Into the Woods

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Into the Woods
Scène uit Into the Woods
Scène uit Into the Woods
Muziek Stephen Sondheim
Teksten Stephen Sondheim (liedteksten)
James Lapine (script)
Gebaseerd op Bruno Bettelheim's The Uses of Enchantment
Productie 1987 Broadway
1988 United States National Tour
1990 West End
1998 West End revival
2002 Broadway revival
2010 London revival
2011 Province of Quebec
Prijzen Tony Award voor beste muziek en liedteksten
Tony Award voor beste libretto
Drama Desk for Best Musical
Tony Award voor beste nieuwe productie van een musical
Laurence Olivier Award voor beste nieuwe productie van een musical
Portaal  Portaalicoon   Musical

Into the Woods is een musical met liedteksten en muziek van Stephen Sondheim en een script is van James Lapine. De musical ging in 1986 in première, in het Old Globe Theatre in San Diego in een regie van Lapine. In het daaropvolgende jaar verscheen de musical op Broadway, met in de hoofdrollen onder meer Bernadette Peters (als de heks) en Joanna Gleason (als de bakkersvrouw). Weer in een regie van Lapine. Deze eerste Broadwayproductie van de musical ontving lovende kritieken en in 1988 werd Into the Woods bekroond met verschillende Tony Awards, onder andere voor "beste libretto", "beste originele muziek" en "beste vrouwelijke hoofdrol in een musical" (Joanna Gleason). Van de musical werden sindsdien een groot aantal uitvoeringen geproduceerd, waaronder een toer door de Verenigde Staten in 1988 en producties op West End (1990), een televisieproductie (1991), een registratie van de Broadwayproductie uit 1988, met de originele Broadwaybezetting), een jubileumproductie (1997), een productie in Los Angeles (2002) en een nieuwe versie (met weer James Lapine als regisseur) op Broadway in 2002.[1]

Plot[bewerken | brontekst bewerken]

Leeswaarschuwing: Onderstaande tekst bevat details over de inhoud en/of de afloop van het verhaal.

Eerste akte:

Het verhaal wordt vertelt door de verteller. We maken kennis met verschillende sprookjesfiguren: Assepoester, Jaap en de bonenstaak, Roodkapje en nog de bakker en zijn vrouw. Ze hebben allemaal een wens, Assepoester wenst om naar het bal te gaan, wat wordt afgekeurd door haar stiefmoeder en haar stiefzusters. Jaap wenst dat zijn koe Melkwitje melk zou geven zodat zijn moeder Melkwitje niet zou verkopen. Roodkapje wenst voor een stuk brood en de bakker en zijn vrouw wensen om een kind. Jaaps moeder wilt dat hij Melkwitje gaat verkopen op de markt en Roodkapje gaat na een bezoek aan de bakker naar grootmoeder. De heks die naast de bakker en zijn vrouw woont gaat naar hun toe om te vertellen dat ze een vloek over de bakkers familie uit heeft gesproken waardoor zijn stamboom een verdorde boom zou zijn. Deze vloek heeft ze uitgesproken omdat de bakkers vader groente van de heks had gestolen, inclusief zes magische bonen, die ook waren betoverd: als de heks de bonen verloor zou haar schoonheid verdwijnen. De heks had ook, omdat de bakkers vader van haar had gestolen, zijn dochter Raponsje meegenomen en opgesloten in een toren. De enige manier waardoor de bakker en zijn vrouw de vloek konden verbreken, was door een toverdrank te maken van vier ingrediënten: een koe zo wit als melk, een kapmantel zo rood als bloed, haar zo geel als mais en een muiltje zo puur als goud. Om deze ingrediënten te krijgen, moesten ze in het bos gaan, en hiervoor hebben ze drie nachten. Assepoester gaat ook het bos in, naar de hazelaar bij het graf van haar moeder. De bakkers vrouw vindt de zes bonen in de jas van de bakkers vader, en ze geeft de jas aan de bakker. De bakker gaat het bos in, zonder zijn vrouw, dit wilde hij niet want hij vond het bos te gevaarlijk voor haar. (‘Prologue: Into The Woods’)

