Inventum

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Koninklijke Fabriek Inventum kortweg Inventum B.V. is een bedrijf dat als eerste in Nederland kleine huishoudelijke apparatuur maakte en tegenwoordig nog actief is als producent van boilers.

Geschiedenis[bewerken]

Oprichting[bewerken]

Inventumfabriek in Bilthoven, 1921
Koningin Wilhelmina bezoekt Inventum in 1917

Het bedrijf werd opgericht in 1908 door Alexander Vosmaer, een ingenieur die aan de Technische Hogeschool in Delft had gestudeerd en die op studiereis in de Verenigde Staten de toepassingen van het nieuwe energiemiddel elektriciteit voor huishoudelijke apparatuur had aanschouwd. In Bilthoven liet hij op de hoek van de Leijenseweg en de Tweede Brandenburgerweg een eigen bedrijfspand bouwen. Dit werd de allereerste fabriek en werkplaats voor een bedrijfsmatige productie van elektrische apparatuur voor het gebruik binnenshuis die er in Nederland was. Vosmaer begon onder de naam Onvo en later Inventa. In 1915 koos hij voor de naam die zou beklijven, Inventum, gebaseerd op zijn eigen werk als uitvinder in de techniek, afgeleid van het Latijnse werkwoord Inventare.

Productie in de eerste periode[bewerken]

De fabriek begon in de jaren voor de Eerste Wereldoorlog met het ontwerpen en uitvoeren van nog simpele producten als beddenkruiken en strijkijzers. Deze werden ook naar het buitenland geëxporteerd. De eerste ontwerpen waren gebaseerd op bestaande versies van andere fabrikanten in Amerika en Duitsland. In de jaren erna werd het assortiment uitgebreid met elektrische waterkookketels, broodroosters en elektrische kookplaten. De broodroosters werden verpakt in een qua lay-out weelderig ontworpen Art Deco doos[1] van de joodse ontwerpster Fré Cohen verzonden aan de klanten. De producten moesten luxe uitstralen en met een chique doos lukte dat.[2] Hierna kwamen ook luxere producten als sigarenaanstekers en haarkrultangen op de markt. Een grote order die werd binnengehaald was die van de Gemeente Amsterdam in 1918. Deze stad had door de sterk gestegen olie- en kolenprijs door de Eerste Wereldoorlog besloten om alle huizen van een aansluiting op het gemeentelijke elektriciteitsnet te voorzien en bestelde bij Inventum 3000 strijkijzers die zonder winst werden doorverkocht aan de klanten van het net.

Elektrische kachel[bewerken]

In 1917 organiseerde Utrecht in het kader van de eerste Utrechtse Jaarbeurs een ontwerpwedstrijd voor producenten van kachels. Inventum schreef in met een elektrische kachel. De verschillende houten tentoonstellingspaviljoens die verspreid door de stad waren geplaatst, werden verwarmd door elk een inzending van een fabriek. De directie van de Jaarbeurs kon zo de beste uitkiezen en de kachel van Inventum won de wedstrijd tegen de oliekachels en kolenkachels. Dit leverde een bestelling van 200 kachels op voor het Jaarbeursgebouw en een jaar later nog eens 800. Hierna kwam het ontwerp volop in productie voor de algemene markt. Met de kachels sloeg men een eigen ontwerprichting in. De kachels in deze periode werden in een art deco-stijl uitgevoerd met vloeiende belijning en ronde vormen. Eind jaren twintig werden bekende ontwerpers ingehuurd om ontwerpen te maken. In 1929 ontwierp Arie Verbeek een bijzetkachel die geënt was op een beroemde achterpootloze stoel van ontwerper Mart Stam. De kachel bestond uit één verchroomde stalen buis die voor het oog ononderbroken leek en waarvan nog een exemplaar te zien is in het Gemeentemuseum Den Haag. Ook Wim Rietveld ontwierp kachels, een rechaud en later ook een koffiezetapparaat[3] voor Inventum.

Boilers[bewerken]

Eind jaren twintig begon men, getriggerd door de invoering van de goedkope nachtstroomtarieven van de elektriciteitsbedrijven, met de productie van warmwaterboilers. Hierdoor kon het water in de nacht met het goedkope stroomtarief worden verwarmd en overdag worden gebruikt voor huishoudelijke activiteiten. Deze activiteit is als warmwaterdivisie tot de dag van vandaag een kernactiviteit van het bedrijf gebleven.

