelang.

Formele en informele organisatie

[bewerken | brontekst bewerken]

Er wordt onderscheid gemaakt in de formele organisatie en de informele organisatie. De formele organisatie is het geheel van de officieel vastgestelde procedures en gezagsverhoudingen, zoals vastgesteld in het organisatieschema. De informele organisatie is de sociale structuur van de werknemers, die het werk en de gedragscodes met elkaar afstemmen.

Specifieke organisaties

[bewerken | brontekst bewerken]

Interne structuur

[bewerken | brontekst bewerken]

Organisatieschema

[bewerken | brontekst bewerken]

Een organisatieschema, organogram of organigram is een afbeelding, model of schema van een organisatiestructuur van een onderneming; Een dergelijk schema brengt in kaart uit hoeveel verschillende divisies en afdelingen een organisatie bestaat (eventueel wie het hoofd is en wie medewerkers), en in welke hiërarchische verhouding de afdelingen en medewerkers ten opzichte van elkaar staan.

Organisatiestructuur

[bewerken | brontekst bewerken]

De organisatiestructuur is de wijze waarop taken binnen een organisatie zijn verdeeld en de wijze waarop vervolgens afstemming tussen deeltaken tot stand is gebracht. Het heeft dus te maken met de verdeling van activiteiten over afdelingen en de taken van de werknemers. De organisatiekunde is de theorie van het opzetten van organisaties. De organisatiestructuur is een hulpmiddel dat ervoor moet zorgen dat een organisatie haar doelen kan bereiken. Het vraagstuk van de juiste organisatiestructuur speelt met name binnen grote organisaties. Daar moet men nadenken over zaken als taakverdeling, verdeling van verantwoordelijkheden en van bevoegdheden en daarmee samenhangend over het coördineren van die taken en verantwoordelijkheden.

De bekendste organisatiestructuren zijn:

Deelorganisaties

[bewerken | brontekst bewerken]

Een organisatie is vaak op haar beurt opgebouwd uit allerlei deelorganisaties met afzonderlijke taken. Elke deelorganisatie heeft een eigen (verklarende) naam. Een organogram maakt duidelijk wat de plaats (expertise, verantwoordelijkheden, taken e.d.) van die deelorganisatie is in het grote geheel. Een systeem kan zijn om iedere deelorganisatie aan te duiden door middel van een letter, waarbij het hoofd van de gehele organisatie één letter heeft en vervolgens iedere ondergeschikte organisatie één letter extra krijgt. Zo ziet of herkent men direct waar bijvoorbeeld een deelorganisatie met vier letters in de totale organisatie past. Door ‘slimme’ letters te kiezen (bijvoorbeeld een P voor de Personeel-deelorganisatie), heeft men snel inzicht in de plaats van die deelorganisatie binnen het grote geheel.

De rechtsvorm van een bedrijf, onderneming of in bredere zin een organisatie, is de juridische vorm waarin de onderneming is gegoten. De eenvoudigste bedrijfsvorm is de eenmanszaak. Bij de eenmanszaak is de eigenaar van de zaak ook de bestuurder en is de winst of het verlies van de onderneming gelijk aan de winst of het verlies van de ondernemer.

Andere rechtsvormen zijn:

Organisatiekunde

[bewerken | brontekst bewerken]
Zie Organisatiekunde voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Binnen het bedrijfsleven heeft de organisatiekunde zich vooral ontwikkeld in de Verenigde Staten, tijdens de tweede industriële revolutie aan het eind van de 19e eeuw. Dit kwam doordat er, met de ontwikkeling van de massa-industrie en de mogelijkheden die dit bood, ook vele problemen ontstonden die om een oplossing vroegen, met name op het gebied van de efficiëntie.