Bij dat graf weent Assepoester, en krijgt een jurk voor het bal. (‘Cinderella At The Grave’) Jaap komt op zijn weg naar de markt een mysterieuze man tegen, de man vraagt wat Jaap ervoor wilt en Jaap antwoordt met vijf pond, want dat is wat zijn moeder zei. De man zegt dat de koe maximaal een zak bonen waard is, voor beduidend voor wat er gaat gebeuren. Roodkapje komt op haar weg naar grootmoeder langs een ongewoon deel van het bos, daar ontmoet ze de wolf. Hij verleidt haar om van het pad te gaan, omdat ze alle mooie bloemen mist als ze op het pad blijft. (‘Hello, Little Girl’) Eerst blijft ze trouw aan de belofte die ze had gemaakt om niet van het pad te gaan, maar later gaat ze toch bloemen plukken en vertraagt ze, waardoor de wolf eerder bij grootmoeder kan komen. De bakker ziet Roodkapje met haar rode kapmantel. Dan schrikt hij van de heks die hem beveelt om de kapmantel te grijpen, waardoor de bakker vraagt waarom ze dit zelf niet doet. Voordat de heks antwoord kan geven wordt ze verstoord door het gezang van Raponsje, waarop ze verdwijnt. De bakker zegt dat dit hele gedoe wanhopig en tevergeefs is, dan ziet hij zijn vrouw weer, die hem achtervolgd heeft. Samen komen ze Jaap tegen met zijn koe zo wit als melk. De vrouw van de bakker verleidt Jaap ertoe om zijn koe te ruilen voor vijf magische bonen, dit doe hij ook, waardoor de bakker en zijn vrouw nog maar drie dingen moeten bemachtigen. De bakker, die geen reden zag om te geloven dat het daadwerkelijk magische bonen waren, werd boos dat zijn vrouw door leugens de koe had bemachtigd. Waarop zijn vrouw zegt dat dat niet uitmaakt. (‘I Guess This Is Goodbye/Maybe They’re Magic’) De bakker beveelt zijn vrouw om met de koe naar huis te gaan.

De heks is bij Raponsje in haar toren. Maar door het prachtige gezang van Raponsje is er een prins die naar de toren ging. Daar hoort hij dat haar naam Raponsje is en ziet hij haar voor het eerst, tevreden gaat hij weg. De bakker is naar Roodkapje gegaan en vraagt haar dingen over haar kapmantel, daarna grijpt hij hem. Nog geen enkele ogenblikken later gilt Roodkapje verdrietig en geeft de bakker de kapmantel terug, omdat hij erg zachtaardig is. Roodkapje gaat naar het huisje van haar grootmoeder, tot haar verbazing ziet zij er anders uit dan ze dacht. Dan slikt de wolf verkleed als grootmoeder haar in één keer door. De bakker hoort het gegil van het meisje en gaat het huisje binnen, maar enkele aarzeling snijdt hij de buik van de wolf open en komen Roodkapje en haar grootmoeder eruit. Roodkapje nu, zegt spijt te hebben dat ze niet had geluisterd (‘I Know Things Now’) en geeft de bakker haar kapmantel omdat hij hen had gered.

Jaaps moeder is erg kwaad als ze hoort dat hij de oude koe heeft geruild voor vijf bonen en gooit ze woest op de grond, en hij moet naar bed zonder avondmaal. De bakkersvrouw is op weg naar huis als ze de vluchtende Assepoester tegen komt. Achtervolgd door de prins (een andere dan bij Raponsje) en zijn knecht. Assepoester verstopt zich en de knecht vraagt aan de bakkersvrouw waar Assepoester is, voordat ze antwoordt zegt de knecht dat hij haar in de verte ziet en gaat daarheen. De bakkersvrouw zegt tegen Assepoester dat zij, als een prins haar zou achtervolgen, zeker niet zou vluchten. Ze vraagt ook hoe de prins is, Assepoester antwoordt, maar is niet zo enthousiast als de bakkersvrouw, want voor haar is het allemaal nieuw en onbekend. (’A Very Nice Prince’) Dan klinken de eerste klokslagen, dan ontdekt de bakkersvrouw dat de muiltjes van Assepoester zo puur als goud zijn, maar Assepoester is al weg voordat ze ze kan bemachtigen. En verliest door al dit Melkwitje. De dag eindigt met alle figuren om de beurt hun moraal vertellen. (’One Midnight Gone’)

