Ruimte (astronomie)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
(Doorverwezen vanaf Interstellaire ruimte)
Ga naar: navigatie, zoeken

De term ruimte wordt in de astronomie over het algemeen gebruikt om delen van het heelal buiten de Aarde, het zonnestelsel of andere hemellichamen aan te geven, of meer algemeen de relatief "lege" delen van het heelal. Dit is met name de intergalactische ruimte (zie onder). Termen als ruimtevaart en ruimtesonde verwijzen ook naar dit gebruik van de term ruimte.

De ruimte is geen echt vacuüm, maar bestaat hoofdzakelijk uit plasma van waterstof en helium, elektromagnetische straling (in het bijzonder kosmische achtergrondstraling) en neutrino's. De ruimte bevat zeer weinig atomen van andere elementen (metalen) en stofdeeltjes. De intergalactische ruimte bevat slechts enkele waterstofatomen per kubieke centimeter (in ingeademde lucht zitten ongeveer 1019 atomen per kubieke centimeter). Volgens de meeste theorieën is de ruimte daarnaast rijk aan donkere energie en donkere materie. Ook kunnen er objecten doorheen bewegen, zoals meteoroïden en kometen.

Interplanetaire ruimte[bewerken]

1rightarrow blue.svg Zie ook Interplanetair medium

Met de interplanetaire ruimte wordt de ruimte tussen de planeten binnen het zonnestelsel bedoeld. Deze ruimte bevat interplanetaire materie - vooral kosmische straling, geïoniseerde atoomkernen en diverse subatomaire deeltjes. De interplanetaire ruimte loopt tot aan de heliopauze, waar de heliosfeer overgaat in de interstellaire ruimte. Vanzelfsprekend hebben exoplaneten hun eigen interplanetaire ruimte.

Interstellaire ruimte[bewerken]

1rightarrow blue.svg Zie ook interstellaire ruimtereis

De interstellaire ruimte is alle ruimte in een sterrenstelsel die niet bezet wordt door sterren en hun planetenstelsels. De materie en straling in de interstellaire ruimte wordt interstellair medium genoemd. Het enige door mensen gemaakte object dat de interstellaire ruimte heeft bereikt is de ruimtesonde Voyager 1.

Intergalactische ruimte[bewerken]

1rightarrow blue.svg Zie ook Kosmische achtergrondstraling

Met de intergalactische ruimte wordt specifiek de ruimte tussen twee sterrenstelsels bedoeld, bijvoorbeeld tussen de Melkweg en de Andromedanevel. Doordat de over het hele heelal verspreide sterrenstelsels heel ver uit elkaar liggen, maakt de intergalactische ruimte veruit het grootste deel van het heelal zelf uit. Zo is bijvoorbeeld de doorsnede van de Melkweg "slechts" zo'n 150.000 lichtjaar, terwijl het dichtstbijzijnde sterrenstelsel, de Andromedanevel, pas op een afstand van zo'n 2,2 miljoen lichtjaar ligt. Volgens de meest gangbare theorie zal de intergalactische ruimte in de toekomst een exponentieel steeds groter wordend deel van het heelal gaan uitmaken, doordat de sterrenstelsels steeds sneller uit elkaar drijven. Doordat de intergalactische ruimte zo groot is, is de dichtheid binnen het heelal zeer laag en daarmee ook de zwaartekracht. Dit maakt het mogelijk dat de uitdijing van het heelal voor onbepaalde tijd door kan gaan.

Intergalactisch medium[bewerken]

In de intergalactische ruimte bevindt zich een soort van plasma, beter bekend als het intergalactisch medium, dat waarschijnlijk grotendeels uit geïoniseerd waterstof bestaat en precies evenveel elektronen als protonen bevat. De reden om aan te nemen dat het hier om geïoniseerd gas gaat is dat de temperatuur hoog genoeg is om het mogelijk te maken dat gebonden elektronen in een waterstofkern ontsnappen. De dichtheid van het intergalactisch medium is naar schatting 10 tot 100 maal de gemiddelde dichtheid van het heelal.