Predicaat Koninklijk en elektrische deken[bewerken]

Ter gelegenheid van het 25-jarig jubileum werd het predicaat Koninklijk verleend. In 1936 kwam een echt innovatief product op de markt – de elektrische deken – dat aanvankelijk op weerstanden stuitte omdat mensen bang waren een elektrische schok te krijgen. Door een goede reclamecampagne gebaseerd op het benadrukken van de veiligheid (zwakstroom) en de gezondheid slaagde het bedrijf er in om deze angst weg te nemen en het product zou jarenlang een van de pijlers van het bedrijf zijn. In 1980 waren er een miljoen van geproduceerd. Het aantal werknemers dat bij aanvang 8 bedroeg, was begin jaren dertig gestegen tot 420. Door de economische crisis in de periode erna, gecombineerd met de concurrentie van Duitse bedrijven nam dit aantal af totdat men met 200 werknemers eind jaren dertig was.

Tweede Wereldoorlog[bewerken]

Transport per paard en wagen
Transport per paard en wagen in 1944 vanwege brandstoftekorten

Deze periode was voor het bedrijf een zeer moeilijke periode. De grondstoffen werden schaars en toelevering moeizaam. De directie ontsloeg in 1942 alle Joodse werknemers en maakte aan de Duitse bezetter duidelijk dat een aantal van hun producten voor de economie en bevolking van groot belang waren zodat men toch kon beschikken over grondstoffen uit het Oosten. Hierdoor konden er een redelijk aantal werknemers aan de slag blijven waardoor zij niet naar de verplichte tewerkstelling in Duitsland hoefden. Er werden noodkacheltjes geproduceerd waarin men alles kon stoken zodat ook in de hongerwinter mensen nog verwarming hadden. In de grote bedrijfshal werd in het laatste oorlogsjaar een deel ingericht als gaarkeuken omdat dit een van de weinige plaatsen was waar nog elektrische stroom beschikbaar was om grote hoeveelheden voedsel te bereiden voor het personeel en hun families.

Na 1945[bewerken]

De afdeling Industriële toepassingen maakte een grote groei door. Deze afdeling ontwikkelt speciale apparaten voor verwarming en verhitting, van object tot ruimte-verwarming: luchtverhitters, olievoorwarmers, droog- en moffelovens. Een bijzondere specialiteit werd de keukenapparatuur voor aan boord van vliegtuigen, de pantry. Daarnaast ging men verder met de ontwikkeling en fabricage van laboratorium-apparatuur, waarmee men al in 1933 begonnen was (broed- en droogstoven, kiem- en klimaatkasten, sterilisatoren). In 1947 wordt de NV Instrumentenfabriek H.M. Smitt (producent van relais) te Bilthoven overgenomen, in 1957 wordt te Wolvega een tweede productiebedrijf opgericht en in 1960 volgt de overname van de NV Hopmi te Woudenberg. In 1971 wordt de vervaardiging van gecertificeerde apparaten voor vliegtuigen een afzonderlijk bedrijfsonderdeel onder de naam Inventair BV (eveneens te Bilthoven); Hopmi wordt het jaar daarop gesloten en een lege BV. Een verdere uitbreiding is de overname van Email Holland te Meppel voor de vervaardiging van geëmailleerde producten en tot slot komt er een nevenvestiging te Wijk bij Duurstede. In 1981 komt het echter tot een overname door de investeringsmaatschappij De Industriële Maatschappij; vooral de productie van huishoudelijke apparatuur was onder druk komen te staan. Onderdelen worden afgesplitst of verkocht. Zo gaat Smitt in 1984 verder samen met een andere dochter van De Industriële Maatschappij Nieaf onder de naam Nieaf-Smitt. De luchtvaartdivisie wordt eerst verplaatst naar Nieuwegein en vervolgens in 1993 afgesplitst en verkocht aan B/E Aerospace. De elektrische dekenfabriek te Wolvega wordt verkocht aan het Duitse Beurer. Martex Holland BV neemt de resterende delen betreffende klein huishoudelijke apparaten over en komt overeen de merknaam Inventum op deze apparaten te mogen blijven gebruiken. Inventum Huishoudelijke Apparaten is sinds 1994 gevestigd in Veenendaal. De warmwaterdivisie is in het pand in Bilthoven gebleven en hield zich bezig met de productie van warmwaterapparatuur en vermarkt deze onder de naam Inventum. De beide merknamen Inventum klinken hetzelfde maar hebben wel elk een eigen logo. Inventum huishoudelijk heeft sinds 1994 geen band meer met Inventum warmwater. Op 6 mei 2010 werd Inventum Bilthoven getroffen door een grote brand. Het bedrijf heeft inmiddels een nieuw pand in Houten betrokken en produceert tegenwoordig boilers, kokend water apparatuur en ventilatiewarmtepompen.