De volgende dag is er uit de bonen een enorme bonenstaak gegroeid. Jaap beklimt deze, en zegt daarna dat hij reuzen heeft ontmoet en goud van hun heeft gestolen. Hij komt de bakker tegen en heeft het vijf goudstukken, en wilt Melkwitje weer terugkopen. De bakker zegt dat Melkwitje bij zijn vrouw thuis is, en dat hij nooit gedacht had dat Jaap het over zou kunnen kopen. Jaap vat dit op alsof hij nog meer goudstukken moet halen en is al weg. De bakker, erg blij met zijn goudstukken, ontmoet nu de mysterieuze man. De man zegt dat hij nooit een kind zou kunnen kopen en dat het geld onbelangrijk is, hij steelt de goudstukken van de bakker. De bakker wilt hem achtervolgen maar komt dan zijn vrouw terug, zonder Melkwitje. Hij wordt erg boos op haar dat ze de koe kwijt is geraakt, en ze raken in een discussie, onderbroken door de heks. De heks zegt dat ze de koe terug moeten vinden, want anders krijgen ze nooit hun kind. De bakker nu, beveelt zijn vrouw dat ze echt naar huis moet gaan en dat hij de koe zal vinden.

De twee prinsen hebben het over hun geliefdes en dat ze erg moeilijk te krijgen zijn, en dat ze ze als vrouw moeten nemen. (‘Agony’) De bakkersvrouw luistert mee met de prinsen en hoort dat Raponsje haar zo geel als mais heeft. Ze gaat naar Raponsje toe en komt de moeder van Jaap tegen die op zoek is naar Jaap. De bakker vindt Melkwitje en neemt hem mee. De heks betrapt de mysterieuze man dat hij bespioneerd en zegt dat hij hierbuiten moet blijven. De bakkersvrouw vind Raponsje en neemt het haar. Dan ontmoet ze Assepoester weer en ze praten weer over het bal. De bakkersvrouw ontmoet de bakker en ze hij bekent dat het de bakker én zijn vrouw nodig heeft om de vloek te verbreken. (‘It Takes Two’) Dan ontmoeten ze Jaap weer en dan heeft hij een hen dat gouden eieren legt. De bakkersvrouw komt erachter dat de bakker geld aannam in plaats van zijn kind. Dan gaat Melkwitje dood. De avond eindigt weer met een paar figuren die hun moralen vertellen.

De bakker en zijn vrouw zijn erg aangebrand door alle omstandigheden en de bakker gaat een nieuwe koe regelen. De heks is erg boos op Raponsje dat ze andere bezoekers had en zegt dat de buitenwereld woest en eng is. (‘Stay With Me’) Ze stopt Raponsje ook in een moeras, waar ze nooit iemand zal zien, en ze heeft de bakker geblindeerd. De bakker ontmoet de mysterieuze man weer en Roodkapje ontmoet Jaap. Jaap zegt dat hij de hen van de reuzen in de lucht heeft, Roodkapje gelooft dit niet. Jaap haalt, om het te bewijzen, een gouden harp. De derde avond van het bal is aangebroken en Assepoester vlucht weer, maar ze is gestopt op de trappen van het paleis, er ligt pit op de trap waardoor ze niet verder kan rennen. Ze besluit, na enkele overpeinzingen, één van haar muiltjes op de trap te houden, en dan te kijken wat de prins doet. (‘On The Steps Of The Palace’) Ze vlucht weer naar het bos, daar ontmoet ze de bakkersvrouw weer voor de derde keer. De bakkersvrouw zegt dat ze het muiltje ruilt voor een magische boon, Assepoester gelooft dit niet en gooit deze achter haar. Dan ruilt de bakkersvrouw haar schoenen met het muiltje van Assepoester, want dan kan ze sneller rennen. En heeft het muiltje. Dan ontmoet de bakkersvrouw de prins en de knecht weer en was bijna het muiltje kwijt. Jaaps moeder komt erg geschrokken naar de prins rennen om te zeggen dat er een reus in haar tuin ligt. De prins kapt dit echter af en gaat verder zoeken naar het meisje dat het muiltje past.

De derde nacht is aangebroken. De bakker, zijn vrouw, de heks en de mysterieuze man zijn bij elkaar. De bakker heeft nog een koe kunnen regelen, maar heeft hem bedekt met bloem omdat hij geen echte witte koe kon vinden. Ze legden alles uit, en de heks wekt Melkwitje weer tot leven, tot groot genot van Jaap, die zijn moeder weer heeft gevonden. Ze voedden alle objecten aan de koe, maar het werkt niet. Ze gaan alles na, en dan ontdekken ze de fout: de heks had het haar van Raponsje aangeraakt, dat was de enige manier om boven in de toren te komen. En de heks mocht de ingrediënten niet aangeraakt hebben. Dan komt de mysterieuze man en zegt dat ze het haar van de maïskolf moeten gebruiken, want ze hadden die kolf om te vergelijken. Dan ontdekt de bakker dat de mysterieuze man zijn vader is. De mysterieuze man overlijdt. Het werkte, de heks dronk het drankje en is weer terug naar haar oude schoonheid.

Assepoesters prins gaat opzoek naar het meisje en komt dan bij het huis van Assepoester. De stiefzusters gaan erg ver, snijden zelfs stukken van hun voeten af, om in het muiltje te passen. De prins ontdekt dit echter. Dan vraagt de prins of ze meer dochters had, en de stiefmoeder antwoordt dat er alleen een hulp is. Dan probeert de prins het muiltje bij Assepoester en hij past. De vogels, die Assepoester altijd hielpen, blindden nu de stiefzusters voor hun slechte daden. Raponsje heeft twee kinderen gebaard in her moeras Raponsje’s prins hoorde Raponsje’s gezang en en vindt haar. Hij is echter geblindeerd door de heks. Raponsje huilt en twee tranen raken zijn ogen waardoor hij weer kan zien. De heks komt hierachter en zoekt hen op. Ze wilt ze vervloeken maar het lukt niet en ze komt erachter dat, in ruil voor schoonheid, ze haar magie kwijt is geraakt.

Iedereen is uitgenodigd voor de bruiloft van Assepoester en haar prins. en iedereen is gelukkig, behalve de stiefzusters en de heks. (‘Ever After’)

Tweede akte:

De tweede akte begint met dezelfde catchphrase als de eerste akte: “I wish.” Assepoester, Jaap, de bakker en zijn vrouw hebben alweer iets wensen. Assepoester wilt graag dat er weer een bal komt, Jaap wilt terug naar het koninkrijk van de reuzen en de bakker en zijn vrouw willen een groter huis want na de geboorte van hun zoontje, is het huis te klein geworden. Maar ondanks een paar ongemakken zijn ze best blij. Totdat alles opeens rammelde en beefde. De heks komt weer naar de bakker en zijn vrouw, de bakker en zijn vrouw verdenken eerst haar, maar haar eigen tuin is ook helemaal verwoest. Na een paar keer geraden te hebben komen ze erachter dat het een reus was die alle schade had aangericht. De bakker en de bakkersvrouw besluiten om het te vertellen aan de koninklijke familie. Maar eerst gaan ze langs Jaap om het te vertellen. Jaap zou graag meehelpen, omdat hij een reus’ voetsporen makkelijk zou herkennen en hij de reus misschien wel zou kunnen stoppen. Maar Jaaps moeder wil dit absoluut niet omdat er niemand hielp toen er daadwerkelijk een dode reus in haar tuin lag en omdat het gevaarlijk is voor Jaap. Daarna gaat de bakker naar de koninklijke familie. Hij wordt echter door niemand echt serieus genomen, behalve door de prinses, Assepoester. Jaaps moeder zegt tegen Jaap dat hij binnen moet blijven, maar alsnog gaat hij naar buiten om de reus te verslaan. Roodkapje gaat naar de bakker, om wat brood op te halen voor grootmoeder, maar door het ongeluk, is het hele huis in slechte staat. De bakker en zijn vrouw willen de meid niet bang maken en gaan haar dus helpen om naar grootmoeder te komen, Roodkapje denkt namelijk dat het een grote wind is die haar dorp heeft doen instorten. Assepoester wordt ook op de hoogte gebracht door haar vogels, die zeggen dat er iets met het graf van haar moeder is. Zo gaat iedereen weer het bos in. (‘Prologue: So Happy’)

De erg bange Raponsje ontmoet de heks weer en Raponsje confronteert dat ze nooit gelukkig zou worden door alles wat de heks haar aan heeft gedaan. Waarop Raponsje weer vlucht. De twee prinsen komen weer bijeen en hebben het weer over hun twee geliefdes, dit keer echter niet over Assepoester en Raponsje maar Sneeuwwitje en Doornroosje en dat hun liefde eigenlijk onbereikbaar is. (‘Agony Reprise’)

Door de hele beving is het hele pad naar grootmoeder veranderd, en zijn Roodkapje, de bakker en zijn vrouw verdwaald in het bos. Ze komen de koninklijke familie en de knecht tegen, ze vluchten van de reus. Dan komt de heks ook, het hele dorp waar zij in woonden is vernietigd door de reus. Dan komt de confrontatie met de reus, het is erg ongewoon, want het is een vrouwelijke reuzin. Het enige wat ze wil is de jongen die haar man heeft vermoord: Jaap. De menigte mensen proberen de reus ervan te overtuigen dat de jongen niet bij hen is. De reuzin, die slechtziend was, geloofde dit echter niet. De menigte wist niet wat ze moesten doen. Dan proberen ze de verteller aan de reus te geven. (Doorbreking van de vierde muur) Maar de reuzin ziet dat het niet Jaap is, en gooit de verteller weg. Dan komt Jaaps moeder. Ze probeert Jaap te beschermen, wat tot ergernis tot de menigte en tot de reus wekt. Dan slaat de knecht haar en bloedt ze. Terwijl dit gebeurt, staat de reuzin op Raponsje waardoor ze overlijdt. Jaaps moeder laat de bakker beloven dat er niks met Jaap gebeurt en daarna overlijdt ze. Onder deze gespannen sfeer rouwt ook de heks, zeggende dat kinderen niet zullen luisteren. (‘Lament’) De koninklijke familie vlucht weer weg van de reuzin. Zeggende dat zij niet ervoor bestemd zijn om reuzen te vermoorden. Ze proberen een oplossing te bedenken zodat ze Jaap niet hoeven te geven aan de reuzin. Behalve de heks, die het niet uitmaakt of hij dood gaat. Dan besluiten ze om allemaal te gaan zoeken naar Jaap. De bakker is alleen erg bang om de bakkersvrouw en de baby met Roodkapje alleen in het bos te laten. Maar ze besluiten om honderd stappen in een andere richtig te lopen.

In de honderd stappen gebeurt er veel. De bakkersvrouw ontmoet de prins. De prins vraagt waarom ze alleen is, en verleidt haar. Eerst blijft de bakkersvrouw standvastig en bedriegt niet. Maar uiteindelijk doet ze het toch. (‘Any Moment’) De bakker komt in zijn honderd stappen bij het graf van Assepoesters moeder. Daar is ze haast niet te herkennen als prinses. Ze weent. De bakker vraagt haar of ze mee wil komen met hem want dan is ze veilig. Als de prins en de bakkersvrouw klaar zijn gaat hij weg. Ze vraagt of ze elkaar nog een keer zullen zien. En hij zegt dat dit een moment is, en dat ze het moment ook moet verlaten. Dan verlaat hij. De bakkersvrouw kan het allemaal even niet bevatten en weet dat ze terug moet naar het dagelijkse leven. Ze ontdekt dat er goede momenten zijn, en slechte momenten waar je van leert. En ze weet hierdoor dat ze bij de bakker moet blijven. (‘Moments In The Woods’) Hierna komt de reuzin dichtbij en valt de bakkersvrouw van een klif.

De bakker wilt zijn vrouw gaan zoeken, en net voordat hij dit doet, komen Jaap en de heks naar hen toe. Assepoester en Roodkapje beschermen Jaap tegen de heks, die wilt dat hij naar de reuzin gaat. Dan herkent de bakker de sjaal die Jaap aan heeft, het was van zijn vrouw. Jaap zegt waar hij haar vond. De bakker kan er niet overheen, en net als de heks, begint hij Jaap ervan te beschuldigen. Uiteindelijk beschuldigd iedereen elkaar weer, wat uiteindelijk leidt tot dat iedereen de heks beschuldigd, omdat zij de bonen had. (‘Your Fault’) Dan komt de heks daar op terug, ze zegt dat ze altijd wel iemand willen om te beschuldigen. En dat de bakker, Assepoester en Roodkapje wel aardig zijn, maar niet de juiste keuze maken. Met dit gezongen te hebben verdwijnt ze voor goed (‘Last Midnight’)

Assepoester, Roodkapje en Jaap zien in dat ze fout zaten. De bakker geeft zijn zoon aan Assepoester en vlucht van de situatie. Dan komt hij de mysterieuze man tegen. Die blijkt nog te leven. Hij zegt dat de bakker nu net als hem weg rent van de situatie en dat hij fout zat. (‘No More’)

De bakker gaat terug, en met z’n alle gaan ze een plan maken om de reuzin te doden. Ze gaan pit halen en een maken een soort katapult voor Jaap. Assepoester maakt ook dingen klaar en vraagt aan de vogels of ze helpen, zij zeggen wat de prins heeft gedaan. Ze kalmeert de baby en ontmoet dan de prins. Ze confronteert hem met dat hij haar had bedrogen, en dat hij een verschrikkelijke koning zou zijn. Hij zij dat hij opgegroeid is om knap te zijn, niet oprecht. Daarna gaat hij weg. Even later zijn ze terug. Roodkapje gaat bij Assepoester zitten, een beetje bezorgd. Want is het doden van een reuzin niet verkeerd? Moeten ze haar niet vergeven? Assepoester helpt haar en zegt dat zij alleen de keuze kan maken, maar dat ze niet alleen is. Want niemand is alleen. In de boom, Jaap praat over zijn moeder, dan zegt de bakker dat zijn moeder overleden is. Jaap zegt dat hij de knecht zal straffen. Maar de bakker zegt dat dit niet goed is, en ook dat hij niet alleen is. (‘No One Is Alone’) voordat ze het weten komt de reuzin en verslaan ze haar. Dan biedt de bakker aan dat Assepoester, Roodkapje en Jaap bij hem gaan wonen. En de bakker probeert zijn zoon rustig te maken, maar dat lukt niet. Dan vertelt hij het verhaal aan hem, hoe alles is gebeurd. En de musical eindigt met de cast zingend. (‘Finale: Children Will Listen’)

Nederlandstalige versies[bewerken | brontekst bewerken]

In 2003 werd Into the Woods gespeeld in openluchttheater Birkhoven in Amersfoort.[2] De vertaling was van Petra van Eerden, de regie van Julia Bless, muzikale leiding door Robert Jan Kamer. De voorstelling was daar gedurende een aantal weken te zien.

In 2007 werd voor het M-Lab een nieuwe Nederlandse versie van de musical geproduceerd, op basis van een vertaling/bewerking door Koen van Dijk, die ook de regie verzorgde. In zijn bewerking schrapte Van Dijk een aantal personages om het stuk met een kleinere bezetting te kunnen spelen. Van 9 september 2010 t/m 4 oktober 2010 was de M-Lab versie van Into the Woods opnieuw te zien in 13 theaters in Nederland.

In 2017 wordt de musical opnieuw gespeeld door PIT Producties, in een nieuwe vertaling van Jeremy Baker, onder regie van Gijs de Lange. De originele orkestbezetting wordt aangehouden.

Rol Vertolker 2003[3][4] Vertolker 2007[5][6] Vertolker 2010[7] Vertolker 2017[8]
Heks Kirsten Cools Vera Mann Lone van Roosendaal Esther Maas
Bakker Ger Otte Dick Cohen Jasper Kerkhof Wart Kamps
Bakkersvrouw Frédérique Sluyterman van Loo Wieneke Remmers Wieneke Remmers Lone van Roosendaal
Assepoester Ann Van den Broeck Maike Boerdam Annick Boer Brigitte Heitzer
Assepoesters Prins/Wolf Rolf Koster René van Kooten Remko Vrijdag Paul Groot
Assepoesters moeder Esther Maas Lieke van den Broek Hanneke Vos Esther Maas
Roodkapje Wieneke Remmers Marit Slinger Marit Slinger Elise Schaap
Jack (Sjaak) Barend van Zon Freek Bartels Rick Sessink Guido Spek
Sjaaks Moeder Aafke van der Mey Marika Lansen Marika Lansen Jeremy Baker
Raponsel Annemieke van der Ploeg Suzanne Brüning Michelle van de Ven Esther Floor
Raponsels Prins Willem Alink Sander Volders Sander Volders René van Kooten
Verteller Bob van Tol Filip Bolluyt Filip Bolluyt Laus Steenbeeke
Assepoesters stiefmoeder Martine Kennis - - Mirjam de Rooij
Florinda, stiefzus van Assepoester Saskia Schafer - - Ester Floor
Lucinda, stiefzus van Assepoester Roosmarijn van Bohemen - - Roosmarijn van Bohemen
Reuzin ? Lieke van den Broek Hanneke Vos ?
Grootmoeder Esther Maas - - Jeremy Baker
Assepoesters vader Jorge Verkroost - - Paul Groot
Hofmaarschalk Jorge Verkroost - - René van Kooten

In 2001 werd Into the Woods ook gespeeld op De Theaterschool (Amsterdam) in een vertaling van Florus van Rooijen, Bart Jan te Boekhorst regisseerde en de decors en kostuums waren van Jan Aarntzen. De cast bestond uit Jeroen van Koningsbrugge, Wende Snijders, Martijn Hillenius, Florus van Rooijen, Nynke Laverman, Kim van Zeben, Dorien Haan, Vanessa Werkhoven, Sophie van Hoijtema, Joy Wielkens, Maartje Teussink, Javier Guzman, Jurre Bussemaker, Jacqueline Boot, Thijs Maas, Steef Hupkes en Daniël Arends.[9]

Verfilming[bewerken | brontekst bewerken]

Zie Into The Woods

In 2014 werd de musical verfilmd door Walt Disney Pictures.

Trivia[bewerken | brontekst bewerken]

-Door het grimmige verhaal van Into the Woods, spelen sommige middelbare scholen in plaats van de gehele musical, alleen de eerste akte, genoemd Into the Woods Jr.

-De drie biggetjes worden in sommige uitvoeringen wel gespeeld, en in sommige niet.

-Omdat Raponsje en de heks samen niet veel te doen hebben, spelen sommige uitvoeringen ook het lied ‘Our Little World’.

Externe links[bewerken | brontekst bewerken]